De architectuur van het geluk

Sinds de jaren zestig ben ik een groot liefhebber van het Franse chanson. Barbara hoort bij de absolute top van Brel, Brassens en Ferré. Onderstaand verhaal is een iets bewerkte passage uit een artikel dat voor het eerst verscheen in in 1985 in het tijdschrift Boud, architectuur en vormgeving in Friesland.

*

Ik ben nooit in Göttingen geweest en toch meen ik die stad te kennen. Het chanson Göttingen, gezongen door Barbara, doet bij mij in no time het beeld van een stad ontstaan. Al bij de eerste maten vormt zich een compleet stratenplan, weldra komen gevelrijen, daklijsten en detailleringen, een park met eeuwenoude bomen, en standbeeld…. woorden zijn te grof en te traag om de verfijning van dit beeld te beschrijven. De woorden, die gezongen worden, bevatten zelf ook nauwelijks visuele verwijzingen, maar vormen een reeks van vluchtige, haast triviale uitspraken.

Er is wel een constante in de betekenis van de tekst te bespeuren die wellicht de beelden genereert. Het is de idylle van de provinciestad, maar een andere dan Leeuwarden. De Mercuriusfontein is vervangen door het standbeeld van een schrijver. In het park staan zeven banken. Zeven vissen zwemmen in de vijver. Wie niets weet te zeggen heeft in ieder geval een glimlach achter de hand. Mijn God, het is één en al melancholie, daar in Göttingen, de stad waar de tijd stil lijkt te staan, waar overzichtelijke harmonie samengaat met een verstilde berusting en alleen de kinderen dezelfden zijn als in de grote stad.

Göttingen is een stad zonder visuele kapstok. Zoals de Eiffeltoren van Parijs, de zeemeermin Kopenhagen, de Towerbridge van Londen en het Vrijheidsbeeld van New York. Deze kapstokken kunnen zoveel betekenen, dat ze het beeld van een hele stad kunnen torsen. Het zijn eigenzinnige objecten, metaforen van vernuft, fantasie en dramatiek, die het beeld van een stad kunnen dragen maar nauwelijks kunnen oproepen. De eigenaardigheden van een stad liggen niet in de herkenningspunten van een ansichtkaart, maar in alledaagse details, zoals de structuur van gevels, het onopvallende ornament, de aard van het licht en de textuur van het plaveisel.

In de film Una giornata particolare wordt in het decor van de stad geen enkel beeld van een ansichtkaart getoond, maar de vormen van huizen, de vensters en het plaveisel wekken ontegenzeggelijk de indruk: dit is Rome. Distinctieve signalen worden niet gericht waargenomen. Het zijn de indrukken vanuit de ooghoek en de geluiden die je hoort, als ze ophouden. Met een mengpaneel van deze minimale signalen kan een beeld van een stad worden opgeroepen, waarvan voorheen alleen de plaatsnaam bekend was. Op het beeldscherm van zijn verbeelding is ieder mens een stedenbouwkundige.

Een stad is niet alleen een statisch bouwsel, maar ook een fluïdum van beelden en betekenissen die in de taal onverwachte verbindingen aangaan. Aan de andere kant is een naam niet alleen een plaatsaanduiding, maar ook een kernfusie van betekenissen, die – mits juist gehanteerd – een explosie van beelden teweeg kan brengen. Een plaatsnaam is dus een muntstuk voor een ontwerpautomaat die wellicht de fraaiste beelden in petto heeft. Hier ligt een goudmijn aan creatief vermogen, een architectuur, waarvoor de esthetische theorie nog geschreven moet worden en misschien ook maar beter ook ongeschreven kan blijven.

Als we de verbeelding zelf aan het woord lieten zou de overvloed aan woorden de glans van de verbeelding doen vergeten. De taal is sprakeloos zodra de muziek de fantasie op sleeptouw neemt. Wat is de geheime formule van dat mysterie? We kunnen de kip met gouden eieren niet slachten door een handboek te gaan schrijven, een standaardwerk voor eerstejaars studenten bouwkunde. Pogingen zouden stranden in de taal van boeken met versleten paradigma’s, hol jargon en het overbekende patroon van nationale eigenaardigheden.

De Duitsers komen met Architektur ohne Entfremdung, Ontologische Phaenomenologie der Ortsnamenphantasie im Zeitalter der Spätkapitalismus. De Engelsen volgen met een beknopte paperback:‘An outline of architecture in the twilight of imagination. In Nederland worden de bevindingen van een stuurgroep in een conceptnota vervat: ‘Planmatige randvoorwaarden van een denkbeeldige welzijnsarchitectuur.’ Frankrijk tenslotte komt met een heruitgave in facsimile van een apocrief pamflet van Baudelaire: l’Architecture du bonheur

In zeven pagina’s zou hierin alles gezegd zijn wat er te zeggen valt. Maar het is de waarheid van een vlinder die wegvliegt in de vertaling van een fictief citaat: “Tussen de synesthesie van de zintuigen en de grammatica van de fantasie ligt een onbetreden en ontoegankelijk domein. Hier bevindt zich de virtuele ruimte, waarin de woorden en de dingen convergeren. In de cartografie van deze ruimte staan de namen vermeld van nog nooit gebouwde steden, waarvan de contouren opdoemen aan de horizon die zich laat raden op de drempel van een droom.”

Als een woord een samenzwering is, dan is een plaatsnaam een complot. Maar wie zijn de samenzweerders en wie zijn de intriganten. Dichters en architecten, who are those guys ? In mijn verbeelding ben ik naar een virtueel Fries Museum op het Zaailand gestapt en heb op alle knoppen gedrukt van de literaire maquette van Leeuwarden, die daar zou zijn opgesteld. Maar in mijn hoofd ging geen enkel lampje branden. ik heb de letters gespeld van het woord G-ö-t-t-i-n-g-e-n, maar de klanken hadden geen echo in de holle ruimte van mijn geheugen.

Tenslotte heb ik me in een open sportwagen – met het chanson van Barbara op de autoradio – laten rondrijden op de Leeuwarder rondweg. Maar Leeuwarden is geen stad, een stad is geen stad, een roos is geen roos. De stad uitrijdend keek ik in de achteruitkijkspiegel en ik zag de contouren van Göttingen opdoemen in mijn verbeelding. This nowhere van Alice in Wonderland, Little Nemo in Slumberland, de architectuur van het geluk. Heel eventjes maar heb ik toen op de autoradio de Sirenen horen zingen en de architectuur gezien van een plaatsnaam tussen haakjes. Göttingen (je t’aime).

Laat een reactie achter

(verplicht)

(verplicht, wordt nooit weergegeven)


Fatal error: Uncaught Error: Call to undefined function show_subscription_checkbox() in /srv/home/huubmousnl/domains/huubmous.nl/htdocs/www/wordpress/wp-content/themes/huubmousv4/comments.php:84 Stack trace: #0 /srv/home/huubmousnl/domains/huubmous.nl/htdocs/www/wordpress/wp-includes/comment-template.php(1554): require() #1 /srv/home/huubmousnl/domains/huubmous.nl/htdocs/www/wordpress/wp-content/themes/huubmousv4/single.php(22): comments_template() #2 /srv/home/huubmousnl/domains/huubmous.nl/htdocs/www/wordpress/wp-includes/template-loader.php(106): include('/srv/home/huubm...') #3 /srv/home/huubmousnl/domains/huubmous.nl/htdocs/www/wordpress/wp-blog-header.php(19): require_once('/srv/home/huubm...') #4 /srv/home/huubmousnl/domains/huubmous.nl/htdocs/www/index.php(4): require('/srv/home/huubm...') #5 {main} thrown in /srv/home/huubmousnl/domains/huubmous.nl/htdocs/www/wordpress/wp-content/themes/huubmousv4/comments.php on line 84