Het verdwenen orgel

CIMG2741

Dit is het trappenhuis van het Sint- Ignatiuscollege. Een van de weinige plekken in het gebouw die we nog in ongeschonden staat aantroffen. Overal in de school heeft de tand des tijd toegeslagen. Maar dat niet alleen, er zijn ook allerlei toevoegingen die er niet horen. Lelijke decoraties, wanstaltige wandschilderingen, onbegrijpelijke balken die aan het plafond hangen in de gangen van het voormalige patershuis. Om nog maar te zwijgen over wat er allemaal is weggesloopt of weggehaald. Het statige, marmeren beeld van Ignatius van Loyola bij de doorgang van het patershuis naar de school is er niet meer. Het bordes met trap voor het patershuis, waar ooit het lijk van Julius Caesar heeft gelegen (zie hier), is gesloopt. Het gebouw staat er nog, maar de sfeer is weg. Rolf Schoevaart, die ons rondleidde, had dezelfde ervaring. Ooit was hij zelf leerling op het IG, maar later werd hij aangesteld bij het Montessori Lyceum – de huidige bewoner van het IG-gebouw – als hoofd van de administratieve dienst. Hij herkende de sfeer van de oude school alleen nog in de gangen van de nieuwbouw uit 1965. Daar hangt dezelfde geur nog van het linoleum. Wij waren allemaal ruim een halve eeuw ouder geworden, maar we konden het verleden niet meer ruiken. De bedompte lucht van de paters, het onbestemde mengel van wierook en kaarsengeur in de kapel. De geur van het Rijke Roomse Leven was er niet meer.

Maar het trappenhuis is nog hetzelfde. Over deze trap ben ik zelf jarenlang honderden malen van beneden naar boven gelopen en vice versa. Elke dag opnieuw. Het rare is dat ik dit destijds al heel bijzonder vond. Zo herinner ik mij, dat ik in de eerste klas mij een beeld in de geest prentte, terwijl ik naar boven liep. ‘Dit beeld zal ik mij mijn leven lang blijven herinneren’, zo dacht ik bij mezelf. Waarom ik dat dacht, weet ik niet. Feit is dat ik me dat moment inderdaad nog steeds herinner. ‘Laat alle hoop varen, gij die deze trap oploopt’, zou ik met een variant op een beroemde uitspraak van Gerard Reve kunnen zeggen. Maar dat dacht ik niet, al komt het achteraf beschouwd misschien wel op hetzelfde neer. Het katholicisme, dat mij hier met de paplepel werd ingegoten, had geen lang leven meer voor de boeg. Achteraf denk ik wel eens, dat de meeste jezuïeten het destijds ook niet meer zo zagen zitten, maar – zeker in de eerste jaren – lieten ze daar niets van blijken. Integendeel, ze doceerden en zongen tot meerdere glorie van God dat het een lieve lust had.

CIMG2728

vlnr: Wim Jordans. Leonard van Oudheusden, Michel van Overbeek en Rolf Schoevaart

CIMG2724

vlnr: Hans Kraan. Eugène van der Kamp, George Maissan, Loek Nijman, Chris Verwer en Kees Philips. Rechts op de achtergrond Jaap de Hoop Scheffer en Leonard van Oudheusden

Rolf Schoevaart wist zich nog herinneren dat mijn zwager, Evert Soethout, die in december 2012 is overleden, nog verantwoordelijk is geweest voor de verhuizing van het Montessori Lyceum van de Anthony van Dijckstraat naar het gebouw aan de Hobbemakade, waar het IG inmiddels grotendeels was overgebracht naar Purmerend. Er moest nieuwbouw komen voor het Montessori Lyceum, maar Evert, die destijds in het bestuur zat van deze school, stelde voor om te verhuizen naar de leegkomende panden van het voormalige IG. Dat blijkt achteraf niet zo’n goede deal te zijn geweest, want de jezuïeten hadden de panden met heel wat achterstallig onderhoud achtergelaten. Bovendien was deze behuizing al gauw te klein. Tegenwoordig barst de school al helemaal uit zijn voegen. De lokalen zijn te krap geworden. Er zitten nu veel meer leerlingen in een klas dan destijds. Het kan dus best zijn, dat over vijf jaar de gebouwen weer leeg komen te staan. Wat er dan gebeurt is nog onduidelijk. De strijd die destijds werd gestreden tussen de jezuïeten met dollartekens in de ogen en degenen die de functie van het gebouw wilden behouden, zal dan een vervolg krijgen. Misschien komt dan op deze A-locatie in het Museumkwartier wel een chique hotel of een nog rampzaliger prestige-project van een projectontwikkelaar.

Het is te hopen dat de kapel dan bewaard blijft. Gelukkig zijn de meeste glas-in-loodramen van Joep Nicolas er nog, alsook zijn fraaie glasmozaïek achter het voormalige altaar. Maar daar hangen nu wel zwarte gordijnen voor, want de kapel wordt gebruikt als toneelruimte. Het orgel is al verdwenen, zoals Nard Loonen tot zijn schrik moest constateren. Daarboven op het koor hebben we destijds gezongen in een koor van 120 man. Michel van Overbeek en ik behoorden tot de sopranen, de solisten zelfs, maar we waren niet de topsolist, want dat was Ad van Haaren. Die zong letterlijk de sterren van de hemel, tot grote ergernis van Michel en ik. Daar kwamen we nooit bovenuit.

CIMG2734

Het verdwenen orgel in de voormalige kapel

IG-koor 1960-61

Schermafbeelding 2014-05-04 om 13.23.45

Koor van het IG, Nachtmis Kerstmis 196o, links van mij Michel van Overbeek

Het orgel is meegenomen naar een kerkje in Italië. Nard gaat uitzoeken waar dat is en wil die plek ook gaan bezoeken. Het is wonderlijk dat deze kapel nog altijd niet als cultureel erfgoed wordt herkend (behoudens het werk van Joep Nicolas dan). Hier, op deze geheiligde plek, is de liturgievernieuwing van de jaren zestig begonnen, die door het bevlogen duo Bernard Huijbers en Huub Oosterhuis in gang werd gezet. Hier vond de roemruchte studentenekklesia zijn eerste onderkomen. Straks wordt het wellicht een ruimte voor feesten en partijen voor de jetset uit de grachtengordel. Schande! Wie bekommert zich nog om de recente historie van het katholicisme, de geschiedenis die ik beschreven heb in mijn boek Modernisme in Lourdes.

Eenmaal aangekomen in de voormalige kapel moest het dan toch gebeuren. Nard hield een korte toespraak en vroeg een minuut stilte voor de twee klasgenoten die inmiddels overleden zijn: Co Oud en Kees van Rooyen. Heel even leek de kapel weer een kapel te worden. Er werd een piano tevoorschijn geschoven van achter de gordijnen. Rob Goorhuis, inmiddels een bekend componist onder meer van kerkmuziek, maar ook van de muziek die bij de dodenherdenking op de Dam te horen is, nam plaats achter de piano en begon te spelen. Nard nam zijn oude rol van dirigent weer op. We zongen uit volle borst, zo hard dat Kees en Co het gehoord moeten hebben…

Wij gaan langs Amstels wegen
Door ‘t drukke stadsgewoel
Bij zonneschijn en regen
‘t College blijft ons doel
Wie ‘t leven willen wagen
Die komen hier bijeen
Voor grote levensvragen
En gaan ook graag weer heen

Dagen worden jaren
Met kracht erdoor gevaren
De jaren gaan voorbij
Bij tij en tegentij
Wij maken rechte banen
Al is het hoge zee
Als echt Ignatianen
Want God vaart met ons mee.

Komt het grote leven
Het blijft een avontuur
Met ingespannen streven
Met plichten zwaar en duur
Dan willen wij met ere
De levensstrijd doorstaan
Voor land en volk ons weren
Als oud-Ignatiaan.

 

Laat een reactie achter

(verplicht)

(verplicht, wordt nooit weergegeven)