De blinde vlek van de psychiatrie

You:

‘Ik was vermoedelijk knetter, ja. Maar ik kende de neiging niet om dat om te zetten in een naturalistische vertelling, zoals Reve. Maar het boek ( Archibald Strohalm ) heeft absoluut psychotische trekjes. Archibald Strohalm heeft mijn kruis op zich genomen.’ Deze woorden van Harry Mulisch worden geciteerd door Hans Dütting in zijn boek ‘Profiel Harry Mulisch’ . Dat doet hij zonder bronvermelding. Waarschijnlijk komt deze uitspraak van Mulisch uit een kranteninterview uit het begin van de jaren vijftig.  Mulisch was naar eigen zeggen dus vermoedelijk ‘knetter’. ( ander gezegd: psychotisch).  Hoe komt het dat psychiaters nooit een studie aan het vroege werk van Mulisch hebben gewijd? 

ChatGPT:

Het is mogelijk dat psychiaters en psychologen in de loop der jaren studies hebben verricht naar het vroege werk van Harry Mulisch en zijn mogelijke psychische toestand. Echter, het is ook mogelijk dat het vroege werk van Mulisch niet zo prominent is onderzocht op dit gebied in vergelijking met zijn latere werken of dat onderzoekers meer geïnteresseerd zijn geweest in andere aspecten van zijn literatuur.

De relatie tussen creativiteit, psychische gezondheid en literatuur is een complex onderwerp dat de interesse van verschillende disciplines kan wekken, waaronder literatuurwetenschap, psychiatrie en psychologie. Sommige onderzoekers hebben de neiging om meer te focussen op de psychologische aspecten van het werk van auteurs, terwijl anderen zich meer richten op literaire analyse en interpretatie.

Als u geïnteresseerd bent in dit specifieke aspect van het vroege werk van Harry Mulisch, kunt u overwegen om zelf onderzoek te doen en mogelijk een academische studie te initiëren die zich richt op dit onderwerp. Dit zou een waardevolle bijdrage kunnen zijn aan het begrip van de relatie tussen creativiteit en psychische gezondheid in de literatuur.

Het is ook mogelijk dat er, gezien de beperkte beschikbaarheid van informatie en bronnen uit die tijd, beperkingen zijn in het verkrijgen van diepgaande inzichten in de psychische toestand van Mulisch tijdens het schrijven van zijn vroege werk. In veel gevallen zijn dergelijke analyses gebaseerd op beschikbare bronnen en getuigenissen van de auteurs zelf.

You:

In een artikel in het Algemeen Handelsblad van 15 augustus 1964 verklaarde  de beroemde psychiater H.C. Rümke over Harry Mulisch het volgende: ‘Wanneer hij niet in een ravijn stort kan hij misschien het hooggebergte bereiken.’ Die woorden laten zien dat Mulisch volgens deze psychiater een groot vermogen had om de menselijke psyche te doorgronden. Toch legde Rümke destijds  geen verband met de psychische problemen waarmee Mulisch rond 1950 zelf te stellen had gehad. Hoe is zo’n blinde vlek te verklaren? 

ChatGPT:

Het is interessant dat de beroemde psychiater H.C. Rümke opmerkte dat Harry Mulisch het vermogen had om de menselijke psyche te doorgronden, maar tegelijkertijd geen verband legde met de psychische problemen waarmee Mulisch zelf te maken had gehad. Dit kan mogelijk worden verklaard door verschillende factoren:

  • Beperkte informatie: Rümke had mogelijk niet alle details en informatie over de psychische problemen van Mulisch in de vroege jaren 1950. Informatie over iemands persoonlijke gezondheidsgeschiedenis kan privé zijn en niet altijd openbaar beschikbaar.
  • Focus op het werk: Rümke, als psychiater, kan meer geïnteresseerd zijn geweest in de creatieve output van Mulisch en zijn vermogen om de menselijke psyche te begrijpen zoals weerspiegeld in zijn literatuur, dan in zijn persoonlijke ervaringen met psychische problemen. Psychiatrie richt zich vaak op klinische symptomen en behandeling, terwijl literatuurkritiek en -analyse zich kunnen richten op de artistieke waarde van het werk.
  • Tijdsgeest en stigma: In de jaren 1950 was er nog steeds een aanzienlijk stigma rond psychische gezondheidsproblemen, en mensen waren terughoudend om openlijk over hun eigen psychische gezondheidservaringen te praten. Dit stigma kan hebben bijgedragen aan een gebrek aan bewustzijn of discussie over Mulisch’s persoonlijke psychische problemen.
  • Professionalisme en grenzen: Als psychiater had Rümke mogelijk de professionele plicht om de privacy van zijn patiënten te respecteren en niet openlijk te spreken over hun persoonlijke medische geschiedenis zonder toestemming.

Kortom, de blinde vlek van Rümke kan het gevolg zijn geweest van verschillende factoren, waaronder beperkte informatie, focus op het werk van Mulisch, stigma rond psychische gezondheidsproblemen en professionele ethiek. Het benadrukt ook de complexiteit van het begrijpen van de relatie tussen de creatieve output van een kunstenaar en zijn persoonlijke psychische gezondheid.

You:

Mulisch zelf is geen patiënt geweest van Rümke. Vestdijk daarentegen wél. In datzelfde krantenartikel verklaart Rümke over Vestdijk het volgende: ‘Lange tijd kwamen onze romanciers niet hoger dan heuvels of laag middengebergte, met Vestdijk en de latere Van Schendel als uitzonderingen, die daar ver boven kwamen.’ Aan Vestdijk , die in zijn leven 52 maal depressief is geweest, zijn wél psychiatrische studies gewijd. In mijn boek ‘Het virus van de melancholie’ (2021) heb ik ook aandacht besteed aan ‘Vestdijk als psychiatrisch patiënt’. Nogmaals, waarom is nooit iemand op het idee gekomen om een studie aan het werk van Mulisch te wijden vanuit het perspectief van de de psychiatrie? Alle mogelijke redenen, die u ChatGPT, tot nog toe heeft genoemd zijn volgens mij niet bevredigend, omdat het oeuvre van Vestdijk wel als studieobject voor psychiaters heeft gefungeerd. Nogmaals, hoe is dit te verklaren?

ChatGPT:

U heeft terecht opgemerkt dat Simon Vestdijk, een andere beroemde Nederlandse schrijver, wel het onderwerp is geweest van psychiatrische studies, terwijl Harry Mulisch dat niet lijkt te zijn geweest. Er kunnen verschillende redenen zijn waarom Vestdijk meer aandacht heeft gekregen vanuit het perspectief van de psychiatrie in vergelijking met Mulisch:

  1. Toegankelijkheid van informatie: Het kan zijn dat er meer gedetailleerde en toegankelijke informatie beschikbaar is over de psychische gezondheid van Simon Vestdijk, inclusief medische dossiers of persoonlijke getuigenissen, die onderzoekers in staat hebben gesteld om diepgaandere studies uit te voeren.
  2. Bekendheid met psychische problemen: Simon Vestdijk heeft openlijk gesproken en geschreven over zijn eigen psychische problemen, waaronder depressie. Zijn bereidheid om zijn ervaringen te delen, kan onderzoekers hebben aangemoedigd om zijn werk vanuit psychiatrisch oogpunt te bestuderen.
  3. Interesse van onderzoekers: Soms kan de interesse van individuele onderzoekers of academische instellingen bepalen welke schrijvers en welke aspecten van hun werk worden bestudeerd. Als er psychiaters of onderzoekers waren die specifiek geïnteresseerd waren in de psychologie van schrijvers, kan dit hebben bijgedragen aan de aandacht voor Vestdijk.
  4. Breedte van het werk: Het kan zijn dat sommige onderzoekers de breedte en diepte van het werk van Simon Vestdijk als relevant en interessant beschouwden voor psychiatrische studie, terwijl ze het werk van Harry Mulisch misschien niet op dezelfde manier hebben bekeken.
  5. Timing en academische trends: Soms kunnen academische trends en interesses in de loop der tijd veranderen, waardoor bepaalde schrijvers of benaderingen van studie meer in de schijnwerpers komen te staan dan andere.

Het is belangrijk op te merken dat het ontbreken van psychiatrische studies over het werk van Harry Mulisch niet betekent dat zijn werk niet relevant kan zijn voor psychologische analyse. Academisch onderzoek is vaak afhankelijk van verschillende factoren en persoonlijke interesses van onderzoekers. Als u denkt dat het werk van Mulisch vanuit psychiatrisch perspectief waardevol is om te bestuderen, kunt u wellicht overwegen om zelf onderzoek te initiëren of contact op te nemen met academische instellingen om de interesse in dit onderwerp aan te wakkeren.

Reageren is niet mogelijk.