<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>Huub Mous &#187; Le Roy</title>
	<atom:link href="http://www.huubmous.nl/categorie/le-roy/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>http://www.huubmous.nl</link>
	<description></description>
	<lastBuildDate>Wed, 28 Jul 2010 22:01:15 +0000</lastBuildDate>
	<language>en</language>
	<sy:updatePeriod>hourly</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>1</sy:updateFrequency>
	<generator>http://wordpress.org/?v=3.0</generator>
		<item>
		<title>Het graf van Mondriaan</title>
		<link>http://www.huubmous.nl/2009/10/17/het-graf-van-mondriaan/</link>
		<comments>http://www.huubmous.nl/2009/10/17/het-graf-van-mondriaan/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 17 Oct 2009 12:14:06 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Huub Mous</dc:creator>
				<category><![CDATA[Le Roy]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.huubmous.nl/?p=16005</guid>
		<description><![CDATA[Vanochtend om kwart over negen wandelde ik moederziel alleen door de Ecokathedraal in Mildam. Het was doodstil en de zon speelde een subtiel spel met het licht en de bladeren. Er is daar een boom omgewaaid. Dat is al jaren zo, maar er wordt niets aan gedaan. Bewust niet. De natuur geeft in neemt in [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p style="text-align: center;"><img class="size-full wp-image-16004 aligncenter" title="DSCN0133" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2009/10/DSCN0133.jpg" alt="DSCN0133" width="487" height="365" /></p>
<p style="text-align: left;">Vanochtend om kwart over negen wandelde ik moederziel alleen door de Ecokathedraal in Mildam. Het was doodstil en de zon speelde een subtiel spel met het licht en de bladeren.  Er is daar een boom omgewaaid. Dat is al jaren zo, maar er wordt niets aan gedaan. Bewust niet. De natuur geeft in neemt in deze omgeving, waar de mens  samen met de natuur voortdurend bezig is om te bouwen en te breken. Want ook de mens breekt hier dingen af, zo hoorde ik even later bij de bijeenkomst van de Stichting Tijd. Zeven mensen waren samengekomen in het atelier van Louis le Roy, dat zich middenin de Ecokathedraal bevindt, half verscholen tussen het herfstachtige lover dat inmiddels  behoorlijk aan het verkleuren is.</p>
<p style="text-align: left;">Sommige bouwsels worden weer afgebroken en op andere plekken worden terrassen en paden opgegraven die na verloop van tijd geheel overwoekerd waren geraakt. Alles met toestemming overigens van de grote meester zelf. Er ontstond enige discussie over de vraag wat de grondregel eigenlijk is, die aan deze incidentele herstelwerkzaamheden ten grondslag ligt. <em>Safety first</em>, want een bezoeker mag hier niet zijn nek breken natuurlijk. Maar soms hebben ook esthetische overwegingen de overhand. Zo is ook het denken over de Ecokathedraal nog steeds in beweging. Al zullen er nooit machines aan te pas komen. Alles gebeurt hier met menselijke energie. Het proces van natuur gaat hier een fusie aan met de cultuur van de mens en dat alles in een eindeloze wisselwerking die zich vanaf microniveau  voorzet in steeds hogere en complexere  structuren.</p>
<p style="text-align: left;">Onlangs is Louis de Roy nog even wezen kijken in zijn eigen kathedraal. Johan van der Zee, die ook aanwezig was vanochtend, heeft daar een film van gemaakt, die op 31 oktober a.s. wordt vertoond als de eerste  <a href="http://www.stichtingtijd.nl/31_oktober.html">Le Roy-lezing</a> wordt gehouden, georganiseerd door de Stichting Tijd. Achteraan op een van de terassen ligt een grafsteen op de vloer. <em>Rustplaats</em> valt hier te lezen in een inscriptie in de steen. Le Roy blijkt deze oude grafsteen hier ooit bewust te hebben geplaatst naast een zitje waar je even kunt uitrusten. Hier staat de tijd  stil in een omgeving, waar niets stil staat, maar alles in beweging is en de tijd neemt. Even verderop, zo hoorde ik, heeft Le Roy ooit Mondriaan begraven. Laatst hebben ze dit graf gedolven. Onder het plaveisel lag een strak raster van stenen, dat geheel bedolven was geraakt door alle  verzakkingen. Over duizend jaar is de Ecokathedraal misschien geheel onder de grond verdwenen, maar het kan ook zijn dat hij dan tot hoog in de hemel rijkt. Misschien gaan we wel de <a href="http://www.huubmous.nl/2009/08/19/een-hymne-aan-de-nacht/">Nieuwe Middeleeuwen </a>tegemoet. De tijd zal het leren.</p>
<p style="text-align: left;"><a href="http://www.youtube.com/watch?v=_9xzsrlInaE">zie en luister</a></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.huubmous.nl/2009/10/17/het-graf-van-mondriaan/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Creativiteit en management</title>
		<link>http://www.huubmous.nl/2008/08/29/creativiteit-en-management/</link>
		<comments>http://www.huubmous.nl/2008/08/29/creativiteit-en-management/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 29 Aug 2008 07:43:33 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Huub Mous</dc:creator>
				<category><![CDATA[Le Roy]]></category>
		<category><![CDATA[wetenschap]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.huubmous.nl/?p=3305</guid>
		<description><![CDATA[Ik begin al aardig thuis te raken in het lezingencircuit. Maandag in de Pier Pander tempel, zij het voor één bezoeker. Woensdag in het Piter Jelles College voor een zaal van dertig leerlingen. En gisteren in de Ecokathedraal in Mildam, voor zestig leerlingen van de Academie Bouwkunst in Rotterdam. Er zit dus een stijgende lijn [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p style="text-align: center;"><img class="alignnone size-medium wp-image-3306" title="eco" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2008/08/eco-225x300.jpg" alt="" width="275" height="366" /></p>
<p>Ik begin al aardig thuis te raken in het lezingencircuit. Maandag in de Pier Pander tempel, zij het voor één bezoeker. Woensdag in het <a href="http://www.piterjelles.nl/" target="_blank">Piter Jelles College</a> voor een zaal van dertig leerlingen. En gisteren in de <a href="http://www.ecokathedraal.nl/" target="_blank">Ecokathedraal</a> in Mildam, voor zestig leerlingen van de Academie Bouwkunst in Rotterdam. Er zit dus een stijgende lijn in. De laatste twee lezingen hadden wonderlijk genoeg iets met elkaar gemeen. Woensdag mocht ik een inleiding houden over &#8216;de creatieve stad&#8217; op basis van de ideeën van Richard Florida. En gisteren waren de ecokathedrale structuren in het denken van Louis Le Roy aan de orde. Beide goeroes hebben iets met elkaar, terwijl ze ook hemelsbreed van elkaar verschillen. Beiden hebben <a href="http://www.huubmous.nl/2008/01/17/2229/" target="_blank">ideeën</a> het over het inschakelen van menselijke creativiteit in een stedelijke context. Florida is de goeroe van het nieuwe kapitalisme, waarin creativiteit de motor is van de economie. Le Roy is de goeroe van het ecologisch denken van het anders-globalisme, waarbij de vrije energie van de mens wordt ingeschakeld in duurzame processen in ruimte en tijd.</p>
<p>De locaties van beide lezingen vormden in zekere zin elkaars tegenpool. De lezing in het Pieter Jelles College vond plaats in het bestuurscentrum. Dat is een apart gebouw, los van de vele vestigingen die deze scholengemeenschap heeft, zowel in Leeuwarden als daarbuiten. Het management heeft voor zich zelf een eigen onderkomen gecreëerd in een hypermodern gebouw dat van alle technische snufjes is voorzien. De organisatie van deze onderwijsinstelling is kennelijk ‘top down’ georganiseerd, in tegenstelling tot het type onderwijs dat in praktijk wordt gebracht. De afdeling &#8216;Impulse&#8217;, waar de opleidingen  ‘cultuur en economie’ en ‘maatschappij en economie’ zijn ondergebracht, hanteert het zogeheten systeem van ‘het nieuwe leren’ dat de laatste jaren nogal in opspraak is.</p>
<p style="text-align: center;"><img class="alignnone size-medium wp-image-3307" title="leren" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2008/08/leren.gif" alt="" width="230" height="396" /></p>
<p>Kort gezegd komt dat &#8216;nieuwe leren&#8217; er op neer dat er geen pakket kennis wordt overgedragen, maar trajecten met de leerlingen worden afgesproken, waarlangs zij individueel of in een groep zelf kennis kunnen verwerven. Het gaat daarbij meer om zogeheten &#8216;competenties&#8217; (vaardigheden) dan op afgeronde kennis die in boeken te vinden is. De leerlingen krijgen aan het begin van het jaar ook geen schoolboeken, maar een laptop. Dat is hun belangrijkste instrument om mee aan het werk te gaan. Zo zat ik met een zaal van dertig vierdejaars-leerlingen die allemaal achter hun Apple-laptop zaten. Meteen na de lezing begonen ze druk te typen en te Googelen.  De docent is bij deze vorm van onderwijs geen leraar meer,  maar een begeleider of een coach. Wat ik deed &#8211; een lezing met PowerPoint – was dus eigenlijk heel ouderwets gebeuren.</p>
<p>Bij de lezing over Le Roy in de Ecokathedraal was ik geheel verstoken van technische ondersteuning. Wij bevonden ons immers in de openlucht. Ik had een plekje uitgezocht, waar zo&#8217;n twintig leerlingen in het rond konden zitten onder een grote boom. De groep van zestig was onderverdeeld in drie groepen. Voor elke groep was ik een half uur aan het woord. Daarna gingen ze elders aan het werk met het stapelen van stenen. Ook dit was dus een vorm van &#8216;nieuw leren&#8217;, maar niet volgens een vaststaande methodiek. Het ging om eerste en tweede jaars studenten van de afdeling interieur-vormgeving. De bedoeling was dat ze door deze workshop in de Ecokathedraal en beetje gedeprogrammeerd werden. Jonge studenten interieur-vormgeving zitten nog vaak vast aan de mooie plaatjes die ze zien in glossy tijdschriften. Ze moeten ontdekken dat er ook andere ontwerp-opvattingen zijn, waarbij de esthetiek van het gelikte design niet aan de orde is.</p>
<p style="text-align: center;"><img class="alignnone size-medium wp-image-3308" title="ec" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2008/08/ec-300x300.jpg" alt="" width="277" height="277" /></p>
<p>Beide lezingen vond ik zeer inspirerend om te doen. Het leidde na afloop tot uiteenlopende discussies. Bij de het Piter Jelles College waren het vooral een paar docenten die bleven napraten. Zij waren zeer geïnteresseerd in nieuwe methodes van onderwijs, waar de expertise vanuit verschillende disciplines wordt samengebracht. Zet een aantal creatieve mensen bij elkaar in een inspirerende omgeving en je kunt er donder op zeggen dat er vruchtbaar proces op gang wordt gebracht. Hoe kun je creativiteit bevorderen, dat is ook de kernvraag waar het bij &#8216;de creatieve stad&#8217; om draait. Ik denk dat Le Roy daar een basaal antwoord op heeft gevonden. Creativiteit wordt bevorderd door een omgeving met een hoge mate van complexiteit. Daardoor wordt de keuzevrijheid geoptimaliseerd en ontstaan als vanzelf ordeningen die je vooraf niet voor mogelijk had gehouden.</p>
<p>De hele natuur, maar ook de mens, is een gelaagd complex systeem. Ook een stedelijke omgeving, een organisatie of een onderwijs-instelling zijn gelaagde complexe systemen. Die lagen van het systeem liggen  boven elkaar gestapeld, waarbij elke hogere laag een hogere vorm van complexiteit vertegenwoordigt. In de natuur zijn die lagen uit elkaar voortgekomen. Ze zijn organisch gegroeid. In niet-organische omgevingen is dat niet het geval. Het is dan zaak om een zodanige vorm van complexiteit in het totale systeem te organiseren dat de informatie in de lagere laag niet verloren gaat in de hogere laag. De natuur heeft daar allerlei hele slimme foefjes op bedacht. Ook de mens zit zo in elkaar. Vanaf de aminozuren tot de neocortex zijn steeds complexere systeemlagen op elkaar gestapeld, waarbij alle informatie van onderop in essentie meegenomen wordt naar boven. Deze complexe netwerkstructuur &#8211; die in feite uit de natuur zelf voortkomt &#8211; ligt aan de basis van allerlei nieuwe methodieken, en is zowel in het denken van Le Roy te herkennen, alsook in de creatieve industrie. Maar daarnaast ook in het ‘nieuwe leren’ en in de nieuwe media met zijn nieuwe vormen van informatieverwerking en in de zogeheten ‘open source structuren&#8217;.</p>
<p style="text-align: center;"><img class="alignnone size-medium wp-image-3310" title="comp" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2008/08/comp.jpg" alt="" width="282" height="213" /></p>
<p>Wat dat betreft is het wonderlijk, dat onderwijsinstellingen die zich op het &#8216;nieuwe leren&#8217; richten, in hun eigen organisatiestructuur zo weinig doen met de inzichten die dit nieuwe denken heeft opgeleverd. Het Piter Jelles College is daar een schrijnend voorbeeld  van. De organisatiestructuur van deze grote onderwijsinstelling is extreem &#8216;top down&#8217; ingericht, terwijl het karakter van het onderwijs ‘buttom up’ is gericht. De bestuurscrisis op het Piter Jelles College sleept zich al jaren voort. Dissidente vestigingsdirecteuren hadden onlangs het werk neergelegd, maar zijn uiteindelijk weer aan het werk gegaan. Zij hadden zich na de zomervakantie ziek gemeld vanwege de onwerkbare sfeer in het management van de scholengemeenschap. Het college van bestuur stapte op en er is inmiddels een interim-manager benoemd die het proces weer in goede banen moet leiden.</p>
<p>Ik denk dat de crisis van het Pieter Jelles College niet op zich zelf staat, maar symptomatisch is voor wat er bij veel grote onderwijs-instellingen tegenwoordig aan de hand is. De nieuwe methodiek van het onderwijs, die aansluit bij nieuwe ontwikkelingen in de wetenschap, spoort niet met de wijze waarop het management wordt ingericht.  De verschillende lagen van het systeem communiceren niet meer met elkaar. Informatie, die op de werkvloer wordt opgedaan, stijgt niet meer op naar boven, wat in toenemende mate tot irritatie en ergernis leidt. Uiteindelijk gaat het hele systeem dan spaak lopen. Misschien moeten de colleges van bestuur, die met een dergelijke problematiek te kampen hebben, maar eens een workshop gaan volgen in de Ecokathedraal. Ik wil ze dan graag uit de doeken doen hoe het ook anders kan. Opgave is mogelijk bij de <a href="http://www.stichtingtijd.nl/" target="_blank">Stichting Tijd.</a></p>
<p><a href="http://www.youtube.com/watch?v=MN1hx8wSoAU&amp;feature=related" target="_blank">zie en luister</a></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.huubmous.nl/2008/08/29/creativiteit-en-management/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>4</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Het Tao schildert mee</title>
		<link>http://www.huubmous.nl/2008/03/17/het-tao-schildert-mee/</link>
		<comments>http://www.huubmous.nl/2008/03/17/het-tao-schildert-mee/#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 17 Mar 2008 04:27:56 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Huub Mous</dc:creator>
				<category><![CDATA[Le Roy]]></category>
		<category><![CDATA[kunst]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.huubmous.nl/2008/03/17/het-tao-schildert-mee/</guid>
		<description><![CDATA[Nog heel wat mensen waren gistermiddag afgekomen op de presentatie van het nieuwe boek van de Stichting Tijd, over het werk en gedachtegoed van Louis Le Roy. &#8216;Het technicum en de mondiale contraculturen&#8217;, zo luidt de titel. Louis Le Roy had mij gevraagd een tekst te schrijven samen met Bert Dalmolen. Bert Dalmolen is niet [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<div style="text-align: center" />
<div style="text-align: center"><img width="323" height="439" id="image2531" alt="le1.jpg" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2008/03/le1.jpg" /></div>
<p align="left">Nog heel wat mensen waren gistermiddag afgekomen op de <a target="_blank" href="http://www.stichtingtijd.nl/index_nl.html">presentatie</a> van het nieuwe boek van de Stichting Tijd, over het werk en gedachtegoed van Louis Le Roy. &#8216;Het technicum en de mondiale contraculturen&#8217;, zo luidt de titel.  Louis Le Roy had mij gevraagd een tekst te schrijven samen met Bert Dalmolen. Bert Dalmolen is niet alleen beeldend kunstenaar, maar ook cultureel antropoloog en weet veel van oosterse filosofie. Voorafgaande aan de presentatie hield ik een korte inleiding over de inhoud van het boek. Het is nu al weer het vijfde op rij dat in deze reeks verschenen is. In 2003 nam Louis Le Roy het initiatief tot deze serie boeken, waarvan elk jaar een nieuwe editie zal verschijnen om zo een oneindige reeks te gaan vormen in de tijd.  Het is de bedoeling dat telkens een andere auteur vanuit een andere invalshoek zal reageren op het gedachtegoed van Le Roy. Le Roy zelf heeft dit keer ook een tekstbijdrage geleverd. Het is dus een drieluik geworden met veel foto’s van Peter Wouda en ook van Bert Dalmolen. Al met al een zeer gevarieerd geheel dat er heel fraai uitziet.</p>
<div align="left" />
<div style="text-align: center"><img width="275" height="210" alt="le3.jpg" id="image2532" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2008/03/le3.jpg" /></div>
<div align="left" />
<p align="left">Toen Bert Dalmolen en ik zo’n anderhalf jaar geleden van Le Roy het verzoek kregen om een tekst te schrijven, zijn we eerst met elkaar gaan praten. Zo hebben we op een donkere herfstmiddag in het najaar van 2006 een wandeling gemaakt door de Ecokathedraal om daar inspiratie op te doen. Bert stelde mij toen een vraag. Hoe duurzaam zijn de gedachten van Le Roy? Zullen zij inderdaad de eeuwen trotseren, zoals hij dat zelf voor ogen heeft. Le Roy is zo’n dertig jaar geleden met de Ecokatedraal begonnen als een proces dat zich eindeloos moet voortzetten in de tijd. Hoe toekomstige generaties dit proces zullen oppakken en hoe zij aan de ecokathedraal zullen verder bouwen is natuurlijk niet te voorzien.</p>
<div align="left" />
<p align="left">Niemand weet hoe de Ecokathedraal er over 100 jaar, 200 jaar of 500 jaar uit zal zien. Hoe ziet de wereld eruit in het jaar 2525, 3535, 4545, 6565?  Het duo Zager en Evens hadden in 1969 een hit met een liedje waarin deze vraag wordt gesteld. Als zij het met deze profetieën bij het rechte eind hebben, dan is het met de mens en de wereld niet best gesteld. De techniek zal de mens gaan overheersen, zo luidt de verwachting. De tovenaarsleerling, die de natuur onderwierp, zal uiteindelijk de slaaf worden van zijn eigen ontdekkingen. Dat is ook de boodschap van heel wat science fiction boeken. Het is zelfs de vraag of dat proces nu al onontkoombaar in gang is gezet. De techniek beheerst de mens en niet andersom. De filosoof Heidegger was een van de eersten die op dat gevaar gewezen heeft.</p>
<p align="left">
<div style="text-align: center"><img width="225" height="182" alt="technik.jpg" id="image2529" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2008/03/technik.jpg" /></div>
<p align="left">In &#8216;Die Frage nach der Technik&#8217; (1953) stelde hij dat  moderne cultuur haar schroom verloren heeft. Niet de kunst maar de techniek bepaalt het bestaan. De techniek laat de natuur niet tevoorschijn komen, maar vordert haar en slaat op als in een bestand. De natuur wordt door de techniek permantent beschikbaar en bestuurbaar. Zo ontstaat het ‘Gestell’, een specifieke lotsbestemming van het Zijn dat onontkoombaar lijkt. Het ‘Gestell’ heerst op alle niveaus van het bestaan, de politiek, de media en de kunst. Zo leidt de techniek tot een &#8216;zijnsverlatenheid&#8217;, het zogeheten ‘vernutzen’, tot excessieve groei, tot razende bedrijvigheid in de ‘nu-tijd’, dat wil zeggen: een permanent extatisch heden. Kunst moet zich volgens Heidegger in deze extreme zijnsverlatenheid door het Zijn laten aanstoten. Kunst moet het wezen van de techniek naar boven halen. Kunst moet de &#8216;lotloosheid&#8217; van het ‘Gestell’ tonen.</p>
<div align="left" />
<p align="left">We leven in het &#8216;Technicum&#8217; en alleen een contracultuur kan ons nog redden. Dat hebben ook alle filosofen van de tegencultuur in de jaren zestig beweerd. Ontwikkelingen in de kunst kregen hun tegenhanger in nieuwe modellen voor de maatschappij. Het waren visies, die uit allerlei bronnen voorkwamen, maar één ding gemeen hadden: een fundamenteel verzet tegen het rationalisme van de technologische samenleving met zijn strakke tijd-as en waarden als efficiency en regelmaat. Het was een verzet tegen de moloch die in de stedelijke ruimte tot kaalslag had geleid en een eenzame menigte had voortgebracht. Het was de verbeelding die de macht ondermijnde, een  onderstroom van nieuwe ideeën die de technologische mainstream bestreed. Geen cultuur, maar een tegencultuur zoals Theodore Roszak beweerde.</p>
<p align="left">Maar is er nog toekomst met dit soort alternatieve ideologieën? Zullen de komende generaties zich ook de goeroe uit Oranjewoud blijven herinneren? De &#8216;Billy Graham van het onkruid&#8217;, zoals hij ooit gekscherend werd genoemd. Keer op keer heeft Le Roy erop gewezen dat wij op de verkeerde weg zijn met de wijze waarop we met de natuur omgaan. De oplossingen die hij heeft aangedragen staan verwoord in een lange reeks van geschriften, maar komen vooral tot uiting in zijn ecokathedrale projecten waaraan tot op de dag van van daag wordt doorgewerkt. Maar hoe duurzaam zijn die profetische gedachten van le Roy? Zal hij op den duur te vergelijken zijn met de groten der aarde die de wereld wilden veranderen of de mensheid wilden behoeden voor de ondergang? Mensen die niet alleen gedacht hebben in eeuwen, maar ook de loop van de geschiedenis hebben veranderd: Confucius, Boeddha, Plato, Socrates, Christus, Augustinus, Mohammed, Luther, Erasmus, Marx&#8230;</p>
<div align="left" />
<p align="left">Hoort le Roy in dit rijtje thuis? Dat is natuurlijk nooit te beantwoorden en zeker niet nu. De tijd zal het leren. De vraag is wel, hoe het met de wereld af zal aflopen als de tijd het niet zal leren. Als Le Roy niet gelijk zal krijgen. Ik heb voorafgaande aan de uitreiking van de Gerrit Bennerprijs op deze site uitgebreid aandacht besteed aan de ideeën van Le Roy. Het lijkt me aardig om nu een stukje van het verhaal van Bert Dalmolen te citeren, dat mij trof toen ik het las. De vraag hoe duurzaam het gedachtegoed van Le  Roy zal blijken te zijn, hebben wij beiden niet  kunnen beantwoorden. Wij zijn om die vraag heen blijven draaien, tastend en dwalend, zoals we destijds ook ronddwaalden op die late herfstdag in de Ecokahedraal.</p>
<p align="left">
<div style="text-align: center"><img width="240" height="162" id="image2530" alt="ecokathedraal.jpg" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2008/03/ecokathedraal.jpg" /></div>
<div align="left">
<blockquote><p>Pas kort geleden, toen ik eindelijk de tijd nam, drong het tot me door. Ik realiseerde me dat ik altijd met de camera naar de ecokathedraal kwam, dat ik nauwelijks de tijd nam eens goed te ademen, eens tot rust te komen. Ik was al zo vaak geweest en eindelijk, moe van mij, ging ik zitten bij de grafsteen, de rustplaats.<br />
Langzaam kroop de plaats in mij, begon mijn geest met de bomen te ruisen en te wuiven en werd ik als de wind om de rotsen. Dit was het verhaal van de zintuigen: stenen die zich verhielden tot hoogste toppen, zichtlijnen die zich verbonden tot grootse verten en diepten, wortelgestelllen, steenhopen, vegetaties, insecten, vogels, muizen en slakken weefden en waren verweven in een Hymalaya voor vlaklanders. “Aistethos”</p>
<p>Misschien is het ecokathedrale project het beste te vergelijken met een Chinese schildering op rijstpapier. In zijn meest pure vorm wordt de inkt daarvoor gemaakt uit de zuiverste as of roet met een sterke organische lijm, b.v. vislijm. Dit wordt tot staafjes gedroogd, die later, bij gebruik, met water op een inktsteen gewreven worden. Afhankelijk van de hoeveelheid water is de inkt dikker of dunner en zwarter of grijzer. Het rijstpapier schildert mee. Het zuigt de inkt en verdeelt het via nerven en haarvaten over en door het papier. De kunstenaar weet hoe het papier zuigt, hoe de inkt zich met het papier gedraagt, laat toeval en chaos een deel van de schepping zijn.</p>
<p>Het Tao schildert mee.</p></blockquote>
<p>Foto&#8217;s: Peter Wouda</p>
<p><a target="_blank" href="http://www.youtube.com/watch?v=WhNM2K8cmU8">zie en luister</a></div>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.huubmous.nl/2008/03/17/het-tao-schildert-mee/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>14</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Laudatio</title>
		<link>http://www.huubmous.nl/2008/01/20/le-roy/</link>
		<comments>http://www.huubmous.nl/2008/01/20/le-roy/#comments</comments>
		<pubDate>Sun, 20 Jan 2008 10:02:30 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Huub Mous</dc:creator>
				<category><![CDATA[Friesland]]></category>
		<category><![CDATA[Le Roy]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.huubmous.nl/2008/01/20/le-roy/</guid>
		<description><![CDATA[Op 5 april 1980 schreef de toenmalige architectuurcriticus van de Leeuwarder Courant Simon Mari Pruys het volgende: ‘Ik vind het hoog tijd worden dat Le Roy in Friesland opnieuw de kans wordt geboden om zijn bijdrage aan de gebouwde omgeving te leveren, want het is toch te gek dat deze inwoner van Oranjewoud uitsluitend in [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<div style="text-align: center" />
<div style="text-align: center" />
<div style="text-align: center"><img width="343" height="257" alt="jan.jpg" id="image2276" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2008/01/jan.jpg" /></div>
<p align="left">Op 5 april 1980 schreef  de toenmalige architectuurcriticus van de Leeuwarder Courant Simon Mari Pruys het volgende: ‘Ik vind het hoog tijd worden dat Le Roy in Friesland opnieuw de kans wordt geboden om zijn bijdrage aan de gebouwde omgeving te leveren, want het is toch te gek dat deze inwoner van Oranjewoud uitsluitend in het buitenland terecht kan om zijn visie uit te dragen en te visualiseren. Friesland heeft Le Roy gewoon nodig.’ De auteur had opgemerkt dat de grote hype rond Le Roy, die tien jaar eerder was ontstaan, in Friesland en ook in Nederland een beetje op zijn retour was. In het buitenland daarentegen was dat zeker niet het geval. Le Roy voerde in de jaren tachtig nog tal van projecten uit in Europa. In Clergy sur l’Oise bij Parijs bijvoorbeeld, maar ook in Oberhausen, en in andere plaatsen in Duitsland. In het kader van Berlijn Europese hoofdstad hield hij een lezing op de universiteit samen Richard von Weizsäckcer. De Franse cultuurminister Jack Lang nodigde hem uit deel te nemen aan een grote tentoonstelling ‘l’Europe des créateurs’  in het Grand Palais in Parijs. We schrijven dan 1989. In dat jaar wordt Le Roy benoemd tot professor honoris causa aan de universiteit van Braunschweig, bij welke gelegenheid professor Roland Ostertag in zeer lovende bewoordingen een beeld schetst van Le Roy:  ‘Ein spieler, ein Künsltler, Ein spieler des lebens, Ein lebenstkünstler’&#8230; ‘Ein seltene augabe zu rühmen’, zo begon Roland Ostertag zijn laudatio.</p>
<p align="left">Maar dat was allemaal elders in Europa. Hier in Friesland bleef het daarna relatief stil als het gaat om lof en waardering. Zeker Le Roy heeft het nooit aan officiële erkenning  ontbroken. Het ereburgerschap van Heerenveen, de zilveren Anjer van het Prins Bernard Fonds en tenslotte de oeuvreprijs van Het Fonds van Beeldende kunt bouwkunst en architectuur zijn hem in de afgelopen decennia ten deel gevallen. Maar als beeldend kunstenaar bleef hij altijd wat onderbelicht, zeker in Friesland. Ook het Fonds BKVB benadrukte in haar juryrapport vooral de waarde die Le Roy heeft gehad als vernieuwend landschapsarchitect. De jury van de Bennerprijs tenslotte heeft Le Roy expliciet voor zijn kunstenaarschap bekroond, voor zijn hele oeuvre, maar wel met de vermelding dat zij het werk ziet als  een vorm van sociaal-ecologische landschapskunst. Is Le Roy eigenlijk wel een kunstenaar in de zin van een schilder, een beeldhouwer, een traditionele vakman? Dat ga je ja bijna afvragen, als je dit allemaal leest. Het mooie van deze <a target="_blank" href="http://www.friesmuseum.nl/index.php?id=846">tentoonstelling</a>, die ik vandaag hier mag openen, is dat het werk van Le Roy als beeldend kunstenaar, als vakman, hier in al zijn facetten en als een eenheid duidelijk aan het licht komt: in zijn gouaches, zijn landschappen, zijn complexe stapelingen van glas en in zijn ecokathedrale structuren.</p>
<p align="left">
<div style="text-align: center"><img width="268" height="183" id="image2279" alt="Le Roy Bennerprijs 07.jpg" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2008/01/Le%20Roy%20Bennerprijs%2007.jpg" /></div>
<div align="left" />
<p align="left">Wat is de rode draad die al deze uiteenlopende kunstuitingen met elkaar verbindt? Complexiteit, daar draait het om in zijn werk. Toen Le Roy mij jaren geleden voor het eerst rondleidde door de labyrintische bouwsels van de Ecokathedraal, belandden wij uiteindelijk in de donkere ruimte van het zelfgebouwde atelier. Op de ovale tafel in het midden stond een wonderlijke ordening van allerlei onbestemde objecten, zoals stukken glas en restanten van bouwafval. ‘Wat is complexiteit?’ vroeg Le Roy. En ik moest het antwoord schuldig blijven.  Complexiteit wordt door hem gezien als een tegenpool van diversiteit. &#8216;Een oude cultuur die langzaam tot stand is gekomen is fijnkorrelig en gevarieerd. Alles wat plotseling tot stand is gekomen brengt eentonigheid met zich mee.&#8217; Zo heeft hij dat ooit zelf gezegd. Die waarde van de complexiteit had Le Roy ontdekt als een basale eigenschap van groeiprocessen in de natuur. Natuurlijke processen kunnen niet in een enkele structuur plaatsvinden, maar alleen in een reeks van structuren die uit elkaar ontstaan en met elkaar in wisselwerking blijven. Le Roy baseert zijn opvatting van complexiteit niet alleen op zijn grondige kennis van de levende natuur, maart ook op nieuwe inzichten in de wetenschap. De chaostheorie bijvoorbeeld die leert dat complexe systemen door zelforganisatie ontstaan  door de factor tijd ruim baan te geven. Hoe complexer een systeem is, hoe meer vrijheid kan ontstaan en hoe meer vrijheid wordt geboden des te hogere mate van ordening mogelijk is.</p>
<div align="left" />
<p align="left">Telkens weer benadrukt Le Roy dat hij natuur niet opvat als een statisch eindproduct, maar als een doorlopend proces dat zich in ruimte en tijd ontwikkelt. Natuur is een eindeloze wisselwerking van orde en chaos, van toeval en onvermijdelijkheid, van voortdurende transformaties en vervlechtingen in netwerkstructuren. Processen zijn voor Le Roy dan ook veel belangrijker dan eindproducten, en dat geldt uiteindelijk ook voor zijn kunst. Als tekenleraar vond hij het al een gruwel dat kindertekeningen in de klas werden geëxposeerd als een dodelijk eindproduct van een vluchtig kinderlijk gebeuren. Ze werden na de les weer ingenomen en pas op het eind van het jaar weer uitgedeeld. Ook kunst is in zij optiek een proces dat zich moet voortzetten in de tijd. Complexiteit heeft Le Roy ook leren waarderen in de hoogtepunten uit geschiedenis van de kunst.  In de pracht en praal van de kapitelen in de Romaanse basiliek van Vézelay, in de uiterst complexe composities in de schilderijen van Rubens, in het virtuoze spel van perspectief in de fresco’s van Tiepolo, in de adembenemende taferelen van Goya, waarin de Barok als laatste homogene hoogcultuur ten einde loopt en de moderne tijd een aanvang neemt. Daar heeft Le Roy een knoop gelegd in het touw van de geschiedenis. Daarna is de zaak gaan vervlosssen in een gigantische delta van splitsing, individualisering, hybridisering en  versplintering.  Complexiteit, zo had hij ontdekt, is de drager van natuur èn kunst, maar er is iets grondig mis gegaan in de moderne tijd. De moderne kunst heeft zich laten verleiden tot het creëren van een oneindige woekering van dode producten. De esthetica van het voltooide beeld is volgens Le Roy eigenlijk ook niet interessant. Vandaar ook dat hij schilderen uiteindelijk heeft opgegeven.</p>
<p align="left">
<div style="text-align: center"><img width="363" height="153" alt="regenecok.jpg" id="image2278" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2008/01/regenecok.jpg" /></div>
<div align="left" />
<p align="left">Op deze tentoonstelling wordt niet alleen de <a target="_blank" href="http://www.ecokathedraal.nl/">Ecokathedraal </a>van Mildam getoond in een aantal prachtige foto’s, maar ook zijn de uiterst complexe installaties te zien die Le Roy door de jaren heeft opgebouwd met zijn glasverzameling van meer dan 2000 stuks kristallen vazen, kommen en schalen, die in onderdelen op en in elkaar gestapeld zijn en zo een oneindig complexe structuur opleveren. De tentoonstelling laat ook een reeks aquarellen zien van landschappen die hij in Frankrijk heeft gemaakt tijdens zijn vele reizen tijdens de lange schoolvakanties in zijn jaren als tekenleraar aan de Rijks-HBS in Heerenveen. Dat waren de zomervakanties met urenlange fiets- en wandeltochten door de heuvels bezaaid met oude dorpen. In deze aquarellen komt het landschap naar voren komt als een eeuwenoude, complexe fusie van natuur, cultuur en architectuur, maar ook als een aaneenschakeling van vluchtige momentopnamen in een voortdurend proces van verandering. Dat Franse landschap is een onvermoede inspiratiebron geweest voor zijn latere ecokathedrale structuren. Als bouwend schilder van het veranderend landschap is Le Roy het landschap uiteindelijk gaan zelf bouwen als een interactieproces met de natuur in de tijd.</p>
<div align="left" />
<p align="left">Zo ontwikkelde hij  zijn vernieuwende ideeën over processen en netwerkstructuren met inschakeling van de creatieve potenties en de vrije energie van de mens. Hij zette de deur op een kier voor iets nieuws: de gedachte dat mensen op kleine schaal heel goed voor hun eigen omgeving kunnen zorgen. In een land, waar een smetteloze voortuin tot dan toe een signaal van burgerdom en braafheid was, klonken zijn woorden als een vloek in de kerk. Zijn ‘wilde tuinieren’ had een anarchistisch tintje. Hij morrelde aan de fundamenten van de macht. Maar de macht heeft de tijd. Met zijn aanspraak op één procent van de stedelijke vrij te geven voor creatieve processen in de tijd raakte Le Roy de achilleshiel van ons maatschappelijk systeem.  Het idee van ecokathedrale structuren in ruimte en tijd, dat hij op tal van plaatsen in Europa in praktijk heeft gebracht, is niet alleen revolutionair geweest voor de stedenbouw de planologie en de ecologie, maar vindt tegenwoordig ook een nieuwe context in de huidige ideeënvorming over de netwerkmaatschappij, de creatieve industrie, het duurzaam ondernemen, het nieuwe leren en de open source structuren op internet. Le Roy heeft de tijd als een oneindige duur en als een open horizon opnieuw op de agenda geplaatst, niet alleen van kunst, maar ook van de politiek.</p>
<p align="left">
<p align="left">
<div style="text-align: center"><img width="263" height="192" alt="huubklein.jpg" id="image2277" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2008/01/huubklein.jpg" /></div>
<div align="left" />
<p align="left">De tentoonstelling laat twee indringende tekeningen zien uit 1949, een zelfportret van Le Roy en een portret van zijn vrouw Inge. Twee mensen, maar ook twee levens die al zo’n zestig jaar lang nauw met elkaar verbonden zijn. Ook dat is wat je noemt duurzaam interactieproces in de tijd.  Maar de tentoonstelling laat vooral ook dat wonderlijke veelluik zien van grote vierkante aan elkaar geschakelde panelen, dat als een gigantisch pronkstuk als eerste uw aandacht zal vragen bij het binnentreden van de grote zaal. Het is een ordening van 16 aquarellen, geschilderd met waterverf op de allerbeste kwaliteit papier. Het hadden er eigenlijk 25 moeten zijn maar die konden hier niet eens hangen, zodat het meesterwerk van de grote meester &#8211; evenals de nachtwacht van  Rembrandt &#8211; voor deze gelegenheid maar wat reepjes kleiner is gemaakt. Deze aquarellen laten het gestapelde glaswerk zien op de vensterbank voor zijn raam. Le Roy wilde dat glaswerk schilderen in al zijn complexiteit, niet door het geziene te vereenvoudigen, maar door recht te doen aan de voortdurende verandering van vorm, licht, kleur en perspectief die de werkelijkheid ons toont. De panelen zijn ooit eerder  op één dag geëxposeerd geweest: op 6 april 1989 in de IJshal Thiaf in Heerenveen. Het geheel zou zich daarna moeten gaan voortzetten in nieuwe schakelingen als een oneindig tegelpatroon dat in alle richtingen door kon groeien. Wat je ziet is eigenlijk onmogelijk. Ondanks verschuivingen van perspectief sluit elke voorstelling naadloos aan bij de volgende. Het had uiteindelijk een gigantische schakeling 600 vierkante meter moeten worden, wat jaren werk had gevergd.</p>
<div align="left" />
<p align="left">Maar Le Roy is uiteindelijk gestopt met schilderen. Achteraf bezien het uiterst curieus dat hij als kunstenaar met in wezen conservatieve opvattingen over de moderne kunst aan het eind van de jaren zestig opeens in voorhoede van de internationale avant-garde is beland. Dat is een salto mortale die alleen vanuit zijn onderliggende opvattingen over de ‘kunst als een proces in ruimte en tijd ’ te begrijpen valt. In feite maakte Constant Nieuwenhuys een tegengestelde ontwikkeling door. Zijn utopische project Nieuw Babylon bloedde uiteindelijk dood. Constant begon van de weeromstuit weer – vrij traditioneel – te schilderen. Le Roy daarentegen zei het schilderen uiteindelijk vaarwel, toen hij alle picturale problemen naar eigen inzicht opgelost dacht te hebben. Hij wilde geen voltooide kunstproducten meer afleveren. Van zijn aquarellen en schilderijen heeft hij er ook nooit één verkocht. De kunstmarkt met zijn woekering van prijzen vindt hij nog steeds een uitwas van het maatschappelijk systeem, waarin de moderne kunst in verstrikt is geraakt.</p>
<div align="left" />
<p align="left">Deze tentoonstelling laat zien dat Le Roy in feite een hervormer is van de moderne kunst.  Een hervormer die ooit ook op hervormingsdag werd geboren. Hij voert ons terug naar de bron. Terug naar de complexiteit van de eeuwig wordende natuur.  Le Roy is niet alleen de laatste anti-modernist, maar paradoxaal genoeg ook de laatste avant-gardist die het project van de moderniteit een doorstart heeft gegeven door de kunst als een complexe &#8211; bijna natuurlijke &#8211; wisselwerking van orde en chaos, terug te plaatsen in de tijd zelf. ‘De opstand van de Homo Ludens’, die Constant gepredikt had, werd uiteindelijk door Le Roy in praktijk gebracht. Als een hoopvolle utopie in het hier en nu. Hij ging stenen stapelen, één voor één, dwingend en liefdevol, zoals hij ooit kindertekeningen had ingezameld, dag in dag uit, jaar in jaar uit. Hij ging stenen stapelen, omdat we de kathedraal zijn vergeten waar we het ooit over hadden.</p>
<div style="text-align: center">Foto&#8217;s: Peter Wouda</div>
<div style="text-align: center">Zie ook <a target="_blank" href="http://www.stichtingtijd.nl/index_nl.html">website Stichting Tijd</a></div>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.huubmous.nl/2008/01/20/le-roy/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>3</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Le Roy en de uitgeschakelde mens</title>
		<link>http://www.huubmous.nl/2008/01/19/de-fllosoof-van-de-hoop/</link>
		<comments>http://www.huubmous.nl/2008/01/19/de-fllosoof-van-de-hoop/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 19 Jan 2008 04:07:43 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Huub Mous</dc:creator>
				<category><![CDATA[Le Roy]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.huubmous.nl/2008/01/19/de-fllosoof-van-de-hoop/</guid>
		<description><![CDATA[De toekenning van de Gerrit Bennerprijs aan Louis G. Le Roy – voor zijn hele oeuvre &#8211; zal velen misschien hebben verbaasd, omdat ze hem niet primair als kunstenaar hadden gezien. Maar wat is hij dan wel? Is hij een stedenbouwkundige, een landschapskunstenaar een cultuurfilosoof een ecologische goeroe of nog altijd ‘de wilde tuinman’ zoals [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<div style="text-align: center"><img id="image2271" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2008/01/borne3.jpg" alt="borne3.jpg" /></div>
<p>De toekenning van de Gerrit Bennerprijs aan Louis G. Le Roy – voor zijn hele oeuvre &#8211; zal velen misschien hebben verbaasd, omdat ze hem niet primair als kunstenaar hadden gezien. Maar wat is hij dan wel? Is hij een stedenbouwkundige, een landschapskunstenaar een cultuurfilosoof een ecologische goeroe of nog altijd ‘de wilde tuinman’ zoals hij in de jaren zeventig bekend werd?.’ ‘Louis G. le Roy, geboren in Amsterdam,  in 1924, is een Nederlands beeldend kunstenaar, schrijver, professor honoris causa, en leraar tekenen. Hij is bekend van de Ecokathedraal die hij bouwt in Mildam (bij Heerenveen).’  Zo staat hij vermeld in  Wikipedia, de encyclopedie op internet die met een paar klikken van de muis voor iedereen te toegankelijk is. Hoewel Le Roy buiten Friesland al meerdere prijzen heeft mogen ontvangen is hij als beeldend kunstenaar vreemd genoeg nog vaak een onbekende, zeker in Friesland. In het documentatiebestand beeldende kunstenaars in Friesland, dat Keunstwurk sinds jaar en dag bijhoudt  komt zijn naam niet voor. Het grensoverschrijdende werk van Louis G. Le Roy is ook moeilijk te plaatsen binnen bestaande categorieën van de kunst.</p>
<p>In zijn in 1980 verschenen artikel over de naoorlogse kunst in Friesland, introduceerde Peter Kartskarel het begrip ‘de Heerenveensche school’. Daarmee bracht hij meerdere  kunstenaars onder één noemer die zich vanaf eind jaren vijftig in Heerenveen hebben gemanifesteerd.  Om te beginnen Boele Bregman, maar ook Sjoerd de Vries, Sies Bleeker en  Willem van Althuis. De term Heerenveense school heeft nadien op zichzelf school gemaakt. Andere kunstenaars uit Heerenveen en omgeving werden later tot deze vaag gedefinieerde groepering gerekend en veel van hun werk is tot op de dag van vandaag te vinden in de collectie en het tentoonstellingsbeleid van het Museum Belvedère van Thom Mercuur. Bij alle mogelijke kunstenaars van de Heerenveense school wordt er één doorgaans over het hoofd gezien, geen geboren Fries, maar wel een man die zich als ereburger van Heerenveen al het recht heeft om zich een rasechte Heerenvener te noemen. Dat is Louis G. le Roy. Hij was jarenlang de privé-leraar van Willem van Althuis. Het beroemde schilderij ‘Zuurkoolpakhuis’ van Willem van Althuis uit 1970, waar zijn kunstenaarschap in doorbreekt, is nota bene op het atelier van Le Roy ontstaan.</p>
<div style="text-align: center"><img id="image2266" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2008/01/zuurkool.jpg" alt="zuurkool.jpg" width="269" height="204" /></div>
<div>Willem van Althuis, Zuurkoolpakhuis, 1970</div>
<p>Veel van de kunstenaars van de Heerenveense school waren autodidacten. Als kunstenaar is Le Roy zelf geen autodidact, want hij volgde kort na de oorlog een traditionele kunstopleiding aan de Koninklijke Academie voor Beeldende Kunsten in Den Haag. Maar in de hoogst opmerkelijke activiteiten, die hij vanaf het begin van de jaren zestig in Heerenveen en later overal in Europa ontwikkelde, was hij wel degelijk autodidact. Le Roy had  zich in 1949 in Oranjewoud gevestigd, toen hij een baan kreeg als leraar  tekenen en kunstgeschiedenis aan de Rijks-HBS in Heerenveen. Heel wat jongeren uit Heerenveen en omgeving heeft hij door de jaren heen de beginselen van het tekenen bijgebracht:, niet alleen Wim Duisenberg om maar eens een voorbeeld te noemen maar ook de huidige gedeputeerde Jannewietske de Vries die hem vandaag de Gerrit Bennerprijs zal uitreiken.</p>
<div>
<div style="text-align: center"><img id="image2262" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2008/01/kennedylaan.png" alt="kennedylaan.png" width="239" height="232" /></div>
<p align="center">Kennedylaan, 1970</p>
<p align="left">Begin jaren zestig startte Le Roy in Heerenveen een project dat al snel tot internationale aandacht zou leiden. Het begon allemaal toen de gemeente in het kader van de nieuwbouw van de wijk ‘Heerenveen Midden’ een kunstwerk gerealiseerd wilde zien aan de Kennedylaan.  Aanvankelijk werd aan een standbeeld gedacht. Maar toen Le Roy zich er mee ging bemoeien, eerst als lid van lid van de commissie ter verfraaiing van het stadsbeeld en later ook als vice-voorzitter van de pas opgerichte Culturele Raad, kwam de zaak in een stroomversnelling. De landelijke televisie besteedde er aandacht aan en sindsdien heeft het nooit meer aan media-aandacht voor Le Roy ontbroken.</p>
<p align="left">Als kunstenaar was Le Roy een van de eersten die reageerde op het opkomend ecologisch bewustzijn, dat zich begin jaren zestig in Europa manifesteerde als reactie op de snelle ontwikkeling van industrie en technologie en de kaalslag van de naoorlogse stedenbouw. ln 1970 met ‘het jaar van de natuur’ een nieuw tijdperk van ecologisch bewustzijn krijgen de nieuwe ideeën van Le Roy snel ruime bekendheid. Er volgen opdrachten in Leeuwarden, Groningen, Brussel en Parijs en op tal van ander plekken in Nederland en Europa.</p>
<p align="left">Le Roy kwam met het imperatief dat ieder mens zijn creatieve inbreng moet kunnen krijgen in de vormgeving van de stedelijke leefomgeving. Bovendien diende  in zijn optiek één procent van het stedelijk oppervlak gereserveerd te worden voor zijn symbiotische projecten waarbij de ruimte teruggeven kon worden aan processen in de tijd. Daarmee raakte hij de achilleshiel van het maatschappelijk systeem, want de tijd zal door de macht van de overheid nooit uit handen worden gegeven. Alleen al om die reden is het hoogste uitzonderlijk dat de Gemeente Heerenveen in 2005 een honderd jarig contract met de Stichting Tijd heeft afgesloten, waarin de intentie werd uitgesproken om het gemeenschapsproject in de Kennedylaan zich een eeuw lang te laten voort ontwikkelen in de tijd.</p>
<div style="text-align: center"><img id="image2263" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2008/01/eeuw.png" alt="eeuw.png" width="278" height="186" /></div>
<p>tekening 100 jarig contract Kennedylaan, 2005</p>
<p align="left">Le Roy zag als een van de eersten het spookbeeld van een moderne dode stad opdoemen, waarin de tijd is uitgeschakeld en waarin de participatie van de bewoners niet gewenst of zelfs verboden is. Vanaf 1971 schreef hij regelmatig artikelen in het tijdschrift Plan, waarbij hij in discussie ging met tal van opponenten, maar ook verslag uitbracht van de voortgang van zijn eigen lopende projecten. Het artikel Onze spectaculaire samenleving springt eruit omdat hij in dit betoog –  een vlijmscherpe kritiek op de in 1971 gereed gekomen Parijse buitenwijk La Grande Borne van de architect Aillaud – ook een fundament zocht voor zijn ideeën, waarbij hij verwees naar gedachten van Henri Bergson en Guy Debord. Het idee van ‘de uitgeschakelde mens’ werd door Le Roy nu ingezet bij een frontale aanval op een stedenbouwkundig concept, dat ook in Nederland zijn varianten heeft gekend. Tijdens de ernstige ongeregeldheden die in 2005 plaatsvonden in de ‘banlieus’ van Parijs en andere Franse voorsteden, werden door sommige commentatoren verbanden gelegd tussen de architectuur van deze wijken en het ontstaan van de rellen. Wie het artikel van Le Roy uit 1975 had gelezen had deze opstand dertig jaar eerder al kunnen voorspellen. La Grande Borne lijkt bijna op maat gebouwd voor ‘de uitgeschakelde mens’.</p>
<p align="center">
<div style="text-align: center"><img id="image2264" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2008/01/banlieu.png" alt="banlieu.png" width="282" height="188" /></div>
<p align="center">Banlieu Parijs</p>
<p align="left">Sindsdien heeft de kunst van Le Roy zich gericht op de ontwikkeling van ecologische processen in ruimte en tijd, waarbij de mens als katalysator een centrale rol speelt. Dergelijke projecten worden tegenwoordig gezien als ‘sociaal ecologisch landschapskunst’, maar ook als vroege voorbeelden van ‘community art’ en ‘sociale sculptuur’. De kunst van Le Roy heeft  het vermogen om telkens weer in een andere context een nieuwe waardering te vinden. Zo heeft het beeld van de Le Roy  zich in de afgelopen decennia ontwikkeld van de wilde tuinman met anarchistische opvattingen, tot een sociaal bewogen en gedreven kunstenaar met een scherpe en vooruitziende blik als het gaat om het belang van de ecologie en menselijke creativiteit.  Tijdgericht denken heeft zich tegenwoordig genesteld het denken over planologie, natuur en landschap. Tegelijk zijn nieuwe gedachten ontstaan over het verband tussen creativiteit en economie.</p>
<div style="text-align: center"><img id="image2265" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2008/01/planologie.png" alt="planologie.png" width="269" height="186" /></div>
<p align="left">De huidige opvattingen over planologie en stedenbouw, en landschapsinrichting waarbij de tijdafhankelijke ontwerpprocessen en het collectieve geheugen van de plek een centrale plaats hebben gekregen, heeft het gedachtegoed van Le Roy in een ander licht geplaatst. Het hedendaagse landschap is maakbaar, maar tegelijk ook uiterst kwetsbaar. Het landschap is niet meer een ongerepte tegenpool van de moderne verstedelijking, waar het kunstmatige landschap als park een vrijplaats kreeg, maar de totale omgeving – stad en landschap – worden steeds meer als één omgeving gezien, dat wil zeggen: als één groot cultuurlandschap, waarin de maakbare natuur in een voortdurend veranderende gedaante een plaats krijgt.  Men spreekt tegenwoordig dan ook over &#8216;ontwikkelingsgerichte landschapsstrategie op basis van cultuurhistorische onderleggers&#8217;. Maar ook over de &#8216;DNA van het landschap, dorp of streek&#8217;. Dat multidisciplinaire denken geeft het ecologische denken over natuur, landschap en tijd, dat Le Roy heeft ontwikkeld, een nieuw perspectief.</p>
<div>
<p align="left">Niet alleen in de stedelijke ruimte, ook in het landschap wordt tegenwoordig steeds meer aandacht besteed aan een adequate omgevingsvormgeving geënt op historische structuren. Deze nieuwe, meer organisch geaarde visies kwamen steeds nadrukkelijker naar voren in de opeenvolgende, landelijke nota’s voor ruimtelijke ordening. Ook in de nota Belvedère uit 1999 kwam een nieuwe visie op het landschap aan het licht in de beleidsmissie gericht op bescherming en behoud van cultuurhistorische waarden. Beide ontwikkelingen raakten in een convergerend proces verwikkeld. De ruimtelijke ordening wordt tegenwoordig beschreven als een geïntegreerde benadering vanuit verschillende disciplines als economie, sociologie, ecologie, geografie en cultuur(behoud).  De  totstandkoming van de kwaliteit van de ruimte wordt dan ook steeds meer gezien als een culturele opgave, dat wil zeggen: als een complex dynamisch systeem dat in feite een creatief proces in de tijd is.</p>
<p align="left">
<div style="text-align: center"><img id="image2268" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2008/01/borne1.jpg" alt="borne1.jpg" width="356" height="95" /></div>
<div>Entree van de wijk La Grande Borne</div>
<div>
<div>
<p align="left">Maar hoe duurzaam is het gedachtegoed van Le Roy?  Zullen zijn gedachten de tijd overleven? Wie ben ik om dat te kunnen voorspellen? Ik kan alleen zeggen dat ik het hoop. Want als zijn gedachten in de vergetelheid raken, dan is slecht met de mens gesteld. In de diepe trance van de Parijse slaapsteden herkende  Le Roy in het midden van de jaren zeventig de raadselachtige woorden van Guy Debord over de ontvreemding van de tijd. Op een gedenknaald, die de architect Aillaud aan het begin van de wijk had laten plaatsen, stond letterlijk te lezen ’La Grande Borne &#8230; commencé a vivre en août milleneuf cent soixante onze.’  La Grande Borne is begonnen te leven in augustus 1971. Wat Le Roy vier jaar later aantrof was een getto waar de tijd letterlijk was stilgezet. Niet het leven was hier begonnen, maar de dood. Hij begreep dat de oplossing niet lag in het denken, maar in het doen. De beste kritiek kun je niet in woorden vatten, maar door aan de verbetering van de toestanden te werken.</p>
<p align="left">Die arbeid heeft Le Roy verricht, decennialang en onvermoeibaar en zonder een spoor van fatalisme, laat staan van wanhoop. Integendeel, Le Roy is de filosoof van de hoop. ‘De wereld bezit reeds lang de droom van een tijd, waarvan zij nog slechts het bewustzijn behoeft te bezitten om hem werkelijk te leven,’ schreef Debord.  Le Roy heeft die droom nog altijd.  Het is een droom van een stad die bestaat uit de creatieve potenties van al haar bewoners. De droom &#8211; zoals hij het zelf verwoordde – van een ‘cultuur die evenals de religieuze culturen in het verleden, met behulp van de komende generaties volledig zal kunnen worden uitgebouwd’. In die zin bevatten niet alleen zijn gedachten, maar vooral ook zijn daden nog altijd een opdracht die nog lange tijd mee kan</p>
<p align="left">
<div style="text-align: center">
<div style="text-align: center"><img id="image2270" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2008/01/la%20grande%20borne1.jpg" alt="la grande borne1.jpg" width="278" height="275" /></div>
<div style="text-align: center">La Grande Borne, 1970</div>
<div style="text-align: center">
<div style="text-align: center"><a href="http://www.youtube.com/watch?v=uJTAE4Q9li8" target="_blank">zie en luister</a></div>
</div>
</div>
</div>
</div>
</div>
</div>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.huubmous.nl/2008/01/19/de-fllosoof-van-de-hoop/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>9</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Le Roy in de schaduw van morgen</title>
		<link>http://www.huubmous.nl/2008/01/18/le-roy-in-de-schaduw-van-morgen/</link>
		<comments>http://www.huubmous.nl/2008/01/18/le-roy-in-de-schaduw-van-morgen/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 18 Jan 2008 03:51:38 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Huub Mous</dc:creator>
				<category><![CDATA[Le Roy]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.huubmous.nl/2008/01/18/le-roy-in-de-schaduw-van-morgen/</guid>
		<description><![CDATA[&#8216;De wind beweegt, de bijen zoemen de stilte stiller. Zij arbeiden, zij fluisteren: &#8216;het huis in stand gehouden, het huis in stand gehouden.&#8217; Ida Gerhardt Het idee achter de Ecokathedraal hoort thuis in een reeks van revolutionaire gedachten die rond 1960 de kop op staken. Er waaide in die tijd een nieuwe wind door Europa [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<div style="text-align: center"><img width="326" height="353" id="image2253" alt="louis_le_roi1.jpg" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2008/01/louis_le_roi1.jpg" /></div>
<blockquote><p><em>&#8216;De wind beweegt, de bijen zoemen de stilte stiller. Zij arbeiden, zij fluisteren: &#8216;het huis in stand gehouden, het huis in stand gehouden.&#8217; </em></p>
<p><em>Ida Gerhardt </em></p></blockquote>
<p align="left">Het idee achter de Ecokathedraal hoort thuis in een reeks van revolutionaire gedachten die rond 1960 de kop op staken. Er waaide in die tijd een nieuwe wind door Europa en ook de kunst werd bevangen door een nieuw élan. Dat uitte zich enerzijds in een protest en bloc tegen de traditionele cultuur die de oorlog had overleefd, en anderzijds in de opwindende ontdekking van iets geheel onbekends. Iets wat je misschien het best kunt aanduiden als de flux van het hier en nu. De kunst wilde opnieuw beginnen. Nu, zero, Nul, dat waren de woorden van die tijd. Die radicale heroriëntatie op heden maakte de kunst performatief. Ze zocht niet meer de statische weergave van de werkelijkheid, of de tijdloze abstrahering daarvan, maar de werkelijkheid zelf in de daad, de handeling, in een actie gericht op verandering. Niet vanuit de hooggestemde idealen van de vooroorlogse avant-garde, maar met oog voor het toeval en de contingentie van het alledaagse bestaan.</p>
<div align="left" />
<p align="left">Voor velen werd duidelijk wat dat ware de bestemming van de kunst niet buiten deze wereld ligt, maar in de volledige integratie met het leven van alle dag. Kunst moest afstand doen van zijn eigen mythe, afstand ook van alle diepzinnigheid en zwaarte die haar zo lang hadden belast. De lichtheid van het spel, daar ging het voortaan om. Die ontdekking betekende voor sommigen een schok van herkenning. Men herinnerde zich wat Johan Huizinga al voor de oorlog met zijn ‘Homo Ludens’ had beweerd. Het spel is kenmerk van het leven dat ouder is dan de cultuur. Zoals een dier een biologische drang heeft tot spelen, zo vindt de mens pas in het spel misschien wel zijn diepste vervulling. In het spel ‘speelt’ iets mee wat moeilijk te benoemen is. Het is geen instinct of iets fysiologisch, maar ook niet iets geestelijks of psychologisch, eerder iets wat tot het spel zelf behoort en natuur met cultuur verbindt.</p>
<div align="left" />
<p align="left">Ook Camus wees – in het spoor van Nietzsche &#8211; op het belang van het spel in zijn boek L’homme révolté. Hadden de Grieken niet al beweerd dat de mens een speeltuig van de goden was? Eeuwig is slechts de kracht die geen doel heeft, het spel van de presocratici. ‘Zij wilden van geen einddoelen weten, omdat ze eeuwigheid van hun beginsel wilden handhaven’. Doelloos is dan ook zeker niet zinloos. Al spelend ontdekt het kind dat het geluk juist in de sfeer van doelloosheid te vinden is. De tragiek van de eindigheid van de tijd doet het bewustzijn pijn, maar het spel roept een wereld in herinnering, waarin dit bewustzijn zich zelf verliezen kan. Het spel zoekt vrijheid en improvisatie, vrij van ratio en macht.</p>
<div style="text-align: center"><img width="150" height="143" id="image2254" alt="ludens.jpg" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2008/01/ludens.jpg" /></div>
<p align="left">Dit soort ideeën, die in de verte een herinnering oproepen aan het Zenboeddhisme met zijn ontkenning van de doelgerichte intentie, doken eind jaren vijftig opeens overal op. Ze inspireerden kunstenaars tot nieuwe experimenten. De introductie van het toeval en het spel bracht een andere opvatting van tijd aan het licht. Toen John Cage werd gevraagd of hij ook wel eens muziek schreef met een begin midden en eind, was zijn antwoord: ‘Jawel, maar in een andere volgorde’. In Europa moeten deze nieuwe gedachten voor het eerst zijn aangewaaid in de straten van Parijs. Juist daar was in de eerste jaren na de oorlog ‘het absurde’ een modewoord geworden. Existentialisten filosofeerden over de contingentie van het dagelijks bestaan.</p>
<div align="left" />
<p align="left">De situationisten voegden vervolgens de daad bij het woord. Zij ontdekten een nieuw soort schoonheid in het ongeordende, in het toevallige, zelfs in het ogenschijnlijk lelijke. Alles kon opeens mooi zijn. De passiviteit van een solitaire, contemplatieve houding werd taboe verklaard. ‘Separatie’, zo stelde Guy Debord, ‘is de alfa en omega van de spektakelmaatschappij.&#8217; Van automobiel tot televisie, alles leek er op gericht om mensen te isoleren, af te snijden van het geheel. Geruisloos werd de werkelijkheid vervangen door beelden. De spektakelmaatschappij, zo beweerde Debord, doet hetzelfde wat de religie voorheen heeft gedaan: de mens zijn eigen macht ontnemen. Om dat te bestrijden organiseerden de situationisten een soort stadsguerrilla van kleine, absurde gebeurtenissen Het ludieke werd een daad van verzet. De creatieve potentie van het toeval had in het spel zijn eigen systeem ontdekt.</p>
<div style="text-align: center"><img alt="lefebvre.jpg" id="image2255" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2008/01/lefebvre.jpg" /></div>
<p align="center">Henri Lefebvre</p>
<p>Die gedachte aan de vrijheid van een spelende mens duikt vervolgens ook op in het Nieuwe Babylon van Constant, in het nieuwe denken over de stedenbouw van Henri Lefebvre waarin de complexiteit van de stedelijke ruimte een model werd voor een nieuwe samenleving. Maar ook in de theorieën over maatschappelijke ‘ontklontering’ en ‘verdunning’ van de Nederlandse architect Van Klingeren. In de gedachten ook van Beuys over de sociale plastiek van vrije en gestolde energie, en zelfs in de ludieke acties van de Provo’s en de Oranje vrijstaat van de Kabouters. Ontwikkelingen in de kunst kregen hun tegenhanger in nieuwe modellen voor de maatschappij. Het waren visies, die uit allerlei bronnen voorkwamen, maar één ding gemeen hadden: een fundamenteel verzet tegen het rationalisme van de technologische samenleving met zijn strakke tijd-as en waarden als efficiency en regelmaat. Het was een verzet tegen de moloch die in de stedelijke ruimte tot kaalslag had geleid en een eenzame menigte had voortgebracht. Het was de verbeelding die de macht ondermijnde, een onderstroom van nieuwe ideeën die de technologische mainstream bestreed. Geen cultuur, maar een tegencultuur zoals Theodore Roszak beweerde.</p>
<p>Als in 1970 met ‘het jaar van de natuur’ een nieuw tijdperk van ecologisch bewustzijn lijkt aan te breken, duikt die utopische droom van spel en vrijheid ook op in de ludieke ideeën van de wilde tuinman Louis Le Roy. Het nieuwe evangelie van Beuys – ‘jeder Mensch ein Künstler’ – had zich beroepen op een oud idee uit de Romantiek dat ooit door Novalis was verwoord: ieder mens moet een dichter worden. Le Roy kwam met het imperatief dat ieder mens zijn creatieve inbreng moet kunnen krijgen in de vormgeving van de stedelijke leefomgeving. Daarmee ontkende hij de geheiligde grenzen tussen de openbare en de particuliere ruimte. Hij zette de deur op een kier voor iets nieuws: de gedachte dat mensen op kleine schaal heel goed voor hun eigen omgeving kunnen zorgen. In een land, waar een smetteloze voortuin tot dan toe een signaal van burgerdom en braafheid was, klonken zijn woorden als een vloek in de kerk. Zijn ‘wilde tuinieren’ had een anarchistisch tintje. Hij morrelde aan de fundamenten van de macht.</p>
<div style="text-align: center"><img width="310" height="239" id="image2256" alt="uilenspiegeltjes0001.jpg" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2008/01/uilenspiegeltjes0001.jpg" /></div>
<p align="left">Le Roy is van al die goeroes uit die tijd een van de weinige overlevenden die zijn idealen trouw is gebleven. Sterker nog, hij heeft als enige de hoogdravende taal van toen omgesmeed tot een inspirerende visie op de toekomst. Bovendien heeft hij die visie tot op de dag van vandaag met eigen handen in praktijk gebracht. ‘Utopisch gedacht’, zo schreef hij in zijn stripverhaal Uilenspiegeltjes, ‘ben ik van mening dat iedere stad zou moeten ontstaan uit de creatieve potentie van al haar inwoners.&#8217; Architectuur is daarmee een voortdurend proces in de tijd geworden, waar iedereen aan deel kan nemen. Het bijzondere van de Ecokathedraal zit dan ook niet in zij merkwaardige biotoop, de uitzonderlijke plantensoorten, de rijkdom en complexiteit van het ecologisch systeem, de uitzonderlijkheid van de bouwconstructies of de grilligheid van de seizoenswisselingen en de veranderingen van het licht, laat staan in de therapeutische waarde die het als werkplek heeft, of het meditatief potentieel die het dwalende bezoekers kan bieden. Het uitzonderlijke van de Ecokathedraal zit in de opdracht die erin besloten ligt.</p>
<div align="left" />
<p align="left">Wie de tijd krijgt, heeft de toekomst. Maar wie de tijd daadwerkelijk krijgt, heeft hij ook het best bewaarde geheim van de macht in handen. Hij heeft een wereld te winnen. De subtiele mechanismen om dat gevaar af te wenden heeft Le Roy in de loop der jaren in alle mogelijke varianten leren kennen. Maar onkruid vergaat niet. Misschien is de grootste kwaliteit van zijn ideeën juist de potentie die ze hebben om de tijd te overleven. Sterker nog, ze hebben het vermogen om telkens weer in een andere context een nieuwe waardering te vinden. Het ecologisch bewustzijn van de jaren zeventig, dat zo bepalend is geweest voor zijn aanvankelijk succes, heeft inmiddels plaats gemaakt voor het denken in netwerken en complexe systemen, waarbij het geheel altijd meer is dan de som der delen. Die nieuwe benadering manifesteert zich niet alleen in de planologie en landschapsbeheer, maar tekent zich als een fundamentele breuk in het denken die zich op tal van terreinen manifesteert.</p>
<div align="left" />
<div style="text-align: center"><img width="182" height="278" id="image2258" alt="NetSoc.gif" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2008/01/NetSoc.gif" /></div>
<p align="left">De globalisering van de wereldeconomie heeft een proces van steeds verder gaande hybridisering op gang gebracht. Eenvormigheid maakt plaats voor grensvervaging, zuiverheid voor besmetting, essenties voor constructies en hiërarchieën voor netwerken. Wij zijn nu een maatschappij ingetreden, zo beweert Manuel Castells, die gebaseerd is op uiterst flexibele netwerken, die tegelijk regionaal en globaal zijn, die duidelijk verschilt van de industriële, op bureaucratie gebaseerde verticale hiërarchieën  Alles heeft tegenwoordig met alles te maken en lijkt ook met alles te communiceren. We beleven het tijdperk van de stromen van informatie, maar ook het ongrijpbaar worden de macht. De politiek wordt kleverig en gaat steeds meer schuil in supranationale of quasi-gouvernementele organisaties. De tegencultuur lijkt verdwenen of in de maalstroom van de mainstream te zijn opgenomen.</p>
<div align="left" />
<p align="left">Langzaam tekenen de contouren zich af van een nieuw imperium. Het besef dringt door dat in een eindige wereld de wetten van de markt het enige regiem is dat ons nog rest. Zelfs oorlog is niet meer wat het geweest is. Hoe je het ook wendt of keert, de wereldcultuur wordt in een razend tempo één groot complex systeem. Maar hoe zit het met de tijd? We zijn op weg naar een wereld zonder centrum, waardoor ruimte en tijd een totaal ander karakter krijgen. Ze worden steeds meer in elkaar geschoven. In de posthistorische fase ligt de tijd ook lang niet altijd op één lijn. De tijd wordt gestapeld, verbrokkeld en geminimaliseerd. De wereld wordt één grote database, waar iedereen vrijelijk uit kan putten. Zoals de postmoderne architectuur heeft ontdekt dat je alles met alles kunt combineren, zo plakt de muziek van tegenwoordig geluiden aan elkaar. Ritmes worden &#8216;gesampled&#8217; met als enige onderlegger een alles overheersende trance-achtige beat.</p>
<div style="text-align: center"><img width="200" height="296" alt="tirannie.jpg" id="image2257" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2008/01/tirannie.jpg" /></div>
<p align="left">Maar een rapsodische stapeling is nog geen stilistische integratie. Naarmate de lineaire tijd overgaat een verbrokkelde gelijktijdigheid, zo beweert de Noorse antropoloog Thomas Eriksen, maakt informatieschaarste steeds meer plaats voor een schaarste aan vrijheid van informatie. Daarmee raakt hij aan het kernpunt van Le Roys cultuurkritiek. In de twee naamloze eeuwen sinds de Barok is het hoogste niveau van de cultuur tot het laagste niveau – het chaos niveau &#8211; uiteengevallen. De vrijheid die eigen is aan een hoogwaardig complex systeem, heeft plaats gemaakt voor de dwangmatige roes van de eindeloze herhaling. De tijd mag dan versnellen en zich eindeloos opstapelen, maar waar blijft het dansen tussen de stenen? De ‘homo economicus’ is geen ‘homo ludens’ geworden. Integendeel, het toekomstvisioen van de spelende mens lijkt verdwaald in een labyrint van privé-utopia’s.</p>
<div align="left" />
<p align="left">Die veranderende context vindt tegenwoordig zijn weerslag in een nieuwe waardering voor Le Roy, niet zozeer als de wilde tuinman met anarchistische opvattingen, maar als een cultuurfilosoof met een vooruitziende blik en een gevoelige antenne voor de tijdgeest. Die nieuwe waardering is de oude meester van harte gegund, maar er schuilt ook een gevaar in deze wonderbaarlijke doorstart van zijn roem. De dag zal heus nog wel komen dat op de Documenta in Kassel – na Aldo van Eyck in 1997 en Constant in 2002 – alsnog een plaats voor Le Roy wordt ingeruimd. Zijn ideeën hebben dan definitief hun plek gekregen in de officiële canon van de kunst. Als een curieus symptoom van utopisch denken zullen ze voorgoed zijn bijgezet in het pantheon van de geschiedenis en daarmee definitief onschadelijk zijn gemaakt.</p>
<div align="left" />
<p align="left">De ware betekenis van dit oeuvre ligt niet in zijn historische waarde, maar in zijn explosieve lading die telkens weer om een andere aandacht vraagt in de actualiteit. De Ecokathedraal is geen afgesloten levenswerkelijkheid, maar een vitaal model voor het leven zelf, dat door structuren van macht en economie steeds meer in de verdrukking komt. De nieuwste context van Le Roy ligt dan ook eerder op de barricaden van de anti-globalisten dan in het museum of de in kunstgeschiedenis. De zich telkens weer vernieuwende kracht van de Ecokathedraal is een fundamenteel en aanhoudend verzet tegen de tijdgeest, en niet een weerspiegeling daarvan. De tijd van het spel is nog lang niet aangebroken. De wind beweegt. Het stormt en het is koud buiten. We zullen het huis in stand moeten houden.</p>
<p><a target="_blank" href="http://www.youtube.com/watch?v=mGO1CnkxCVw">zie en luister</a></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.huubmous.nl/2008/01/18/le-roy-in-de-schaduw-van-morgen/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>3</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Le Roy en Richard Florida</title>
		<link>http://www.huubmous.nl/2008/01/17/2229/</link>
		<comments>http://www.huubmous.nl/2008/01/17/2229/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 17 Jan 2008 04:06:43 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Huub Mous</dc:creator>
				<category><![CDATA[Le Roy]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.huubmous.nl/2008/01/14/2229/</guid>
		<description><![CDATA[In een tijd dat het woord ‘creatieve industrie’ nog niet bestond, zag Le Roy in dat de creativiteit van geen enkel mens mag worden buitengesloten. Creativiteit wordt tegenwoordig door economen als een belangrijke motor van de economie beschouwd. Sinds het verschijnen aan het boek ‘The rise of the creative class’ in 2002 van de Amerikaan [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<div style="text-align: center"><img id="image2230" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2008/01/florida500big.jpg" alt="florida500big.jpg" width="375" height="275" /></div>
<p align="left">In een tijd dat het woord ‘creatieve industrie’ nog niet bestond, zag Le Roy in dat de creativiteit van geen enkel mens mag worden buitengesloten. Creativiteit wordt tegenwoordig door economen als een belangrijke motor van de economie  beschouwd. Sinds het verschijnen aan het boek ‘The rise of the creative class’ in 2002 van de Amerikaan Richard Florida is creativiteit een sleutelwoord geworden in het toekomstgericht denken over steden en regio’s. Zo schrijft Florda:</p>
<div>
<blockquote><p>‘De sleutel tot verbetering van het lot van werklozen, onderbetaalden en achtergestelden ligt niet in maatregelen gericht op  sociale verbetering of in werkgelegenheidsprojecten, noch in het terughalen van fabrieksbanen uit het verleden, maar in het aftappen van de creativiteit van deze mensen, terwijl men ze passend honoreert en inschakelt in de creatieve economie.’</p></blockquote>
</div>
<p align="left">Het denken van Le Roy over het inschakelen van de creativiteit en de vrije energie van de mens lijkt in dit nieuwe denken van Richard Florida over creatieve economie opnieuw te voorschijn te komen. Was het niet Le Roy die schreef:</p>
<div>
<blockquote><p>‘Utopisch gezien ben ik van mening dat iedere stad zou moeten ontstaan uit de creatieve potenties van al haar inwoners’  (…)  ‘Een dergelijke fundamentele verandering zou nog sneller zijn beslag kunnen krijgen wanneer de creatief &#8216;begaafden&#8217; niet alleen vanwege hun vermeende hogere creativiteit, maar evenzeer op grond van hun katalyserende vermogens bij een dergelijke ontwikkeling zouden worden betrokken, waardoor ook de creatieve potentie van de minder &#8216;begaafden&#8217; binnen stedelijke agglomeraties volledig aan hun trekken zou kunnen komen.&#8217;</p></blockquote>
</div>
<p align="left">Waarin verschilt het nieuwe denken van Richard Florada over de creatieve economie met het denken van Le Roy over de uitgeschakelde mens en het inschakelen van zijn vrije energie en creatieve potenties? Is het soms zo dat de filosofie van Le Roy opnieuw wordt uitgevonden, maar nu als een zachte motor voor de harde economie? Richard Florida gaat er van uit dat er in het laatste kwart van de vorige een paradigmawisseling heeft plaatsgevonden. De economie heeft zich van de massaproductie verschoven naar diensten en uiteindelijk naar creativiteit. Het gaat er niet meer om wàt je produceert, maar hoe het in de markt zet. Hoe bedenk je concepten die aansluiten bij een bepaalde beleving, ‘brand’ of levenstijl. Technologie wordt daarbij opgevat als een deelverzameling van een veel breder register van creatieve activiteiten, waarbij het voortdurend draait om innovatie.</p>
<div>
<p align="left">Nieuwe ideeën dus. Mensen die werkzaam zijn in deze creatieve sector – die je heel breed of tamelijk smal kunt definiëren &#8211; worden ‘de creatieve klasse’ genoemd. Die nieuwe creatieve klasse is bepalend geworden voor de economie van stad en regio. Primair gaat het dus om het aantrekken van creatief talent. Het is niet meer zo dat bedrijven werkgelegenheid aantrekken. Bedrijven vestigen zich tegenwoordig op plaatsen waar het creatieve talent zich thuis voelt. Anders gezegd, in de stedelijke biotopen van de creativiteit. Creativiteit en economie worden zo opeens verbonden met een plaats op de kaart. Dat wil zeggen, plaatsen die letterlijk vruchtbaar zijn voor talent.</p>
<div style="text-align: center"><img id="image2232" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2008/01/rise.jpg" alt="rise.jpg" width="189" height="284" /></div>
<p align="left">Florida heeft zelfs meetinstrumenten ontwikkeld, waarmee je de creatieve potenties van een stad of regio in kaart kunt brengen. De drie T’s bijvoorbeeld: Technologie, Talent en Tolerantie zijn van vitaal belang. Maar ook een reeks van indexen, zoals bijvoorbeeld ‘De Bohémien- index’, waarmee je het klimaat voor alternatieve leefstijlen kunt meten, De kern van zijn nieuwe denken ligt in een brede opvatting van creativiteit, zoals ook Le Roy &#8211; op geheel eigen wijze &#8211; een heel brede visie op menselijke creativiteit heeft ontwikkeld.</p>
<div>
<p align="left">Beiden &#8211;  zowel Florida als Le Roy &#8211; spreken over creatieve potenties. Het grote verschil echter tussen deze twee visionaire denkers ligt in de verwachtingen die ieder van hen heeft van de techniek. Le Roys visie mikt op de langere termijn en heeft niet specifiek betrekking op de economie, maar op het systeem als geheel – cultuur èn natuur, techniek èn menselijk leven, economie èn ecologie &#8211;  het totale systeem dus, dat zich volgens hem in een diepe crisis bevindt. Le Roy wijst telkens weer op de gevarenzone, waarin de mens zich bevindt.  Het is al vijf voor twaalf. Het voortbestaan van het menselijk leven op deze planeet is geen vanzelfsprekende zaak meer door de voortdurende en exponentieel toenemende roofbouw die de techniek pleegt op de natuur.</p>
<div>
<p align="left">De visie van Richard Florida gaat nog altijd uit van een wereld die volledig maakbaar is, de wereld van de ‘homo sapiens’ die uiteindelijk een ‘homo economicus’ werd, een wereld waarin de natuur geheel door de mens wordt beheerst. Een wereld ook waarin de gedachte niet opkomt, dat de natuur zelf uiteindelijk genadeloos paal en perk zal stellen aan de ongebreidelde groei van de wereldeconomie in het tijdperk van het Technicum.  Le Roy doet in zijn denken een fundamentele stap terug en bevrijdt de creativiteit van de mens door de natuur vanaf microniveau weer aan de tijd en de ruimte terug te geven. Technologie is bij Florida een deelverzameling van een veel bredere klasse van menselijke activiteit, te weten ‘creativiteit.’  Bij Le Roy echter heeft het woord techniek een heel andere lading, die niet verenigbaar is met creativiteit. Techniek is er op uit de mens buiten te sluiten en uit te schakelen.</p>
<div>
<p align="left">Het denken van Le Roy komt voort uit een fundamenteel verzet tegen het onmenselijke functionalisme van de technologische samenleving met zijn strakke tijd-as en waarden als efficiency en regelmaat. De wortels van Le Roys gedachten liggen in de naoorlogse revolte tegen de rampzalige gevolgen die moderne techniek op de wereld kan hebben. Zijn denken kwam voort uit  een verzet tegen de moloch die in de stedelijke ruimte tot kaalslag had geleid en een eenzame menigte had voortgebracht. Het was de verbeelding, die in de jaren zestig de macht ondermijnde en een onderstroom van nieuwe ideeën voortbracht die de technologische mainstream bestreed. Geen cultuur, maar een tegencultuur zoals<br />
Theodore Roszak beweerde. Geen globalisering maar anti-globalisering, om het een huidige tegenspraak samen te vatten.</p>
<div style="text-align: center"><img id="image2235" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2008/01/roszak.png" alt="roszak.png" width="197" height="321" /></div>
<p align="left">De oorsprong van Le Roys denken lag in een voortdurende de dialectische tegenspraak. Laten wij er geen doekjes omwinden, maar de dingen weer bij hun naam noemen. Laten we niet spreken over ‘anders-globalisten’, maar over ‘anti-globlisten’. Geen ‘contra-cultuur in tijdperk van het technicum’, maar een tégen-cultuur, want dat is wat Le Roy met zijn denken in gang wil zetten, een tegencultuur in een tijd van almaar voortgaande globalisering, een tegencultuur in het tijdperk van het Technicum  dat onontkoombaar op ons af komt.</p>
<div>
<p align="left">Hoe zit het eigenlijk met die onontkoombaarheid van de globalisering. Is het proces van globalisering een vloedgolf die ons overspoelt, of is er nog een alternatief denkbaar? Is er eigenlijk wel nog een tegencultuur als die van Le Roy mogelijk, een manier van handelen die zowel op micro- als op macroniveau daadwerkelijk effecten sorteert?  Is er nog ruimte voor het creëren van nieuwe situaties, voor een politiek van het dagelijks leven, zoals de situationisten hebben gedacht?  Leven we in tijden van fatalisme of is er nog enige hoop? Zijn we volledig overgeleverd aan de wetten van economie, markt, media en massacultuur, of is er een uitweg uit de ellende van deze spektakelmaatschappij? We beleven het verval van welvaartsstaat en verzorgingsstaat, van een toenemende druk van internationale migratiestromen, kortom van een steeds agressiever wordend proces van globalisering.</p>
<div style="text-align: center"><img id="image2231" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2008/01/cauter.jpg" alt="cauter.jpg" width="303" height="227" /></div>
<p align="center">Lieven de Cauter</p>
<p align="left">Globalisering, zo beweert de Belgische filosoof Lieven de Cauter, heeft drie onontkoombare kenmerken. Dat zijn ten eerste: de vrije markt economie. Ten tweede: de oneindige accumulatie van kapitaal als doel op zich. En ten derde:  de relatieve dominantie van het centrum ten opzichte van de  periferie. Dat wil zeggen: een periferie die zich voortdurend verlegd naar andere uithoeken in de wereld en daar een spoor van sociale ontwrichting achterlaat in die regio’s die niet als wij &#8211; in Fort Europa &#8211; profiteren van een bedrieglijk consumptieparadijs in een soort eeuwigdurend nu, waarin de tijd zelf lijkt stilgezet.</p>
<div>
<p align="left">Dat bevroren systeem van de tijd is nu mondiaal en meta-stabiel geworden.  Het tast zelfs ons bewustzijn aan zonder dat we dat merken. De tijd als &#8216;duur&#8217;, als een open horizon, verdwijnt, niet met het verstrijken van de tijd, maar in het heden zelf. In het besef van wat leven in feite is: een open en een creatief proces van wording dat zich in de onmeetbare tijd van het leven zelf voltrekt. Het gevolg is dat de mens op allerlei niveaus opnieuw wordt uitgeschakeld en buitengesloten. Er is sprake van een voortwoekerend proces van &#8216;capsularisering van het leven&#8217;,  zoals Lieven De Cauter beweert. We worden er aan herinnerd dat we aan de vooravond van de tijd van een nucleaire terreuraanslag die naast een ecologische catastrofe, het enige gevaar is die dit metastabiele mondiale systeem nog bedreigt.</p>
<div style="text-align: center"><img id="image2233" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2008/01/capsulair_nl.jpg" alt="capsulair_nl.jpg" width="237" height="381" /></div>
<p align="left">Die die twee bedreigingen worden steeds groter, zo wordt ons verteld: de vernietiging van de nucleaire terreur en de ecologische catastrofe.  Van de weeromstuit worden we teruggedreven in het domein van de angst. We gaan leven  in de gesloten domeinen van ‘gated communities’. We gaan winkelen in de artificiële consumptieparadijzen met hun stereotype ‘shopping malls’. De wereld gaat steeds meer op één grote vluchthaven lijken. Wereldsteden worden woekerende gezwellen van staal en  beton, waaromheen zich onbegaanbare getto’s formeren van sloppenwijken en vuilnishopen.</p>
<div>
<p align="left">Maar ook ons eigen leven trekt zich allengs terug.  Het menselijk leven wordt in toenemende een onderneming op zich zelf met als enig doel om de tijd letterlijk te verdrijven achter een tv-scherm dat tegelijk een  computerscherm wordt. Dat wil zeggen: een illusoire capsule, waarin we ons kunnen verschuilen, terwijl we onszelf zo in de waan houden, dat we deel hebben aan een wereld die steeds meer onaantastbaar wordt, onaanraakbaar en onveranderbaar.</p>
<div>
<p align="left">Zo komen keren de principes van uitsluiting en afsluiting weer terug in een hedendaagse gedaante. Het gevaar van de uitgeschakelde mens, van de mens zonder tijd en duur, van de mens die in een voortdurende trance voortleeft als een zombie, dat gevaar zag Le Roy opdoemen in de jaren zestig. Dat gevaar is nog steeds actueel. Fort Europa is op weg naar capsulaire beschaving van bevoorrechte, maar tegelijk ook opgesloten mensen die geen deel meer hebben aan de wereld en uiteindelijk ook niet meer aan het leven zelf, hun eigen leven, het menselijk leven op deze planeet.</p>
<p><a href="http://www.youtube.com/watch?v=khQ9BaXZAjM" target="_blank">Zie en luister</a></p>
</div>
</div>
</div>
</div>
</div>
</div>
</div>
</div>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.huubmous.nl/2008/01/17/2229/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>8</slash:comments>
		</item>
	</channel>
</rss>
