Met een kaal intellect in een kale wereld

vestijksierksma

‘De moderne intellectueel staat met een kaal intellect in een kale wereld en hij zal daar moeten blijven zonder te capituleren, maar ook zonder van de nood een deugd te maken. Hij staat tussen twee vuren en hij zal het in deze situatie moeten uithouden. Uithouden – dat is onze laatste voorlopige moraal. De deugd van het uithoudingsvermogen hebben wij in de nog niet vergeten jaren 1940-1945 leren beoefenen.’

Aldus Fokke Sierksma in zijn essay Tussen twee vuren dat verscheen in 1952. Ik vond het onlangs als een beduimeld boekje bij een antiquariaat in Groningen. Sierksma schreef het in 1948, als een reactie op het ongemeen felle debat dat in 1948 oplaaide na het verschijnen van het boek ‘De toekomst der religie’ van Simon Vestdijk. Zowel gelovigen als atheïsten voelden zich aangesproken door het betoog van Vestdijk, maar vooral de vaktheologen trokken fel van leer. Sierksma had het boek destijds vier maal gelezen, dus het moet hem diep hebben geraakt. Hij noemt het dan ook ‘een tijdbom onder de verschillende westerse zekerheden’. Lang niet altijd is hij het met Vestdijk eens, maar waar hij zich vooral aan stoorde is het niveau van het debat. Vestdijk werd door menig theoloog op ongenadige wijze neergesabeld.

De belangrijkste kritieken van De Vos, Miskotte, Bleeker en Mankes –Zernike (de weduwe van Jan Mankes) heeft Sierksma integraal opgenomen achterin zijn boekje, inclusief de replieken van Vestdijk. Het was een debat dat zich voornamelijk afspeelde in dagbladen, voor het oog dus van het grote publiek. Maar wat de druppel vormde was de kritiek op Vestdijk van zijn leermeester Prof. dr. G. Van der Leeuw, die in 1950 was overleden. Ook die kritiek was beneden de maat, vond Sierksma. Van der Leeuw vermeed een werkelijke dialoog en deed het boek van Vestdijk af als irrelevant, omdat de auteur zich ‘buiten de religie’ zou bevinden. Vestdijk was een burger en geen theoloog, laat staan een gelovige. Niet alleen de vaktheologen voelden zich aangevallen, ook voor de gelovigen was Vestdijks boek letterlijk een vloek in de kerk.

En dat terwijl Vestdijk zo mild geoordeeld heeft over de toekomst van de religie. Hij prijst omstandig de beschavende werking die van de religie in de geschiedenis is uitgegaan. Zelfs voor het katholicisme heeft hij mooie woorden over: ‘een interessante instelling oneindig veel belangwekkender dan literaire kringetjes.’ Het essay van Sierksma is dan ook vooral interessant omdat het zijn eigen verwarring en twijfels laat zien. Het is ook een tijd van verwarring zo rond 1950. De oorlog is nog maar net voorbij en grote dreigingen dienen zich aan in de Koude Oorlog. Er heerst angst voor een totalitaire staat, voor een samenleving als totaalmachine met robots en vervreemde mensen. Een maatschappij als één grote mierenhoop. De doembeelden van Aldous Huxley en George Orwell liggen nog vers in het geheugen. Maar ook het kwaad van Stalin, dat door Arthur Koestler is ontmaskerd.

Het is een tijd, waarin – volgens Sierksma – de religie een individuele aangelegenheid bij uitstek is geworden. Religie ziet hij primair als de relatie tussen mens en zijn transcendente werkelijkheid. De moderne mens worstelt met de teloorgang van transcendentie, maar de belangstelling voor religie is zo kort na de oorlog wellicht groter dan ooit tevoren. Het door Nietzsche gepubliceerde overlijdensbericht van God heeft de belangstelling voor religie bij het merendeel van de West Europeanen alleen maar aangewakkerd, zo constateert Sierksma. De moderne mens, zo stelt hij, moet berustend toezien hoe op het ogenblik zijn toekomst wordt voorbereid door kernfysica en theologie.

Wat zocht Sierksma? Wat dreef hem? Waarom had Vestdijk hem zo geraakt? Waarom was hij zo kwaad op zijn criticasters die hem met ‘gooi en smijt werk’ monddood wilden maken?  Een intellectueel, zo stelt Sierksma, heeft een zeer grote marge van religiositeit. Hij ontkent dat zelf graag. Het is ook niet makkelijk om in het publiek in zijn hemd te staan en nog minder gemakkelijk om deze vertoning op te voeren voor de spiegel. Dat uitkomen voor je eigen fascinatie voor religie was na de dagen van Ter Braak een beetje een taboe geworden. Sierksma laat zich zeer kritisch uit over de Ter Braak die in de ban zou zijn geraakt van de overlijdensakte van God die Nietzsche had doen uitgaan. Ter Braak kreeg voor de oorlog zo weinig weerstand onder Nederlandse intellectuelen, omdat maar zeer weinig mensen Nietzsche echt gelezen hadden. Vestdijk had dat wel en wijst andermaal op de gevaren. Wie als mens het goddelijke naar binnen haalt krijgt last van een zekere opgeblazenheid, een proces van inflatie dat vroeg of laat tot catastrofale gevolgen leidt. Nietzsche werd de spanning der inflatie zo groot dat zijn brein uiteindelijk is geëxplodeerd.

Vestdijk gaf een toekomstverwachting van de religie, maar het schrijven over de toekomst gaf hem vooral ruimte om zijn eigen positie ten aanzien van religie te onderzoeken en te bepalen. Wonderlijk genoeg spreekt Sierksma niet over het ‘waardig afscheid van de religie’, woorden die Vestdijk letterlijk noemt. Sierksma bekritiseert het toekomstbeeld dat Vestdijk schetst. De typologie die Vestdijk hanteert – en die voornamelijk gebaseerd is op godsdienstpsychologen als Jung en Jaentsch –  deugt niet. Hij wijst ook op aperte fouten bij Vestdijk. Het Jodendom, dat verkeerd geïnterpreteerd wordt, evenals het boeddhisme, waar hij te weinig van weet. Kunnen wij westerlingen het boeddhisme wel begrijpen? Boeddhisme als religie bestaat eigenlijk alleen in het Oosten. En toch is de drang naar het Oosten groot, ook rond 1950. Sierksma wijst op Huxley, Sartre en Koestler die ieder op hun eigen wijze verlangden naar oosterse wijsheid.

Maar Vestdijk? Hij weet het ook allemaal niet zo precies. Hij zet in ieder geval niet alles op één kaart. Christendom zal zich handhaven door zich aan te passen aan de gewijzigde omstandigheden, zo stelt hij. Maar die bewering neemt hij even later weer terug. Uiteindelijk ziet Vestdijk een toekomst gloren voor een soort tussenvorm van het sociale en het mystieke menstype. De mens die zijn projectie van God heeft teruggenomen. Maar kan dat wel zo maar, de projectie van God terugnemen?  Alsof je een hengel ophaalt uit het water. Het hele betoog van Vestdijk draait om het fenomeen ‘projectie’. De projectie van God door het metafysische menstype. God bestaat niet, dat is de crux van de projectie. Juist het ‘niet bestaan van God’ maakt de projectie metafysisch. God is een illusie die door de menselijke psyche wordt gecreëerd. Het is een drogbeeld dat de mens naar buiten werpt, zoals Kant beweerd heeft dat de menselijke geest ook ‘ruimte’ en ‘tijd’ naar buiten werpt.

Maar die kantiaanse projectie van ruimte en tijd kan de geest niet terugnemen. De projectie van God kennelijk wel. Het is een raadselachtige neiging van de mens om God als een bestaand wezen naar buiten te projecteren. Het is bijna een neurose en Freud heeft deze drang van de mens dan ook als een neurose omschreven. Critici wezen erop dat de God-projectie geen uitvinding was van Freud, maar ook door Feuerbach al is aangetoond. Sierksma beweert dat het denken over God in termen van projectie als bij Xenophanes is terug te vinden. En toch rijst hier de kernvraag: kun je nog over God spreken, zodra je dat doet in termen van projectie? Maakt het fenomeen ‘projectie’ als zodanig het debat over religieuze zaken niet tot een schijndebat?  ‘Projecterenden’ en ‘niet-projecterenden’ hebben het immers over heel verschillende werkelijkheden. In dat opzicht had Van der Leeuw misschien dan toch gelijk door het boek van Vestdijk voor het theologisch discours als irrelevant te bestempelen.

Hoe dan ook, projectie – zo stelt Vestdijk in navolging van Freud – is te gevaarlijk voor de mens en moet dus plaats maken voor andere vormen vormen van religie. De projectie moet teruggenomen worden. Eigenlijk kan alleen de mystieke mens als godsdienstig type overleven. De mystieke mens is ‘naar binnen geïntegreerd’ in tegenstelling tot de metafysische mens die ‘gedesintegreerd’ is. De sociale mens is ‘naar buiten geïntegreerd’. Maar deze schematische indeling doet de werkelijkheid geweld aan. Sierksma wijst erop dat ook de metafysische mens sociaal georiënteerd is getuige de ‘caritas’ in het christendom. Bovendien doet ook de sociale mens aan projectie. Zijn ideaalbeeld van een rechtvaardige samenleving projecteert hij namelijk in het hier en nu of in de nabije toekomst, met alle gevaren van intolerantie die dat kan opleveren. De utopische constructie van Vestdijk berust dus op ‘wishfull thinking’. Vestdijk ‘denkt teveel’ en heeft bovendien een blinde vlek.

Die psyche bevat zulke grote energieën dat zij niet tot de grenzen van de individualiteit beperkt blijven. Volgens Sierksma spreekt Vestdijk over dat soort zaken te lichtvaardig. De mens krijgt zichzelf niet op orde, nu niet, straks niet en ook niet in een verre toekomst. De seksualiteit, zo meent Vestdijk, zal uiteindelijk voor de mens geen probleem blijken te zijn, terwijl daar juist heel wat ontsporingen – zoals de massahysterie – hun oorsprong vinden. Sierksma vindt Vestdijk op dit punt naïef. ‘Men steekt God noch de seksualiteit in zijn zak.‘ Er blijft altijd iets over in de mens dat onbegrensd is of het onbegrensde opzoekt. In zijn kritiek op Vestdijk hanteert Sierksma een subtiel onderscheid tussen transcendentie en metafysica. Er zijn verschillende vormen van transcendentie, ook in de diepste lagen van de menselijke psyche. Transcendentie kan blijven bestaan zonder metafysica, zoals ook in de psychologie van Jung beschreven wordt.

Jung noemde het ‘Zelf’ transcendent omdat het een werkelijkheid is die buiten het bewuste leven blijft bestaan en nooit geheel in het bewustzijn kan worden opgenomen. Het ‘Zelf’ is groter dan zichzelf. Sierksma wijst ook op het belang van het symbool. God sterft, volgens Jung, wanneer zijn gelovigen zijn waarheid op een andere dan symbolische wijze kunnen formuleren. Symbolen zijn tekenen op de grens van het menselijk bestaan, die de enkeling en de gemeenschap bijeenhouden. De kunstenaar kan van het ene naar andere symbool overspringen. In de religie is dat niet het geval. Wanneer de mens zijn eigen grensgebied niet erkent en daarin geen plaats laat voor een samenbindend symbool, verschijnt in die marge vroeg of laat een duivel, als een projectie van de mens.

De eerste jaren na de oorlog waren jaren van vertwijfeling. De mens leek op drift, verbannen uit een vertrouwd wereldbeeld en zoekend naar een nieuw ideaal zonder opnieuw te ontsporen in de gebaren van dictatuur en intolerantie. Religie was een ‘hot item’ in dat debat. Na het proces van radicale secularisering, dat in de jaren zestig zijn beslag zou krijgen, was het lange tijd moeilijk voorstelbaar dat verstandige mensen zo kort na de oorlog religie nog heel belangrijk vonden. Maar de tijden veranderen. Het religiedebat in de huidige multiculturele samenleving zet de discussie van destijds in een nieuw licht.

Tolerantie was rond 1950 een punt van hevige discussie, maar de intoleranten waren niet de moslims of de politieke populisten van vandaag. De intoleranten van toen waren toch vooral de calvinisten die herinnerd werden aan de fundamentalistische kern in de leer van Calvijn. ‘De overheid moet ruimte laten voor atheïstisch geloof’, zo had de theoloog Miskotte – een van de felste criticasters van Vestdijk – met zalvende woorden beweerd. Maar Sierksma vertrouwde hem niet. Hoezo tolerant? Calvinisten zullen, als ze waarlijk de macht hebben, elke kritiek op hun godsbeeld verbieden. Is men eenmaal uitverkoren, zo stelde Calvijn, dan is alles wat mens doet goed. Zelfs de terreur krijgt Gods zegen als uiterste consequentie van Calvijns genadeleer.

Vestdijk raakte een open zenuw in het land van ouderlingen en mannenbroeders. Sierksma voelde de pijn die dat teweegbrengt als een plaatsvervangende schaamte. Een pijn die vandaag  – zij het door anderen – opnieuw wordt gevoeld. Tussen atheïstisch rationalisme en de strijd tegen terreur is er is steeds minder ruimte voor een religieuze gevoeligheid los van elke waarheidswaan. Fundamentalisme gaat niet alleen op voor de religiefanaat, maar ook voor wie de religie verkettert tot elke prijs. Wie dat middengebied wil betreden voelt zich behept met een kaal intellect in een kale wereld. De vuurlinies zijn veranderd, maar de positie van Sierksma – tussen twee vuren – is nog even actueel.


8 Reacties »

  1. Aldus H.

    12 december 2015 op 02:58

    Ik zag laatst wel een leuke docu op tv.

    Het begin helaas gemist, en wat met een half oog bekeken, want moest nog dingen doen ondertussen. Ging over: integratie.

    Van wie? Een westerling. Een journalist, of programmamaker oid.
    Bij wie? Bij Zoeloe’s!

    Toen ik deze docu zag dacht ik: ja, zo hoort het!

    Nogmaals het begin gemist, en ik schakelde in bij dat de westerling mee moest helpen om een koe te slachten, vlees te bereiden etc. Tevens moest hij meedoen met diverse rituelen, zoals vers bloed drinken enzovoorts.

    Langzamerhand werd echter toegewerkt aan de ‘finale test’: een stokkengevecht. Ook hier weer allerhande rituelen en bewerkingen vooraf zoals stokken zoeken/maken, bewerken etc.

    Men leerde hem ook wat de bedoeling was, hoe je met stokken moest vechten enz. De regel was: stoppen bij 1 druppel bloed.

    Maar waar het allemaal om ging was het hele sociale proces eigenlijk. Wat zijn je skills, hoe snel pik je iets op, hoe communiceer je, respecteer je onze gebruiken, onze rituelen, onze denkwijzen, onze levenswijze, hoe sociaal ben je. Als laatste moest je uiteindelijk wel vechten, maar meedoen was vooral belangrijker dan winnen.

    Het ging vooral ook om respect. Wederzijds!
    Integreren is prima maar je moet het wel verdienen!
    Je moet er iets voor doen.

    En dat stokvechten ging met name om: halen we geen kneus in huis.
    Dat je iig in staat jezelf bent te redden, dat je de groep niet ophoudt in tijden van nood of oorlog.

    En na het stokvechten was het feest, werd die koe opgegeten.

    Kijk. Dat is pas Mienskip creeren!

    Rest heb ik niet kunnen zien want ik moest weg.

    Hoe anders is het met de huidige asiel eisers zoekers situatie.
    Kom maar binnen met je knecht familie, je hoeft er niks voor te doen, niks voor te bewijzen, niks voor te geven.
    Respect moet je altijd verdienen. Daar moet je dus iets voor doen. Maar wat nu als je helemaal niks hoeft te doen, sterker nog, je mag niet eens wat doen, hoe creeer je dan wederzijds respect?

    Nog afgezien dat je niet eens weet WIE je binnenhaalt? Geen enkel filter?

    Op het internet kun je gewoon nep diploma’s, paspoorten of huwelijksactes kopen. Staat gewoon openbaar. Al jaren.
    Telefoonnummers staan er gewoon bij. Ik heb ze hier al eens opgesomd. In Turkije o.a. Een Nato land nota bene. Waarom laat het westen/Nato dit toe? Bel je oud klasgenootje maar eens Huub. Die van Schoffelen, of hoe heet ie ook alweer. Vraag hem maar eens hoe dit zit. Hoe het westen toestaat dat criminelen en oorlogsmisdadigers gewoon voor een paar tientjes een nieuwe identiteit kunnen kopen. (waarmee ik niet wil zeggen dat elke vluchteling een crimineel is, hou me ten goede)

    Geen enkele nieuws media die hier over rapporteert, geen enkele vraag gesteld door politici. Ook niet over dat Erdogan en zijn zoon ISIS financiert door hun gestolen Syrische olie te kopen. En traint. En van wapens voorziet.
    Het westen is daarmee hoofdfinancier van ISIS. Daarmee BEWUST hoofdsponsosr van notabene de/ieders vijand!

    Dit is Mienskip op zijn kop.

    Nogmaals: BV Frl kan beter bedanken voor de titel CH2018.
    Onder het mom van: ‘Hartelijk dank voor de toekenning, maar wij zijn van mening dat de EU en Nato de veiligheid niet kan garanderen van alle de verwachten bezoekers’.

    En dan lieg ik eigenlijk ook nog niet eens…

    De EU doet er namelijk ALLES aan om de EU burgers zoveel mogelijk te heerschen ende te verdelen (anti-Mienskip) en dan zal Bv Frl inzetten op Mienskip? Dat is keihard tegen het beleid in van de EU. Die ga je dan toch niet promoten?

    Voor de eer bedanken. Is het beste, meest epische en meest dappere wat Lwd kan doen. Hou je namelijk ook de eer aan jezelf!

    Is trouwens ook nog maar afwachten of het tegen die tijd geen oorlog is met Rusland, want ook daar wordt keihard aan gewerkt.
    Door diezelfde EU. Nu wil Oekraine ineens zijn 3 miljard schuld aan Rusland niet betalen voor geleverde olie en gas. Oekraine, u weet wel, het nieuwe knuffelbeestje van de EU.

    Afijn.

    Betreffende docu heb ik niet kunnen vinden, meende van BBC, maar hier iets vergelijkbaars.
    http://www.youtube.com/watch?v=Q4RPk02oxp0

    Overigens ook aardig: de staat van NL in cijfers.
    BV NL en EU en omstreken spenderen liever miljarden of triljarden om netto 3,2 particles per miljoen CO2 in lucht te bestrijden. Dit is beyond Orwell, Huxley en Idiocracy.

    Ik kan dit niet anders opvatten dan genocide op eigen bevolking. (net als die extreem hoge prijzen van sommige ‘genees’ middelen trouwens. Die NOG hoger zullen worden als de eu TTIP goedkeurt)
    En die dien je in 2018 niet toe te juichen. Van eigen geld ook nog eens…

    http://boinnk.nl/104052/hoe-we-worden-voorgelogen-even-wat-cijfertjes-op-een-rijtje/

  2. Aldus H.

    12 december 2015 op 04:02

    Oh, en ik stuitte toevallig op een site die gaat over diverse soorten drugs.

    Hier uitleg over amphetamine. Hitler gebruikte o.a. Pervitin, een soort van wat zwakkere vorm van meth. Kijk wat dat met je doet. Maar simpel gezegd komt het neer op: het verandert je hele persoonlijkheid. Daarbij gebruikte Hitler ook nog weet ik wat voor andere medicijnen.

    Je kunt gerust stellen: er was eigenlijk niks meer natuurlijks meer aan
    die hele Hitler. Stond continu stijf van de drugs en medicijnen.

    Iedereen die op wat voor manier dan ook wil uitzoeken ‘hoe Hitler toch zo wreed en onmenselijk kon zijn’ die kan zich het laplazerus zoeken. Hitler was dan ook geen mens meer maar een cocktail van drugs. Een bio-technisch experiment. Met dramatische gevolgen.

    http://nl.drugfreeworld.org/drugfacts/crystalmeth.html

    Ps: kunnen we overigens over 70 jaar ook lezen dat NL en EU politici hebben geleden aan een ernstige vorm van kwikvergiftiging?
    Het zou mij namelijk niks verbazen.

    Ik ben derhalve ook voor een wet die zegt dat elke politicus moet worden getest op aanwezigheid van zware metalen in het bloed. Noem het een ‘oorlogs-voorzorgs-maatregel’. Lood en kwik hebben ongeveer uitwerking als van sommige drugs. Je wordt er knettergek van. Zie val Romeinse rijk. Met dit verschil; makkelijker (stiekem) toe te dienen door bijv een vijandige natie, subject merkt er in eerste instantie helemaal niks van, werkt jaren lang door en subject kan op geen enkele manier nog rationele beslissingen nemen. Prioriteits besef van nul.

    Strand je op de noordpool bijvoorbeeld, zoals Franklin, dan is je eerste prioriteit: piano in de reddingsboot laden.
    Of: er wordt een vliegtuig uit de lucht geschoten terwijl je nog geen idee hebt wie dit heeft gedaan maar je voert alvast wel economische sancties uit tegen Rusland. Daarmee de EU, de eigen onderdanen, voor 100 miljard schade aan te brengen. Over in eigen voet schieten gesproken.
    Vervolgens krijg je ook nog eens promotie voor het aanbrengen van die schade.
    Of: je volk kan naar de voedselbank. Véél belangrijker is om miljarden belastinggeld (uw geld) uit te geven om maar liefst 3,2 moleculen per miljoen CO2 uit lucht te halen om ‘de aarde te redden’.

    3,2 moleculen per miljoen CO2 zijn niet in staat om schade aan te richten van welke proportie dan ook. Maar 3,2 terroristen per miljoen immigranten zwaar op speed/Captagon/meth kunnen dat bijvoorbeeld weer wél.

    Zoiets heet dan: operatie geslaagd, volk overleden.

    Voor wie weinig begrijpt van politici: zie ze eens als slachtoffers van lood vergiftiging. Ineens wordt alles véél duidelijker.

  3. Wies de Winter

    12 december 2015 op 15:38

    Hoi Huub,

    ik lees een stukje en herken onmiddellijk mijn liefelingsjuweeltje in je woorden over fokke, of foppen, hij blijft trainer in heerenveen hoorde ik net, hij kan goed met jong spul overweg, gelukkig maar denk ik dan, hij moet wel wat vroeger naar bed want het is behoorlijk inspannend allemaal. Fokke, ook goed, die ken ik dan weer niet.

    Maakt allemaal niet uit ik begreep de essentie van je verhaal onmiddelijk en herkende mijn sandor marai erin, heb niet verder gelezen en ook de eerst twee posten boven mij overgeslagen want mijn juweeltje is mij meer dan lief, bij mij is het de ingevulde lange U
    Gloed, heet het, je kent het vast wel , destijds heeft die jongen die jij noet mag, die recensent die in Rome is gaan woenen en rond zijn vijftigste stierf, ik had hem altijd wel hoof zitten, erudiete man en hij liet het merken ook , in mijn omgeving stikt het van dit soort mannen en dat is niet voor niets, ik mag dat vreemd genoeg wel , soms.

    Het pareltje gaat over een enkel gesprek tussen twee mannen die elkaar na 41 jaar terugzien, ze hielden van dezelfde vrouw, voor mij gesymbolisserd door het plaatje op de voorkant van het boekje.ik doe haar even dat praat wat gemakkelijker, ik ken haar wel maar jij misschien nog niet, het is de vrouw met het oorringetje van Breitner. Ze zoekt haar oor in de spiegel want ze kent zelf geen narcissus in het zwarte ven, ze heeft geen eigen waarde, daarom dragen vrouwen oorringen, maar dat wisst jij natuurlijk allang weer. Ze willen mooi zijn voor een man om zich in hun blik te kunnen spiegelen, bij gebrek aan een eigen narcissus. Ik gooi haar er even uit of in , meteen even kijken of het boeltje werkt hier.

    https://nl.wikipedia.org/wiki/Het_oorringetje#/media/File:George_Hendrik_Breitner_-_The_Earring_-_Google_Art_Project.jpg

  4. Wies de Winter

    12 december 2015 op 17:00

    De en man krijgt haar, wel, de ander niet. Ik geef toe een beetje keukenmeidenromanonderwerp maar de man schrijft zulke heerlijke zinnen.

    Ik doe even een willekeurig zinnetje voor de sfeer die zo anders is dan die van Fokke, ieder zijn muziekje maar ik wil je mijne even laten horen door het oorringentutje heen.

    ‘Tot vijf uur kwam er geen teken van leven uit zijn kamer. Toen belde hij om de kamerdienaar en vroeg om een koud bad. Het middagmaal zond hij terug, hij dronk slechts een kopje koude thee. Hij lag op de divan in de halfduistere kamer, achter de koele muren gonsde en gistte de zomer. Hij luisterde naar het kokendhete zieden van het licht, naar hert ruisen van de warme wind door verslapte bladeren en merkte elk geluid in het kasteel op. ”

    Kijk Huub, dat is pas taalgebruik, zo’n man daar kan je in , je voelt de temperatuur van zijn galblaas, je kunt een ritje mee in zijn bloedbanen, je kan hem haast horen luisteren als je aan zijn binnenoor gaat hangen, je raakt met zo’n man nieuwsgierig naar geluiden elders, zou ik dat ook kunnen oren als ik in zo’n man zou zitten.

    Het zijn vrouwendingen, dat weet ik ook wel, brocantengedoe maar dat is bij marai wel op heel erg hoog niveau. Dat is ook zo bijzonder aan deze parel, je leest vrouwengevoel beschreven door een mannenpen. Je voelt je als lezer haast een voyeur als je meeleest, voyeur in een liefdesspel.

    Hij kleedt alles ook zo vreselijk rijk aan, de ene man is uiteraard een oude generaal, die zijn heerlijk om aan te kleden, Marai kan dat als geen ander, hij kent uit eigen ervaring de oorkondes, de keurig rechte rijen medailles, de hoekig schouders, het linealen-passerwerk, maae dan is het leukstm, vind ik dan, om daar invulling aan te geven,

    ik bedoel dit, ik laat weer even Marai aaan het woord:

    De moeder van de generaal, de gravin, had het kasteel tot verboden terrein verklaard voor de jagers, ja, ze had alles verboden en verwijderd wat aan de jacht deed denken, de wapens, de munitietassen, de oude pijlen , de opgezette vogel- en hertenkoppen, de geweien.

    Mmmmm, heerlijk vind ik dat laatste, ik ben zelf helemaal geen verzamelaar daar is mijn hoofd bveel te rommelig voor, bij mij moet alles meteen weer leeg om een heleboel nieuwe confetti van iets te scheuren.

    Zo ben ik een groot bewonderaar van de boeken van Umberto Eco maar dan komt er een boek van hem dat er een beetje buiten valt. De betovering van lijsten, ik raak echt al opgewonden als ik de kaft aanraak, de dikke letters die bovenop het boek liggen, wit, rond en zacht en dan een voorplaat van fluisterende vrouwen die blootvoets de trap afdalen. Alles rond, zacht en frivool. Maar strak in een lijst van Eco is ook echt heel erg mooi. Een gescheurde kous van Andre Breton bij voorbeeld, waarin de kous op bijzondere wijze weer ontleed wordt.

    Ik draaf een beetje door met ‘de betovering van lijsten in mijn hand’ ik moet mezelf zien te temmen. Echt Huub volgende keer lees ik je gewoon tot het gaatje, als ik onderweg niet ergens door wordt afgeleid.

  5. Huub Mous

    12 december 2015 op 17:09

    @ Wies de Winter

    Ja ja, Virginie, ik zie het. Je bent weer terug. Prima. Maar je weet het. Zodra het weer porno wordt, kinkel ik je eraf.

  6. Hamoud

    12 december 2015 op 19:54

    Silhouettes of Beauty and Coexistence before the Devastation

    ‘DURING MY FIRST WEEKS in Damascus, I was pleasantly shocked. My preconceived notions were shattered: I expected to find a society full of veiled women, mosques on every street corner, religious police looking over shoulders, rabid anti-American sentiment preached to angry crowds, persecuted Christians and crumbling hidden churches, prudish separation of the sexes, and so on. I quickly realized during my first few days and nights in Damascus, that Syria was a far cry from my previous imaginings, which were probably more reflective of Saudi Arabian life and culture. What I actually encountered were mostly unveiled women wearing European fashions and sporting bright makeup — many of them wearing blue jeans and tight fitting clothes that would be commonplace in American shopping malls on a summer day. I saw groups of teenage boys and girls mingling in trendy cafes late into the night, displaying expensive cell phones. There were plenty of mosques, but almost every neighborhood had a large church or two with crosses figured prominently in the Damascus skyline. As I walked near the walled “old city” section, I was surprised to find entire streets lined with large stone and marble churches. At night, all of the crosses atop these churches were lit up — outlined with blue fluorescent lighting, visible for miles; and in some parts of the Damascus skyline these blue crosses even outnumbered the green-lit minarets of mosques’.

    https://cdn-images-1.medium.com/max/1000/1*g5ZFqEAqcKtKh99cecmI2w.jpeg

    https://cdn-images-1.medium.com/max/2000/1*fEOhcxdQxnsbhvLV_8wBzw.jpe.
    BRON: A Marine in Syria, Brad Hoff

  7. Mona

    12 december 2015 op 20:06

    Is die Rutte eigenlijk wel door de AIVD gescreend?

  8. Aldus H.

    13 december 2015 op 01:18

    @ Hamoud!
    Lebanon werd ooit het Zwitserland van het midden oosten genoemd.

    Totdat het westen er zich mee ging bemoeien uiteraard.
    Zal vast wel weer iets te maken hebben gehad met ‘democratie brengen’ zodat dat land ook weer terug naar de middeleeuwen kon worden gebombardeerd.

    Maar even een stikje Libanese Mienskips duiding dan maar.

    http://www.youtube.com/watch?v=gtjNYSqIFzU

    En Google anders verder maar eens op Lebanon Dance Festival.

    En mijnheer Hamoudski:

    Deze vindt U vast ook interessant om te kijken, voor zover niet bekend.

    ‘Noam Chomsky is one of the superstars of the intellectual world; a prolific author and self-proclaimed anarchist, who, at the age of 86 still doesn’t seem to be slowing down. He still rails against a whole host of perceived injustices, with the West generally in his line of fire. Isabelle Kumar of Euronews interviewed him ”

Laat een reactie achter

(verplicht)

(verplicht, wordt nooit weergegeven)