Destination Art… on a road to nowhere

Ook de vraag hoe de kunstenaar zich moet verhouden tot deze – in wezen morele – problematiek, kwam in die eerste jaren na 9/11 naar voren. Albert Camus, die als ethisch filosoof enigszins op de achtergrond was geraakt, kwam weer in de belangstelling te staan. Zijn naam dook ook op in een openbaar debat, dat in 2005 werd gehouden in het Rozentheater in Amsterdam. Ik was daarbij aanwezig. Centraal stond de vraag die de kunstcriticus Anna Tilroe kort tevoren aan de orde had gesteld: is er sprake van een algehele symbolische leegte in onze cultuur na de moord op Theo van Gogh. Gaandeweg de discussie bekroop mij een ongemakkelijk gevoel. Ik werd heen en weer geslingerd tussen de standpunten van de verschillende forumleden. De stelling van Tilroe kreeg veel kritiek te verduren. Haar roep om nieuwe symbolen, die de cohesie in onze versplinterde samenleving mede zouden kunnen herstellen, werd haar niet door iedereen in dank afgenomen. Tilroe geloofde dat de beeldende kunst nog steeds een roeping had.

Dit zijn woorden uit mijn nieuwe boek Jihad of verstandsverbijstjering. Ze komen voor in het hoofdstuk dat ik wijdt aan de gevolgen die het terrorisme heeft gehad op de hedendaagse beeldende kunst. Vorige week vrijdag was Anna Tilrie aanwezig bij de feestelijkheden ter gelegenheid van 100-jarig bestaan van het Princessehof. Geart de Vries stelde mij aan haar voor en zo raakten wij in gesprek over een onderwerp dat in Friesland al heel wat stof heeft doen opwaaien: De 11 fonteinen die hier zullen verrijzen in het kader van Lwd 2018. Anna Tilroe is de curator van dit project dat volgend jaar een van de grote publiekstrekkers moet gaan worden.

Ik zei Anna Tilroe dat ik het niet wilde hebben over het feit dat geen enkele Friese kunstenaar is uitgekozen, al was het maar voor één van de elf fonteinen. Daarover is al genoeg kritiek geuit, en terecht. Waar ik haar mee confronteerde was de vraag hoe haar roep om nieuwe symbolen in 2005 te rijmen was met de lege, postmoderne kunst die wij straks in Friesland als 11 fonteinen krijgen voorgeschoteld. Bij elke gelegenheid roept Anna Tilroe dat deze kunstwerken van internationaal befaamde kunstenaars goed zijn voor het cultuurtoerisme in Friesland. Welnu, wat heeft cultuurtoerisme met het vullen van een symbolische leegte te maken? Cultuurtoerisme is goed voor de lokale economie, maar heeft niets van doen met de idealen die een gemeenschap binden, zo die idealen er überhaupt nog zijn.

Nog even ter herinnering, in haar geruchtmakende NRC-artikel uit december 2004 – een betoog dat bijna een pamflet was – had Anna Tilroe onder meer het volgende beweerd:

‘Daarentegen zien we nu de door existentiële onzekerheid verscheurde mens, die slechts voet aan de grond krijgt in een schijnwereld van consumentisme en seks. Zijn kunst biedt geen symbolen waaraan hij zich vast kan houden, maar reflecteert zichzelf. Maar na ‘Submission ’ blijkt dat de kunstenaar van nu niet slordig meer met zijn vrijheid om kan gaan. Ze is van symbool van totale vrijheid een maatschappelijke factor geworden die op haar eigen verantwoordelijkheid wordt aangesproken. Wellicht brengt dat de kunst recht in het hart van de samenleving, want we snakken naar symbolen die authentiek, betekenisvol en bezielend zijn.’

Het was een hartenkreet in een roerige tijd. Het  artikel van Anna Tilie verscheen ruim een maand na de moord op Theo van Gogh. Nederland was in verwarring, maar die verwarring is er nog steeds. Hoe moet het nu verder met de kunst in tijden van terreur?  De crisis in de kunst werd door het terrorisme op scherp gesteld, maar die crisis was er al eerder. In 2001 schreef de kunstcriticus Cor Blok het volgende:

‘Onze samenleving heeft een kunst nodig die haar vertelt wat ze voor samenleving is. Een bijna onmogelijke opgave voor een kunst die in haar eindeloze verscheidenheid aan individuele, nauwelijks meer aan tijd en plaats gebonden vormen, nu juist het ontbreken van een gemeenschappelijke dieptelaag manifesteert.’

Daarmee werd – misschien nog wel scherper Tilroe het naar voren bracht – het kernprobleem geformuleerd. Hoe kun je tegenwoordig nog willen dat de kunst in dienst zal staan van de gemeenschap ? Kunst in dienst van de mienskip? Hoe kun je dat nog verlangen, als die kunst zelf versplinterd is, of anders gezegd: verworden tot een zaak van het doorgeschoten individu dat als een los atoom zweeft in een samenleving en geen enkele collectieve dieptelaag meer kent? Of – in relatie tot wat Tilroe destijds beweerde: hoe moet dat dan nu met die nieuwe symbolen die ‘authentiek, betekenisvol en bezielend’ moeten zijn? We snakken er nog steeds naar, dat wel. Maar hoe doe je dat dan als kunstenaar?

Zullen de 11 fonteinen ons intense verlangen naar die nieuwe symbolen dan eindelijk kunnen stillen?

Anna Tilroe moest even een aanloop nemen om mijn vraag te kunnen beantwoorden. Na 2005 had zich zij zich verdiept in nieuwe rituelen in de kunst zoals die ook tot uiting kwamen in Sonsbeek 2008, waar zij curator was en zelfs een nieuwe vorm van ‘kunst als processie’ had geïntroduceerd. (zie: YouTube) Mensen liepen in een optocht door de stad, niet met een Mariabeeld maar met kunst. Ook de elf fonteinen ziet zij in dit perspectief. Zij zijn een vorm van ‘Destination Art’. Kunst die een bestemming vormt en waarvoor je op reis gaat om het te zien. In die zin vormt deze kunst volgens haar straks wel degelijk een ‘bindende factor.’ Het is kunst die mensen bij elkaar brengt.

Ik zei haar dat dit argument mij niet overtuigde. Natuurlijk, wat niet is kan nog komen. Maar de fontein-ontwerpen die ik tot nog toe heb gezien lijken mij – ondanks de wereldvermaarde namen (namedropping) – toch vooral te getuigen van een inhoudelijke leegte en niet zozeer van nieuwe symbolen die de samenleving ontbeert in deze tijden van terreur.

“ Misschien hou jij niet zo van dit soort kunst,’ zei Anna Tilroe.

‘Nee, inderdaad, voor mij is dit postmoderne kermiskunst. Of wat netter gezegd: ‘Destination Art on a road to nowhere.’

Dat neemt niet weg dat ik grote bewondering heb voor Anna Tilroe en voor alles wat zij voor de kunst en met name de kunstkritiek in Nederland heeft betekend. Dat heb ik haar ook laten weten. Ik zei haar dat ik haar mijn boek zou toesturen en dat zou ze gaan lezen. Wie weet is het laatste woord over deze kwestie nog niet gezegd.

Zie ook: Anna Tilroe: Het gemis is groot, NRC, dec. 2004

Reageren is niet mogelijk.