<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>Huub Mous &#187; internet</title>
	<atom:link href="http://www.huubmous.nl/categorie/internet/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>http://www.huubmous.nl</link>
	<description></description>
	<lastBuildDate>Sat, 04 Feb 2012 23:01:55 +0000</lastBuildDate>
	<language>en</language>
	<sy:updatePeriod>hourly</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>1</sy:updateFrequency>
	<generator>http://wordpress.org/?v=3.3.1</generator>
		<item>
		<title>Volg het spoor terug</title>
		<link>http://www.huubmous.nl/2011/09/09/volg-het-spoor-terug/</link>
		<comments>http://www.huubmous.nl/2011/09/09/volg-het-spoor-terug/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 09 Sep 2011 11:00:57 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Huub Mous</dc:creator>
				<category><![CDATA[geschiedenis]]></category>
		<category><![CDATA[internet]]></category>
		<category><![CDATA[literatuur]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.huubmous.nl/?p=52091</guid>
		<description><![CDATA[Sinds drie dagen heb ik geen internet. UPC had onderhoudswerkzaamheden en toen ik het internet weer aan wilde sluiten, crashte de adapter van mijn modem. Schijnt meer voor te komen, hoorde ik. Maar een nieuwe adapter is nog steeds niet per post bezorgd. Gevolg: geen internet en geen telefoon. Dat ik alsnog mijn weblogs kan [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p style="text-align: center;"><a href="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2011/09/9789460032400.jpg"><img class="alignnone size-full wp-image-52093" title="9789460032400" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2011/09/9789460032400.jpg" alt="" width="382" height="585" /></a></p>
<p>Sinds drie dagen heb ik geen internet. UPC had onderhoudswerkzaamheden en toen ik het internet weer aan wilde sluiten, crashte de adapter van mijn modem. Schijnt meer voor te komen, hoorde ik. Maar een nieuwe adapter is nog steeds niet per post bezorgd. Gevolg: geen internet en geen telefoon. Dat ik alsnog mijn weblogs kan posten, komt door het ICT-vernuft mijn zoon Jurriaan die een sluipweg heeft gevonden via zijn iPad. Ondertussen begin ik behoorlijke afkickverschijnselen te vertonen. Ik weet niet wat er internet gebeurt. Ik volg geen blogs meer. Zie geen e-mails. Zelfs face-book en linked-in-berichten kan ik niet beantwoorden. Kortom, ik ben een internet-junk zonder methadon. Deze vorm van <em>cold-turkey</em> maakt me zeer onrustig, maar er zit voorlopig niets anders op.</p>
<p>Uit arren moede ben ik de raarste dingen gaan doen. Zo heb ik gisteren een oude hobby opgepakt: ik ben weer gaan schilderen.  Op zolder had ik nog een leeg doekje staan dat ik ooit bij de <em>Action</em> heb gekocht. Olieverf en penselen had ik nog genoeg. Dus kwasten maar. Het resultaat is niet om aan te zien. Nee, beste lezer, dat krijgt u dus ook niet te zien. Ook heb ik een poging gedaan mijn archief wat te ordenen, maar toen ik oude correspondentie onder ogen kreeg, werd ik opeens zeer chagrijnig, dus daar ben ik maar gauw mee opgehouden. Sommige dingen kun je maar beter meteen weggooien. De tijd heelt alle wonden, zeggen ze wel eens.  Ik geloof er niks van. Geef de tijd vooral geen kans om oude wonden open te rijten. Lees nooit afschriften van oude brieven. De eeltlaag op je ziel is er doorgaans niet tegen bestand.</p>
<p>En natuurlijk ben ik weer aan het lezen. Wat moet je anders als er geen internet is?  Zo las ik gisteren het boek <em>Tegels lichten</em>, een bundel beschouwingen over de naoorlogse Nederlandse geschiedenis, die Henk Hofland in 1972 het licht deed zien. Vooral zijn visie op ‘de roerige jaren zestig’ (wat een akelig cliché toch), die dan nog net achter de rug lagen, is na veertig jaar aardig om te lezen. Hofland verklaart de grote omwenteling van dit decennium niet door het gebruikelijke generatieconflict. Het was volgens hem niet een frontale botsing van <em>babyboomers</em> met &#8216;de regenten&#8217; van voor de oorlog, maar een veel ingewikkelder proces, waarbij met name de ‘tussengeneratie’ het liet afweten. Die vertegenwoordigers van de tussengeneratie hadden hun puberteit en adolescentie tijdens de oorlogsjaren in rook zien opgaan. Zij hadden het vaandel van de oudere elite niet over kunnen nemen. Dat was de generatie dus van ‘de grote drie’: Reve, Mulisch en Hermans, de generatie waartoe ook Hofland zelf behoort. Ze werden geboren in de jaren twintig. Te jong voor de oorlog, te oud voor <em>the sixties</em>. Tja, zou heeft iedere generatie zijn eigen redenen om zich misdeeld te voelen.</p>
<p>Ook ben ik begonnen aan de Schuyt’s biografie van J.B. Charles (W.H. Nagel) &#8211; <em>Het spoor terug</em> &#8211; die vorig jaar is verschenen. Zo te zien een prachtig boek. Ooit zou ik nog wel eens beknopte biografie van Fokke Sierksma willen schrijven. Volgens mij hebben Nagel en Sierksma veel met elkaar gemeen. Beiden werden getekend door oorlog en verzet. Ze deden daar beiden ook op eigenzinnige wijze verslag van: J.B. Charles in zijn prachtige boek <a href="http://www.huubmous.nl/2009/04/03/bring-it-libben-werom-in-my/"><em>Volg het spoor terug </em></a>uit 1953. En Fokke Sierksma met zijn novelle <a href="http://www.huubmous.nl/2011/02/18/het-grensconflict-van-fokke-sierksma/"><em>Grensconflict</em></a> uit 1948. Een opmerkelijk verschil tussen die twee is dat Sierksma een zwak had voor Friesland en J.B. Charles een gruwelijke hekel had aan de Friezen (soms kan ik me daar alles bij voorstellen). Zowel Sierksma als J.B. Charles hebben zich in de eerste naoorlogse periode bezig gehouden met literaire kritiek. Niet toevallig hebben zij zich beiden ook kritisch uitgelaten over <em>De Avonden </em>van Gerard Reve. Ze hadden grote moeite met die landerige stemming die zoveel navolging zou krijgen in de jaren vijftig.</p>
<p>De landerigheid van het Parijse existentialisme, dat is het vruchtwater waarin ik ben opgegroeid. Toen ik als puber romans begon te lezen, was het een al treurigheid wat de klok sloeg.  Zo herinner ik me dat ik ooit eens op de middelbare school een opstel schreef met als titel ‘Het onvermogen om de ander te bereiken’. Ik kreeg er een tien voor. Helemaal <em>up to date</em>. De jaren van de wederopbouw waren voor menigeen wat Anna Blaman zo fraai beschreef als ‘eenzaam avontuur’. Nee, van die landerigheid moesten J.B. Charles en Fokke Sierksma niets hebben. Van verkapt fascisme ook niet trouwens. Bovendien herkende Sierksma als eerste ‘de schreeuw om godsdienst’ in <em>De Avonden </em>van Reve. Er zijn nu nog literatuurcritici die zelfs in het latere werk van Reve niet die ‘schreeuw om godsdienst’ herkennen. Reve’s bekering zou een ironische pose zijn geweest. Afijn, ik hou er over op.</p>
<p>‘Off-line-zijn’ voert mij terug naar ‘de schoonheid van het echte leven’. Ik ga vandaag nog maar eens herlezen wat ik hierover in april j.l. geschreven heb voor mijn lezing tijdens de <a href="http://www.huubmous.nl/2011/04/17/de-friese-vrouw-van-hans-achterhuis/"><em>Nacht van de filosofie</em>.</a> Wat gebeurt er met je, als opeens de stekker van internet en al die sociale media eruit trekt? Is het waar dat ons brein verandert door het ‘onechte’ leven op internet? Het kan nooit kwaad, denk ik, om dat eens in de praktijk uit te gaan zoeken. Dus: af en toe de stekker eruit. Eigenlijk zou je dat met mensen ook moeten kunnen doen. Even de stekker eruit.  Ik praat niet meer met jou. Jij hoort niks meer van me. Ik ben er niet. Onbereikbaar, onzichtbaar, onhoorbaar. Mijn naam is haas. Je kunt de pot op. Morgen ben je de eerste weer, maar vandaag ben ik er even niet. Afwezig wegens sterfgeval. Ik volg het spoor terug.  <em>Don’t shoot me, I am only the webmaster.  </em></p>
<p><object width="480" height="390" classid="clsid:d27cdb6e-ae6d-11cf-96b8-444553540000" codebase="http://download.macromedia.com/pub/shockwave/cabs/flash/swflash.cab#version=6,0,40,0"><param name="allowFullScreen" value="true" /><param name="allowscriptaccess" value="always" /><param name="src" value="http://www.youtube-nocookie.com/v/MPlZt8uvprk?version=3&amp;hl=nl_NL&amp;rel=0" /><param name="allowfullscreen" value="true" /><embed width="480" height="390" type="application/x-shockwave-flash" src="http://www.youtube-nocookie.com/v/MPlZt8uvprk?version=3&amp;hl=nl_NL&amp;rel=0" allowFullScreen="true" allowscriptaccess="always" allowfullscreen="true" /></object></p>
<p>&nbsp;</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.huubmous.nl/2011/09/09/volg-het-spoor-terug/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>16</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Het mystieke lichaam van internet</title>
		<link>http://www.huubmous.nl/2011/04/16/het-mystieke-lichaam-van-internet/</link>
		<comments>http://www.huubmous.nl/2011/04/16/het-mystieke-lichaam-van-internet/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 15 Apr 2011 22:01:34 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Huub Mous</dc:creator>
				<category><![CDATA[filosofie]]></category>
		<category><![CDATA[internet]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.huubmous.nl/?p=44793</guid>
		<description><![CDATA[Net als het christendom staat ook cyberspace in principe  voor iedereen open: voor mannen en vrouwen, de eerste en de  derde wereld, noord en zuid, oost en west. Net zoals het Nieuwe Jeruzalem openstaat voor iedereen die het pad van Christus  volgt, staat cyberspace open voor iedereen die zich een pc en het maandelijkse bedrag voor [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p style="text-align: center;"><a href="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2011/04/Slide115-e1302884465500.jpg"><img class="size-full wp-image-44800 aligncenter" title="Slide1" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2011/04/Slide115-e1302884824940.jpg" alt="" width="515" height="365" /></a></p>
<blockquote><p>Net als het christendom staat ook cyberspace in principe  voor iedereen open: voor mannen en vrouwen, de eerste en de  derde wereld, noord en zuid, oost en west. Net zoals het Nieuwe Jeruzalem openstaat voor iedereen die het pad van Christus  volgt, staat cyberspace open voor iedereen die zich een pc en het maandelijkse bedrag voor toegang tot het Internet kan veroorloven. In toenemende mate bieden bibliotheken en andere gemeenschapscentra ook vrije toegang. Net zoals de Hemelse  Stad is cyberspace een ruimte waarin mensen van alle landen  zich in theorie met elkaar kunnen vermengen. Veel aanhangers van cyberspace willen ons zelfs doen geloven dat het Net de  grenzen van nationaliteit, ras en geslacht juist opheft, waardoor iedereen in gelijke mate wordt opgeheven naar een immateriële digitale stroom. De droom van een wereldgemeenschap is een van de belangrijkste fantasieën van de &#8216;religie&#8217; van cyberspace, een technologische versie van de wereldbroederschap van het Nieuwe Jeruzalem.</p></blockquote>
<p>Aldus Margaret Wertheim in haar boek <em>De hemelpoort van cyberspace, een geschiedenis van de ruimte van Dante tot Internet </em>(1999). De vergelijkingen die zij trekt tussen de nieuwe ruimte van internet en de bovenwereldse ruimte van de christelijke kosmologie zijn kenmerkend voor de utopische beginfase van het internet. Toch is er nog altijd iets voor te zeggen. Er zijn meer  parallellen tussen het ontstaan van het christelijk ruimte-concept in de eerste eeuwen van de jaartelling en de hedendaagse revolutie die internet teweegbrengt in het denken over ruimte en tijd. Dergelijk omwentelingen brengen grote veranderingen teweeg in de bestaande machtsverhoudingen. Augustinus scheef zijn boek <em>De Civitate Dei </em> na de val van Rome, dat in het jaar 410 werd ingenomen door de oprukkende horde barbaren die Europa overspoelde. De gedachte was ontstaan dat het verval van Rome veroorzaakt was door de opkomst van het christendom. Om die  bewering te weerleggen ontwierp Augustinus de kosmologie van de dubbele ruimte  De ruimte van de aardse stad en de ruimte van het eeuwige Jeruzalem: de Stad Gods</p>
<p>Het eschatologisch perspectief van die twee steden was uniek. In de Bijbel was geen enkel voorbeeld te vinden die deze theorie kon rechtvaardigen. De stad van God was op aarde vermengd geraakt de wereldse ruimte, zo beweert Augustinus. De liefde tot God is gericht op het eeuwige Jeruzalem. De liefde tot de wereld op Babylon. Het was een strijd tussen de eeuwige vrede, die in het verschiet lag, en &#8216;het rijk van de chaos&#8217; dat zo kenmerkend werd getypeerd door de Babylonische spraakverwarring. Deze wereld was in ongerede geraakt en moest zich opnieuw richten op de eindtijd, het Laatste oordeel, als alle doden zouden opstaan om geoordeeld te worden. Ze zouden dan hun lichaam herkrijgen in de opstanding van het vlees. Dan zou ook de scheiding zich voltrekken tussen de <em>good guys and the</em> <em>bad guys</em>, niet alleen bij de mensen, maar ook bij alle geestelijke wezens boven hen, de demonen en de engelen, de Duivel en God. Dit nieuwe ruimte-concept van Augustinus zou de wereld gaan veranderen. Het Heilige Roomse Rijk, dat in de Middeleeuwen zou ontstaan, werd door de tijdgenoten gezien als een voorloper van het eeuwige Jeruzalem.</p>
<p>Ook internet brengt een revolutie teweeg in het denken over ruimte en tijd. Die revolutie gaat gepaard met mondiale machtsverschuiving. Kon de val van het voormalige Oostblok nog opgevat worden als een overwinning van vrijheid en democratie, die door een reeks van factoren veroorzaakt werd – de opkomende middenklasse in het Oostblok, de wapenwedloop die door Reagan werd gewonnen, de verlokkingen van de westerse lifestyle &#8211; de hedendaagse facebook-revolutie in de Arabische landen is onmiskenbaar voor een groot deel veroorzaakt door internet en de nieuwe sociale media. Zoals de opkomst van het christelijke ruimte-concept gepaard ging met de val van Rome, zo gaat de hedendaagse botsing der beschavingen gepaard met een nieuw ruimteconcept dat door internet wordt aangedragen.</p>
<p>Maar er is meer. In veel hotelkamers in moslimlanden vind je een pijl op het plafond die naar Mekka wijst. Er bestaan eeuwenoude islamitische instrumenten die met een ingenieus mechaniek de afstand berekenen tussen Mekka en een plaats waar dan ook op de aardbol. In zijn boek <em>De filosofie van het landschap</em> (1970) stelt Ton Lemaire dat herhaling en oriëntatie op een middelpunt van oudsher de oervormen zijn van ruimte en tijd. De katholieke (lees: algemene) geloofsgemeenschap van de mensheid verenigde zich ooit in het mystieke lichaam van Christus, dat de ruimte en de tijd oversteeg. Tegenwoordig verenigt de mondiale geloofsgemeenschap zich in het <em>breaking news </em>van CNN. Wat is echter, de crucifix of de tv? Of zijn ze beide echter dan echt? Zijn beide soms hyperreëel? Was het christendom een geniale voorloper van de spektakelmaatschappij? Als je rondreist door Zuid-Europa zie je in elke hotelkamer een kruisbeeld en een tv aan de muur. Jezus en CNN zijn overal! Zet de knop maar aan en je hoort in de toon van de nieuwslezer de stem van de Verlosser. Hij spreekt ons toe met de geruststellende sacrale plechtstatigheid van een priester met zijn mysterie van brood en wijn, lichaam en bloed van Christus.</p>
<p>De media leveren ‘een geniale streek’, zoals ooit het christendom (zoals Nietzsche beweerde) ‘een geniale streek’ heeft geleverd. Door Zijn Zoon aan het kruis te laten sterven absorbeerde God de erfzonde van de mens. Niet langer was het nodig te offeren aan de goden. God had zich zelf geofferd en daarmee het menselijk bestaan gereduceerd tot een aards leven <em>for the time being</em>: de paulinische tussentijd in afwachting van de terugkeer van de Verlosser. Alleen overgave in het geloof was nodig om gezuiverd en verlost te worden. Met deze ‘geniale streek’ was de christelijke liefde veiliggesteld. De <em>agapè </em>zoog de menselijk liefde op naar God. Er opende zich een horizon van christelijk geluk, dat hier op aarde reeds beleefd kon worden. Dat is de kern van de christelijke <em>allegria</em>, een soort opgewonden vrolijkhied.  Christus leeft! Christus is onder ons! Vertaald naar onze tijd wordt dat : De media leven! De media zijn onder ons! Zo bezien heeft de spektakelmaatschappij veel weg van het mystieke lichaam van Christus.</p>
<p>In het spoor van Slavoi Žižek wijzen verschillende filosofen tegenwoordig op de erfenis van het christendom, die in de moderniteit is geïncorporeerd en in een nieuwe gedaante voortleeft in het spektakel van de media. ‘Wij zijn in de media, de media zijn in ons’ beweerde de Spaanse mediafilosoof Manuel Castells. Een boodschap kan tegenwoordig alleen nog een rol spelen als hij in de media wordt gecommuniceerd. De ijle werkelijkheid van de media gaat steeds meer lijken op een ervaring die werkelijkheid overstijgt. Guy Debord had het ook al gezegd. De media absorberen de mensheid in een nieuw mondiale passiviteit en overgave, zoals ooit de christelijke religie het beste uit de mens heeft weggezogen. De media creëren ook een nieuw soort roem en glamour die bovenwerelds van aard lijkt. Aan dit nieuwe hemelgewelf worden soms vreemde patronen zichtbaar die soms ook vertrouwen trekken vertonen. De figuur van de hedendaagse profeet bijvoorbeeld, de heilige of de martelaar van de media.</p>
<p>Debord maakte onderscheid tussen drie vormen van spektakel. Het ‘geconcentreerde spektakel’ van de totalitaire maatschappijvormen als fascisme en communisme. Vervolgens het diffuse spektakel van de kapitalistische consumptiemaatschappij. Toen hij in 1988 zijn theorie aanscherpte – in het licht van de nieuwe ontwikkelingen als de doorbraak van de massamedia en de globaliserende economie – onderscheidde hij nog een derde verschijningsvorm: ‘het geïntegreerde spektakel’. Dit is een mengvorm van de beide vorige stadia. Het is een soort laatste toestand van het systeem die zich mondiaal manifesteert. Debord beweerde hierover het volgende: met de doorbraak van het globalisering heeft het diffuse spektakel van het kapitalisme het geconcentreerde spektakel van de dictatuur niet vervangen, maar geïntegreerd, dat wil zeggen: dialectisch ‘opgeslokt’.</p>
<p>Maar de media, waar Debord over schreef, waren de <em>passieve </em>media als film, televisie en het eindeloze eenrichtingsverkeer van nieuws, non-nieuws en reclameboodschappen. Internet en de nieuwe sociale media zijn <em>interactief.</em> Dat betekent dat de spektakelmaatschappij van Debord een nieuwe fase is ingegaan. De mondiale sluimer van een tijdloze passiviteit, waar het spektakel van de oude media toe zou leiden, wordt bij de interactieve media doorbroken door een verlangen naar revolutionaire verandering. Tenminste, binnen de totalitaire maatschappijvormen, waar nog altijd  &#8216;het geconcentreerde spektakel&#8217; heerst, zoals de dictaturen van de Arabische wereld, China en Rusland. Wat de interactieve media te betekenen hebben voor &#8216;het geïntegreerde spektakel&#8217;, de laatste toestand van het systeem &#8211; de laat-kapitalistische maatschappij, waar wij in leven dus &#8211; dat is nog onbekend. Het mystieke lichaam van internet geeft zijn laatste geheimen nog niet prijs. <em>The future is not ours to see. </em></p>
<p><object width="480" height="390" classid="clsid:d27cdb6e-ae6d-11cf-96b8-444553540000" codebase="http://download.macromedia.com/pub/shockwave/cabs/flash/swflash.cab#version=6,0,40,0"><param name="allowFullScreen" value="true" /><param name="allowscriptaccess" value="always" /><param name="src" value="http://www.youtube-nocookie.com/v/AOaZspeSBZU?fs=1&amp;hl=nl_NL&amp;rel=0" /><param name="allowfullscreen" value="true" /><embed width="480" height="390" type="application/x-shockwave-flash" src="http://www.youtube-nocookie.com/v/AOaZspeSBZU?fs=1&amp;hl=nl_NL&amp;rel=0" allowFullScreen="true" allowscriptaccess="always" allowfullscreen="true" /></object></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.huubmous.nl/2011/04/16/het-mystieke-lichaam-van-internet/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Internet en de taal van de wiskunde</title>
		<link>http://www.huubmous.nl/2011/04/15/internet-en-de-taal-van-de-wiskunde/</link>
		<comments>http://www.huubmous.nl/2011/04/15/internet-en-de-taal-van-de-wiskunde/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 14 Apr 2011 22:01:29 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Huub Mous</dc:creator>
				<category><![CDATA[filosofie]]></category>
		<category><![CDATA[internet]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.huubmous.nl/?p=44722</guid>
		<description><![CDATA[Toen zag ik een nieuwe hemel en een nieuwe aarde; want de eerste hemel en de eerste aarde waren heengegaan en er was geen zee  meer. En ik zag de Heilige Stad, Nieuw Jeruzalem, uit de hemel  van God te voorschijn komend &#8230; zijn schittering als een heel  kostbaar juweel, als jaspis, helder als kristal. Hij [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p style="text-align: center;"><a href="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2011/04/Slide114.jpg"><img class="alignnone size-full wp-image-44726" title="Slide1" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2011/04/Slide114-e1302796434152.jpg" alt="" width="513" height="390" /></a></p>
<blockquote><p>Toen zag ik een nieuwe hemel en een nieuwe aarde; want de eerste hemel en de eerste aarde waren heengegaan en er was geen zee  meer. En ik zag de Heilige Stad, Nieuw Jeruzalem, uit de hemel  van God te voorschijn komend &#8230; zijn schittering als een heel  kostbaar juweel, als jaspis, helder als kristal. Hij had een grote,  hoge muur met twaalf poorten &#8230; En de twaalf poorten waren  twaalf parels, elk van de poorten een afzonderlijke parel, en de  straat van de stad was zuiver goud, doorschijnend als glas &#8230; In  zijn licht zullen de volkeren wandelen; en de koningen der aarde  zullen hun heerlijkheid er in brengen. &#8216;</p>
<p>Openbaringen 21:1-24.</p></blockquote>
<p>Met dit Bijbelcitaat begint Margaret Wertheim haar boek <em>De hemelpoort van cyberspace,</em> e<em>en geschiedenis van de ruimte van Dante tot Internet</em>. Het is een prettig leesbaar boek dat inmiddels al weer behoorlijk gedateerd is. Toen het in 1999 verscheen waren er nog geen sociale media. Facebook kwam in 2004 en Twitter in 2006. Bovendien kun je aan alles merken dat dit boek vóór 11 september 2001 geschreven is. De sfeer van het betoog staat nog sterk in het teken van de internet-euforie van de jaren negentig. De verwachtingen waren destijds zeer hoog gespannen. Al Gore had het over &#8216;de elektronische snelweg; die de wereld zou gaan veranderen. Internet had in die tijd een utopische dimensie. Sommigen zagen in de cyberspace (een typische jaren-tachtig-term overigens) zelfs een nieuwe spirituele ruimte ontstaan. Wertheim gaat een heel eind in die gedachte mee. Cyberspace is volgens haar onstoffelijk en creëert daardoor nieuwe ruimte-opvatting. Het is een parallelle wereld die vergelijkbare zou zijn met de middeleeuwse parallelle wereld van &#8216;hemel, hel en hiernamaals&#8217;. Cyberspace is volgens Wertheim een tijdloos reservoir van beelden en herinneringen. Daardoor zou een nieuw dualisme zijn ontstaan, dat vergelijkbaar is met de middeleeuwse kosmologie.</p>
<p>Maar volgens Wertheim mogen we cyberspace tegelijkertijd ook beschouwen als een elektronische ‘<em>res cogitans</em>’, een begrip van Descartes dat allesbehalve middeleeuws is. Cyberspace is niet alleen een modulatie van de fysische ruimte die we kennen uit de alledaagse waarneming, maar ook een nog onbekende uitgestrektheid waarin het bewustzijn zich bevindt van iemand die zich manifesteert op het net. Internet zou een domein zijn, waar immateriële aspecten van de mens uitgespeeld kunnen worden, die geen plaats meer kunnen vinden in het zuiver fysicalistische wereldbeeld van tegenwoordig. Cyberspace wordt op deze wijze een substituut voor een verdwenen transcendentie. Het heimwee naar die transcendentie van weleer kan zich in cyberspace vrijuit uitleven. Vandaar dat niet alleen de sciencefiction alle teugels van de verbeelding liet vieren, maar ook de New-Age-goeroes vaak lyrisch werden over de nieuwe spirituele ruimte van cyberspace. Voor cyberfans werd cyberspace een nieuwe thuishaven voor de innerlijke persoon. Grenzen tussen mens en machine werden vloeibaar, zelfs de grenzen tussen de seksen, althans vanuit feministisch oogpunt, zoals bleek uit <a href="http://www.spaink.net/1994/09/07/een-cyborg-manifest/"><em>The cyborg manifesto </em></a>(1985) van Donna Haraway. Wertheim citeert de sociologe Sherry Turkle van het MIT’: Het internet is een sociale proeftuin geworden voor de constructies en reconstructies van de innerlijke persoon, die kenmerkend zijn voor het postmoderne bestaan.’</p>
<p>In dit schijnbaar nieuwe dualisme werden de poorten van &#8216;een nieuwe hemel en een nieuwe aarde&#8217; opnieuw geopend, een bijna apocalyptisch gebeuren in de trant van het visioen uit het <em>Boek van de Openbaringen.</em> Er werd zelfs gesproken van een cyberziel en de mogelijkheid dat het fysieke lichaam in cyberspace uit zijn as zou kunnen herrijzen. Zoals het Nieuwe Jeruzalem openstond voor iedereen die het pad van Christus  volgde, zo stond cyberspace nu open voor iedereen die zich een computer een abonnement op internet kan veroorloven. Of zoals Wertheim het formuleert:  ‘De droom van een wereldgemeenschap  is een van de belangrijkste fantasieën van de &#8216;religie&#8217; van cyberspace, een technologische versie van de wereldbroederschap  van het Nieuwe Jeruzalem. Het probleem is echter dat toegang  tot cyberspace, in tegenstelling tot de hemel, afhankelijk is van  de toegang tot technologieën die voor grote delen van de wereldbevolking ver buiten bereik liggen.&#8217;</p>
<p>Alleen die beperking al duidt erop dat er iets grondig mis gaat in dit soort vergelijkingen. De ‘ruimte’ van internet  &#8211; als het al een ruimte genoemd kan worden – is totaal anders van aard dan de tijdloze, bovenwereldse ruimte in de middeleeuwse kosmologie. Ook de internet-ruimte is uiteindelijk binnenwerelds en niet buiten- of bovenwerelds. Om de ruimte van internet echt te begrijpen kunnen we ons niet onze toevlucht nemen tot metaforen. De filosofie van cyberspace stuit op een denkbarrière. Twee kaar na het verschijnen van Wertheims boek <em>De hemelpoort van cyberspace</em>, verscheen de bundel <em><a href="http://www2.eur.nl/fw/hyper/fict.html">Filosofie in cyberspace </a>(2002)</em>, waarin Jos de Mul dertien filosofische essays bijeenbracht over de invloed van de nieuwe technologieën op ons wereldbeeld. Ik heb het boek destijds gelezen, maar veel wijzer werd ik er niet van. Filosofie en cyberspace kunnen moeilijk met elkaar uit de voeten, dat is het enige wat me ervan is bijgebleven. Er is een barrière waarop het denken stuit, wil het het wezenlijk nieuwe van de &#8216;internet-ruimte&#8217; echt kunnen begrijpen.</p>
<p>Dat gegeven op zich zou aan stof tot denken moeten bieden. Om die barrière te overwinnen is een filosofische exercitie nodig die  juist ontweken wordt, als je vergelijkingen gaat maken met middeleeuwse ruimteopvattingen. Misschien is de barrière waar je op stuit slechts een semantisch probleem dat veroorzaakt wordt door het gebrekkige karakter van ons woord ‘ruimte’. Zoals Eskimo’s veertig woorden voor &#8216;wit&#8217; hebben, die wij niet kunnen begrijpen, zo hebben we over honderd jaar misschien wel veertig worden voor ‘ruimte.’ Hoe dan ook, internet heeft ons begrip van de ruimte geproblematiseerd. Dat probleem heeft geen religieus of spiritueel karakter, maar vindt zijn oorzaak in de moeilijkheid om de nieuwe ruimte van internet in het bestaande wereldbeeld in te voegen, of vanuit deze denkbarrière een nieuw wereldbeeld te creëren. Daarvoor is denkkracht en durf nodig, het vermogen ook om sprongen te maken in het denken en om buiten de gevestigde kaders te denken. Dat probleem is niet nieuw. Ook in het verleden zijn tal van denkbarrière geweest die overwonnen moesten worden.</p>
<p>Zo laat Dijksterhuis  in zijn boek <em>De mechanisering van het wereldbeeld</em> zien dat de natuurwetenschap in zestiende eeuw tijd nog in veel opzichten gekenmerkt bleef door hardnekkige denkbarrières. Het gehele Aristotelische-Ptolemeïsche stelsel met zijn onbeweeglijke aarde, zijn vorm- en doeloorzaken en zijn beweging op weg naar een rustpunt hadden tot allerlei blinde vlekken geleid. Dit denken werd gehinderd door de illusie dat men door namen te geven aan dingen de kennis van de natuur kon uitbreiden. Ook Foucault benadrukt in zijn boek  <em>De woorden en de dingen (1966) </em>dat denken in de zestiende eeuw nog altijd in het teken stond van gezag en traditie, ondanks de alom ontwakende aandacht voor een soevereine rationaliteit. De wetenschap, zo stelt hij, had nog een zwakke structuur. De kennis had zich zichzelf ertoe veroordeeld om voortdurend  maar één en hetzelfde te kennen. Er bestond immers nog geen wezenlijk verschil tussen de merktekens die God op de aarde heeft geplaatst en de tekens die in de Bijbel of in de teksten uit de Oudheid waren te vinden. Overal was sprake van één spel, dat van het teken en zijn gelijkenis. De taal van de hemel en die van de aarde doorkruisten elkaar voortdurend. Kortom, de natuur was nog geschreven in de taal van God en niet in die van de wiskunde.</p>
<p>Maar er is iets vreemds aan de hand met de taal van &#8216;<a href="http://www.huubmous.nl/2010/11/13/tertium-non-datur/">de strenge wiskunde&#8217;.</a> We weten nog steeds niet of die wiskundige taal een constructie is van de geest, of een reeks axioma&#8217;s en formules die aan geest en werkelijkheid ten grondslag liggen, zoals Plato dacht. Wiskunde kan ook zoiets zijn als een vrije activiteit van de geest die niet afhankelijk is van de ervaring en die zich baseert op een oerinstinct. Wat het oplevert is een open plek die het denken kapt in het oerwoud. Vanuit die optiek bezien ligt de waarheid niet in vaste spelregels gedefinieerd. In de wereld van vandaag is de taal van wiskunde wel duidelijk voor het denken, maar niet voor het waarnemen. Verhoudingen en relaties in de werkelijkheid worden in de wiskunde weergeven in symbolen en formules die niets betekenen voor de zintuigen. Internet dwingt ons de ruimte opnieuw uit te vinden, maar nu in de taal van de &#8216;internet-ruimte&#8217;. Hoe dan ook, dat is nog altijd de taal van wiskunde en niet de taal van God. Tenzij de taal van God de wiskunde zou zijn. Daar is op zich iets voor te zeggen. De wiskunde wordt er niet minder om. God ook niet trouwens.</p>
<p><object width="480" height="390" classid="clsid:d27cdb6e-ae6d-11cf-96b8-444553540000" codebase="http://download.macromedia.com/pub/shockwave/cabs/flash/swflash.cab#version=6,0,40,0"><param name="allowFullScreen" value="true" /><param name="allowscriptaccess" value="always" /><param name="src" value="http://www.youtube-nocookie.com/v/PTF-hHGbQ6s?fs=1&amp;hl=nl_NL&amp;rel=0" /><param name="allowfullscreen" value="true" /><embed width="480" height="390" type="application/x-shockwave-flash" src="http://www.youtube-nocookie.com/v/PTF-hHGbQ6s?fs=1&amp;hl=nl_NL&amp;rel=0" allowFullScreen="true" allowscriptaccess="always" allowfullscreen="true" /></object></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.huubmous.nl/2011/04/15/internet-en-de-taal-van-de-wiskunde/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>1</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Internet en liberaal communisme</title>
		<link>http://www.huubmous.nl/2011/04/14/internet-en-liberaal-communisme/</link>
		<comments>http://www.huubmous.nl/2011/04/14/internet-en-liberaal-communisme/#comments</comments>
		<pubDate>Wed, 13 Apr 2011 22:01:57 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Huub Mous</dc:creator>
				<category><![CDATA[filosofie]]></category>
		<category><![CDATA[internet]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.huubmous.nl/?p=44702</guid>
		<description><![CDATA[&#160; Veel mensen vinden dat de beste oplossing van het probleem van de globalisering de globalisering zelf is. Dit rampzalige proces, dat een spoor van ellende in de derde en vierde wereld achterlaat heeft inmiddels zijn eigen remedie, namelijk: de vrije-markteconomie, die alle verschillen uiteindelijk zal rechttrekken. Er zijn ook mensen die het hier niet [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>&nbsp;</p>
<p style="text-align: center;"><a href="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2011/04/Slide113.jpg"><img class="alignnone size-full wp-image-44710" title="Slide1" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2011/04/Slide113-e1302722734696.jpg" alt="" width="503" height="346" /></a></p>
<p>Veel mensen vinden dat de beste oplossing van het probleem van de globalisering de globalisering zelf is. Dit rampzalige proces, dat een spoor van ellende in de derde en vierde wereld achterlaat heeft inmiddels zijn eigen remedie, namelijk: de vrije-markteconomie, die alle verschillen uiteindelijk zal rechttrekken. Er zijn ook mensen die het hier niet mee eens zijn, zoals <a href="../../2008/06/29/geluk-en-de-shockdoctrine/">Naomi Klein</a> bijvoorbeeld. Deze mensen noemen zich ‘anti-globalisten’ en tegenwoordig worden ze ook wel ‘anders-globalisten’ genoemd. Er zijn ook mensen die zichzelf ‘idealistische globalisten’ noemen. Ze zijn eerst puissant rijk geworden door de globalisering en gaan daarna de liefdadigheid prediken, zoals Bill Gates en George Soros. ‘De winst gaat voor de gift uit’ is hun lijfspreuk, zoals bij de kapitalisten van de oude stempel de kost voor de baat uitging.</p>
<p>Er is nog een groep en die noemen zich ‘liberale communisten’. In feite zijn ze een nieuw soort globalisten, maar ze gaan vermomd in een pakket mooie idealen zoals duurzaam ondernemen en de voor iedereen vrij toegankelijke nieuwe internet-economie. De Franse socioloog <a href="http://www.facebook.com/people/Olivier-Malnuit/695809923">Olivier Malnuit</a> heeft de tien geboden van deze nieuwe ‘liberale communisten’ onlangs als volgt geformuleerd:</p>
<blockquote><p>1): Geef alles voor niks (gratis toegang, geen copyright); breng alleen de bijkomende diensten in rekening, wat je alleen maar rijker zal maken.</p>
<p>(2): Verander de wereld, verkoop niet alleen dingen: een algemene revolutie, een verandering van de maatschappij, zal de dingen verbeteren.</p>
<p>(3): Zorg en deel, en wees je bewust van je sociale verantwoordelijkheid.</p>
<p>(4): Wees creatief: richt je op design, nieuwe technologieën en kennis.</p>
<p>(5): Zeg alles: er zullen geen geheimen. Onderschrijf en beoefen de cultus van transparantie, de vrije informatiestroom. De hele mensheid zou moeten samenwerken en met elkaar in wisselwerking staan.</p>
<p>(6): Neem geen van negen tot vijf baan. Houd je alleen bezig met geïmproviseerde communicaties die smart, dynamisch en flexibel zijn.</p>
<p>(7): Ga terug naar de schoolbank en doe aan permanente educatie.</p>
<p>(8): Handel als een enzym: werk niet alleen voor de markt, maar initieer nieuwe vormen van sociale samenwerking.</p>
<p>(9): Sterf arm: geef je geld aan degenen die het nodig hebben, want je hebt meer dan je ooit uitgeven.</p>
<p>(10): Sta in voor de staat: breng het partnerschap van bedrijven en de staat in bedrijf.</p></blockquote>
<p>Ik kwam deze tien geboden tegen in het nieuwste boek <a href="http://www.athenaeum.nl/recensies/slavoj-zizek-geweld-recensie"><em>Geweld</em></a> (2009) van de Sloveense filosoof Slavoi Žižek. Žižek heeft het niet zo op deze liberale communisten. Volgens hem ontkennen ze een vorm van geweld die in het systeem van de globalisering zelf zit ingebakken. Je hebt drie soorten geweld: (1): Fysiek of subjectief geweld, (2): het symbolisch geweld van de taal en (3):  het systematische of objectieve geweld, dat in een systeem verscholen zit en doorgaans onzichtbaar blijft voor wie het niet wil zien. Het is de kruiwagen waarmee de stelende arbeider elke keer de  fabriek uitloopt. De stapel stenen die wordt met ingeladen onder het oog van de politieagent, en het knopje van het licht op de WC dat maar niet aan wil gaan. Sommige problemen kun je niet aan de buitenkant van een situatie herkennen. Die problemen zitten ingebakken in de situatie zelf en de foutieve oplossing is meestal in het belang van degene die er baat bij heeft, dat het probleem in kwestie in zijn ware gedaante blijft voortbestaan.</p>
<p>Bestaat er eigenlijk nog wel een mogelijkheid om aan het systeem te ontsnappen, laat staan om het te ontregelen. Loopt elke poging tot ontsnapping niet dood in het labyrint? Wordt elke daad van verzet niet voortdurend door het systeem geïncorporeerd? Vooralsnog ga ik er vanuit dat er binnen het systeem nog het een en ander mogelijk is. Schrijven op internet is het geven van een excessieve gift. Internet schept voor iedereen waar ook ter wereld de mogelijkheid om de kraan wijd open te zetten. Internet is een netwerk van <em>open sources. </em>Internet bevordert het om niet weggeven van informatie: controversieel, provocatief en destructief.  In die zin is ook <a href="http://nl.wikipedia.org/wiki/WikiLeaks">Wilkileaks</a> een hedendaagse vorm van liberaal communisme.</p>
<p><object width="480" height="390" classid="clsid:d27cdb6e-ae6d-11cf-96b8-444553540000" codebase="http://download.macromedia.com/pub/shockwave/cabs/flash/swflash.cab#version=6,0,40,0"><param name="allowFullScreen" value="true" /><param name="allowscriptaccess" value="always" /><param name="src" value="http://www.youtube-nocookie.com/v/bVGqE726OAo?fs=1&amp;hl=nl_NL&amp;rel=0" /><param name="allowfullscreen" value="true" /><embed width="480" height="390" type="application/x-shockwave-flash" src="http://www.youtube-nocookie.com/v/bVGqE726OAo?fs=1&amp;hl=nl_NL&amp;rel=0" allowFullScreen="true" allowscriptaccess="always" allowfullscreen="true" /></object></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.huubmous.nl/2011/04/14/internet-en-liberaal-communisme/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>2</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Internet en paranoia</title>
		<link>http://www.huubmous.nl/2011/04/12/internet-en-paranoia/</link>
		<comments>http://www.huubmous.nl/2011/04/12/internet-en-paranoia/#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 11 Apr 2011 22:01:10 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Huub Mous</dc:creator>
				<category><![CDATA[filosofie]]></category>
		<category><![CDATA[internet]]></category>
		<category><![CDATA[mezelf]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.huubmous.nl/?p=44595</guid>
		<description><![CDATA[&#8216;De tijd is vloeibaar en stroomt. Ik ben een lichtkrant in een zwart gat, een ‘laterna magica’ op een vuurtoren, een glazenwasser in een duistere kamer en hier worden alleen piloten geboren. Ik heb een foto in mijn kop. Een luchtfoto van Betondorp. Waar is mijn parachute? Ik druk op ‘eject’, gooi de diskette omhoog [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p style="text-align: center;"><a href="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2011/04/Slide110.jpg"><img class="alignnone size-full wp-image-44608" title="Slide1" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2011/04/Slide110-e1302545287878.jpg" alt="" width="501" height="347" /></a></p>
<p><em>&#8216;De tijd is vloeibaar en stroomt. Ik ben een lichtkrant in een zwart gat, een ‘</em><em>laterna magica’ op een vuurtoren, een glazenwasser in een duistere kamer en hier worden alleen piloten geboren. Ik heb een foto in mijn kop. Een luchtfoto van Betondorp. Waar is mijn parachute? Ik druk op ‘</em><em>eject’, gooi de diskette omhoog als was het een tennisbal, kijk in de linkerbovenhoek, laat hem drie keer stuiteren op mijn rechtervoet en knik met het hoofd (de schijnbeweging van Pele). Cruijff, een sprinkhaan in niemandsland! Een vlinder in Betondorp. Drie keer stuiteren de woorden. Poëzie, die geboren kan worden te midden van goede architectuur, is het doen geboren worden van een stilte. Een stuiterend steentje, de juiste draai aan de woorden, de metamorfose van een vlinder, de </em><em>missing link tussen intelligentie en instinct. Het is de ironie van de keiharde waarheid, de poëzie van een dribbel, een onmiddellijke gave, een gevoel dat op zijn plaats valt als in een zucht. ‘</em><em>De minske wolle ornaris wêze wêr’t se net binne’, staat op een tegeltableau in de hal van het station in Leeuwarden (</em><em>that’s a hard one to remember). Wie op reis gaat met een boek komt heel misschien te weten hoe de wereld werkelijk in elkaar zit. En tussen haakjes: (Cruijff kon niet koppen).&#8217;</em></p>
<p>Aldus schreef ik in de zomer van 1987. Het is de laatste alinea van het verhaal <a href="http://www.huubmous.nl/teksten/verhalen/een-vlindertuin-in-betondorp/"><em>Een vlindertuin in Betondorp</em></a>. Het is de eerste tekst die ik op een computer schreef. In augustus van dat jaar kocht ik een <em>Videowriter </em>van Philips voor veel geld, ik meen zoiets van 2000 gulden. Maar dan had je ook wat. Het was een computer met beeldscherm in één. Bovendien zat er ook nog eens een ingebouwde printer in, waarvan je na 35 pagina’s het lint moest vervangen. Dat lint kostte  f. 17.50, een dure hobby dus, maar ik was er apetrots op. Het apparaat had één nadeel. Er zat geen spellingscontrole op. Maar voor de rest kon je er alles mee, tenminste wat tekstverwerken betreft. Knippen en plakken met schaar en lijm was voortaan verleden tijd. Ik heb die <em>Videowriter </em>nog altijd. Hij is inmiddels een museumstuk. Helaas doet hij het niet meer, maar misschien krijgt iemand hem nog eens aan de praat. Ook de Olivetti-schrijfmachine, waar ik daarvoor mijn teksten op typte, heb ik nog steeds, maar ik gebruik hem nooit meer. In 1993 volgde mijn eerste echte pc, zonder <em>Words</em> nog, maar met allemaal ingewikkelde codes. Tegenwoordig schrijf ik op een <em>Apple</em>. Soms verlang ik wel eens terug naar dat metalen tikgeluid van mijn oude Olivetti.</p>
<p>De slotalinea van het verhaal, dat ik op mijn eerste computer schreef, geeft aardig de opwinding weer die zich van mij had meester gemaakt tijdens het gebruik van de <em>Videowriter</em>. Ik was zelf een soort schrijvende machine geworden, zo leek het wel. Bovendien raakte ik in die tijd zomaar in een lichtelijk manische toestand. Ik had nog net geen last van waanideeën  maar ik zat er wel dicht tegen aan. Zo verbeeldde ik mij dat er beelden op mijn beeldscherm konden verschijnen van allerlei plaatsen elders op de wereld. Ik verbeeldde ik mij een soort internet <em>avant la lettre. </em>Achteraf denk ik wel eens dat je in een psychische waantoestand ideeën kunt ontwikkelen die op de toekomst vooruit lopen, als het gaat om de technische realiseerbaarheid.</p>
<p>De laatste keer dat ik echt in een waantoestand belandde was in de zomer van 1979. Ik kreeg toen last van achtervolgingswaan en dacht dat agenten van de CIA en de KGB achter mij aanzaten. Ik verkeerde in de veronderstelling dat ik een technologische ontdekking had gedaan die zeer bedreigend was voor het evenwicht tussen de beide grootmachten in de Koude Oorlog. De CIA – zo meende ik – had een satelliet gelanceerd ter grootte van een tennisbal, waardoor alle elektronische communicatiesystemen op aarde in een kéér aan elkaar gekoppeld waren. Alle apparaten, die tv-signalen konden ontvangen, waren ineens ook camera’s geworden. Zo kon de CIA in alle huiskamers naar binnen kijken via het scherm van de TV. Ook de radio werkte op een vergelijkbare manier. Ik hoorde stemmen op de radio die daar niet thuis hoorden. En op de TV las ik in de ondertiteling van films verborgen boodschappen die exclusief voor mij bedoeld waren.</p>
<p>Ik woonde destijds aan de uiterste rand van Leeuwarden, in de wijk Aldlân, dicht bij het van Harinxmakanaal. Er gebeurden daar de raarste dingen die mijn waanwereld leken te bevestigen. Ik zag opeens overal grote antennes op de daken staan die er eerder niet stonden. Bovendien werd er die zomer huis aan huis kabel aangelegd voor de tv, wat mijn vermoeden nog eens bevestigde dat er iets grondig mis was. Op een zondagochtend was ik het zat. Ik heb toen het boek <em>Apocalyps Revealed</em> van Swedenborg, dat ik in 1969 had gekocht bij een boekenstalletje in de Oudemannenhuispoort in Amsterdam, met een grote boog in het Van Harinxmakanaal gegooid, ter hoogte van de <a href="http://www.huubmous.nl/2009/12/13/apocalyps-in-meppel/">Froskepôlle</a>. Jaren later later zag ik niet ver van deze plek een kaars branden, zomaar in het gras, midden in de Froskepôlle. Het is daar soms niet pluis. Vreemde geesten komen dan los uit het water en nemen bezit van de omgeving. Op die wonderlijke zondagochtend in de zomer van 1979 zag ik een schip, varend onder vreemde vlag, langs de Froskepôlle varen. Het was een grijs schip zonder vensters of patrijspoorten, een marineschip zo te zien. Even later vloog een straaljager over.</p>
<p>Al met al waren het de elektronische media die mijn waanwereld hebben versterkt. Ook zonder radio en tv was het zover gekomen, vrees ik, maar deze media hebben het proces wel in hoge mate bevorderd. Soms vraag ik me wel eens af, wat internet met je kan doen, als je het contact met de werkelijkheid langzaam kwijtraakt. Hoe gaat je waanwereld zich dan vermengen met de virtuele wereld, waarin je op internet zomaar kunt wegdrijven? Feiten kunnen op internet net zo goed fictie zijn, zonder dat iemand het controleert. Zo ontstaan in <em>no time </em>de meest bizarre complottheorieën die zich als een olievlek verspreiden over het net. Het is eigenlijk wonderbaarlijk, dat er zo weinig ongelukken gebeuren met mensen die psychotisch worden als ze achter de computer zitten.</p>
<p>Wat is precies de invloed van internet op de geestelijke volksgezondheid? Wat betekent het voor opgroeiende pubers dat ze zich  moeten conformeren aan allerlei euforische beelden van leeftijdsgenoten, waarmee ze via <em>Twitter, Facebook </em>en<em> Hyves</em> voortdurend mee geconfronteerd worden? Je voelt je eerder en in grotere mate totaal uitgesloten, als iedereen om je heen online is en zich moeilijk lijkt te voegen aan de codes van een groep? Hoe ontvankelijk is de psyche van een labiele puber of adolesent voor excentrieke ideeën die op internet worden aangedragen? Wat is de invloed van sociale media op adolesenten die plotseling amok maken en in het wilde weg om zich heen gaan schieten? Kortom, wat kun je allemaal niet voor calamiteiten veroorzaken, als je als internetgebruiker in een psychose belandt? Je leest daar maar weinig over.</p>
<p>Ian en Joel Gold &#8211; broer en zus- zijn respectievelijk neurowetenschapper en psychiater in New York. Zij hebben een nieuw psychiatrisch ziektebeeld ontdekt <em><a href="http://www.webmd.com/mental-health/features/truman-show-delusion-real-imagined">The Truman Show Delusion,</a></em> genoemd naar de film <em>The Truman Show</em> (1998) waarin de hoofdpersoon in een werkelijkheid leeft die bij nader inzien het decor van een soapserie blijkt te zijn. Zo raak je verzeild in een leven dat zich afspeelt &#8216;<a href="http://www.huubmous.nl/2011/03/25/voorbij-het-echte-leven/">voorbij het echte leven</a>&#8216;. Een dergelijk psychiatrisch ziektebeeld kan onder invloed van internet en de nieuwe sociale media wellicht in versterkte mate zich aandienen, vooral bij een leeftijdsgroep die druk bezig is met het zich vormen van een eigen identiteit, een proces waarbij van alles mis kan gaan. In het boek <em>Hoe verandert Internet je manier van denken </em>(2001)) schreven Ian en Joan Gold het artikel <em>Wees aardig tegen mij, ook op Twitter</em>. Het besluit met de volgende woorden:</p>
<blockquote><p>&#8216;Eindelijk zijn we dan bij gekte beland. In de psychiatrie is het al tientallen jaren bekend dat megasteden &#8211; steden van elke omvang trouwens &#8211; leiden tot psychose. Met name het aantal gevallen van  schizofrenie &#8211; het schoolvoorbeeld van een zuiver biologisch bepaalde geestesstoornis &#8211; neemt toe met de grootte van de stad, ook al is die  stad nauwelijks meer dan een dorp. En dat komt niet omdat geestesziekten in het algemeen meer voorkomen in steden. En ook niet omdat  mensen die psychotisch zijn meer naar de stad trekken of daar blijven.  Zijn we nu de fundamenten aan het leggen voor een ziekmakende virtuele stad nu we veel grotere groepen &#8211; van echte vrienden tot mensen  die we nauwelijks kennen &#8211; om ons heen verzamelen? Of zullen we  door Facebook en Twitter hechter worden met vrienden zoals Aristoteles bedoelde, vrienden die juist een psychische remedie vormen tegen  de gekmakende macht van anderen? Wat het effect van internet op  ons gemoedsleven ook is, het net lijkt in elk geval de structuur van  ons externe leven te veranderen, het leven zoals dat vervlochten is met  het leven van anderen. En de kans is groot dat onze geest sterker zal  worden gevormd door internet dan we ons nu zelfs maar voorstellen.&#8217;</p></blockquote>
<p><object width="480" height="390" classid="clsid:d27cdb6e-ae6d-11cf-96b8-444553540000" codebase="http://download.macromedia.com/pub/shockwave/cabs/flash/swflash.cab#version=6,0,40,0"><param name="allowFullScreen" value="true" /><param name="allowscriptaccess" value="always" /><param name="src" value="http://www.youtube-nocookie.com/v/UJUz2N3rCP4?fs=1&amp;hl=nl_NL&amp;rel=0" /><param name="allowfullscreen" value="true" /><embed width="480" height="390" type="application/x-shockwave-flash" src="http://www.youtube-nocookie.com/v/UJUz2N3rCP4?fs=1&amp;hl=nl_NL&amp;rel=0" allowFullScreen="true" allowscriptaccess="always" allowfullscreen="true" /></object></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.huubmous.nl/2011/04/12/internet-en-paranoia/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Internet en het Punt Omega</title>
		<link>http://www.huubmous.nl/2011/04/11/internet-en-het-punt-omega/</link>
		<comments>http://www.huubmous.nl/2011/04/11/internet-en-het-punt-omega/#comments</comments>
		<pubDate>Sun, 10 Apr 2011 22:01:09 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Huub Mous</dc:creator>
				<category><![CDATA[filosofie]]></category>
		<category><![CDATA[internet]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.huubmous.nl/?p=44549</guid>
		<description><![CDATA[De laatste tien jaar krijgt internet onprettige eigenschappen. Het raakt in de greep van een ideologie die de werkelijkheid ontkent. De huidige, dominante mainstream van internet komt voort uit de radicale cultuur van het prille internet. Helaas zijn de ideeën in sterke mate ingegeven door een ontkenning van de biologische aard  van de mens. De [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p style="text-align: center;"><a href="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2011/04/Slide19.jpg"><img class="alignnone size-full wp-image-44558" title="Slide1" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2011/04/Slide19-e1302467392678.jpg" alt="" width="489" height="336" /></a></p>
<blockquote><p>De laatste tien jaar krijgt internet onprettige eigenschappen. Het raakt in de greep van een ideologie die de werkelijkheid ontkent. De huidige, dominante mainstream van internet komt voort uit de radicale cultuur van het prille internet. Helaas zijn de ideeën in sterke mate ingegeven door een ontkenning van de biologische aard  van de mens. De nieuwe &#8216;gelovigen&#8217; maken zichzelf wijs dat ze steeds  abstractere, onsterfelijke informatiemachines worden in plaats van  chaotische, sterfelijke, fysieke schepsels. Dit is de zoveelste versie van  een oude dwaasheid: de ontkenning dat we ouder worden en doodgaan. Als biologisch realist ben je vandaag de dag in de minderheid, levend  in een tijdperk van dominant, met technologie verrijkt groepsdenken.</p></blockquote>
<p>Aldus Jaron Lanier in zijn essay <em>Netonie ten top</em>, dat is opgenomen in de recent verschenen bundel <em>Hoe verandert internet je manier van denken</em> (2011). Lanier is in van de weinigen in het illustere gezelschap van internetgoeroes die tegenwoordig een pessimistisch geluid laat horen. Onder ‘netonie’ verstaat hij het verschijnsel dat onze jeugdeigenschappen heel langzaam verdwijnen. Internet heeft volgens hem vooral de rol dat het mensen bij elkaar brengt met zijn sociale netwerken, en waardeert mensen alleen <em>realtime</em> en op een specifieke plek. Jaron Lanier wantrouwt al die nieuwe mogelijkheden van internet. De huidige opzet van internet heeft volgens hem iets onmenselijks, doordat het wordt gedomineerd door die zogenaamde sociale netwerkopzet. De waardigheid van de mens komt in het geding door wat internet met ons doet. ’De zelfverwezenlijkingexpressie, het gouden topje van de piramide van Maslow, wordt als waardeloos aangemerkt. Maar waardigheid is het tegenovergestelde van realtime. Waardigheid betekent deels ook dat je niet altijd overal iets tegenover hoeft te stellen. Waardigheid komt je ook gewoon toe. (..) Waardigheid kan ook betekenen dat je tegen de bijna-consensus van je <em>peergroup </em>(je vrienden, collega&#8217;s, leeftijd- of vakgenoten) in gaat.’</p>
<p>Toch staat Jaron Lanier behoorlijk alleen met deze gedachte. Er zijn weinig deskundigen die zijn meningen delen en hij geeft dat zelf ook ronduit toe. Er heerst nog altijd een zekere euforie over de letterlijk onbegrensde mogelijkheden die internet te bieden heeft. In de jaren negentig sloeg bij menigeen zelfs het hoofd op hol. Cyberspace, zo verwachte men, zou een nieuw soort bewustzijn creëren. Sciencefictionschrijvers gingen compleet uit hun dak bij de gedachte aan de toekomst van internet. Cyberspace was een nieuw soort ruimte. De term kwam voor het eerst voor in de roman<em> <a href="http://en.wikipedia.org/wiki/Neuromancer">Neuromancer </a></em>(1984) van William Gibson. Hij doelde daarmee op een collectieve hallucinatie. Cyberspace was een nieuw soort waanwereld, waaruit je niet kon ontsnappen, maar tegelijk was het ook het grote onbekende. Kort gezegd: het was de virtuele ruimte die ontstaat tussen communicatoren op het web, ongeacht de inhoud van het communicatieproces.</p>
<p>Allerlei termen kwamen in zwang zoals ‘<em>technoia</em>’, een neologisme dat binnen de nieuwe mediatheorieën is ontstaan ter aanduiding van een nieuw soort bewustzijn. Binnen die zienswijze zou je ook aan internet een soort mega-bewustzijn kunnen toekennen. De belangrijkste parallellen tussen het internet en met het menselijk bewustzijn zijn de interconnectiviteit van de communicatie, het ontbreken van een centrum, de netwerkstructuur, de bundeling van elektromagnetische krachten en het gegeven dat het bewustzijn een product is van een proces dat zichzelf als bewustzijn waarneemt. ‘<em>telenoia’</em> is als woord verwant aan het woord ‘paranoia’. Het vermoeden van een soort bewustzijn in cyberspace of in het internet kan een soort zelf-bevestigende waarneming worden. Een paranoïde gewaarwording zelfs. Omgekeerd roept deze constatering de vraag op of ons ‘normale’ bewustzijn ook niet een zelf-bevestigende gewaarwording is en dus in feite een vorm van paranoia is.</p>
<p>Hoe dan ook, het idee dat deze virtuele ruimte van internet ook een ‘geestelijke ruimte’ kan zijn, deed bij menigeen de fantasie p hol slaan. Internet werd op deze wijze een voertuig voor <em>New-Age</em>-ideeën. Wat Timothy Leary al in de jaren zestig had gepredikt, zou nu door de techniek gerealiseerd gaan worden. ‘<em>Turn on, tune in, drop out</em>’. Maar bestaat er eigenlijk wel zoiets een ‘<em>outside’</em> buiten het systeem van internet? Door internet wordt iedereen letterlijk &#8216;<em>in</em>- ge-<em>tunend</em>&#8216;. Er is geen vluchtweg meer geen <em>escape</em>. Sterker nog, het medium zelf lijkt een <em>escape</em> aan de werkelijkheid zelf het worden. Deze quasi-geestelijke ontsnapping aan de stoffelijke werkelijkheid kent een <em>point of no return.</em> Het lijkt bijna een genetisch proces te zijn dat zich eenparig versneld voltrekt. De bekeerde <a href="http://www.huubmous.nl/2011/04/02/www-het-mystieke-lichaam-van-christus/">katholiek Marshall McLuhan</a> raakte diep onder de indruk van de evolutietheorie van de jezuïet <a href="http://nl.wikipedia.org/wiki/Pierre_Teilhard_de_Chardin">Teilhard de Chardin. </a> Deze &#8216;Roomse Darwin&#8217;  zag vanuit de stoffelijke wereld een ‘<em>noösfeer</em>’ ontstaan in een evolutionair proces op weg naar het Punt Omega. Het ‘verschijnsel mens’ was slechts een tussenstap naar deze vergeestelijkte bestemming van de evolutie. Internet past naadloos in deze heilsverwachting.</p>
<p>Maar is dat wel zo? De fascinatie voor het oneindige en de onmetelijkheden. De fascinatie voor de fascinatie op zich zelf. Verslaafd zijn aan de verwondering. heimwee naar de exaltatie, het opgetild worden boven je zelf. Dat kan het toch niet zijn, waar het verschijnsel de mens naar op weg is, als er al zoiets is als een richting, een doel, een verdwijnpunt aan de horizon van de tijd. Zelfs de mystieke extases zijn slechts elektrochemische reacties in het brein. Het is de stof die de mens in vervoering brengt. Onlangs las ik in een reisverslag van Teilhard de Chardin door Egypte. Deze bioloog met uiterst merkwaardige opvattingen wordt niet meer zo veel gelezen. De darwinist Stephen Jay Gould heeft gehakt gemaakt van zijn hypotheses over de doelgerichte evolutie op weg punt Omega. En toch heeft Teilhard de Chardin veel zinnigs te melden. Over de valse verleiding van de onmetelijkheden bijvoorbeeld. Daarover schrijft hij het volgende.</p>
<blockquote><p>“Op een dag in het aangezicht van de doodse uitgestrektheid van de woestijn, welker paarse wolken zich trapsgewijs zover het zicht reikte verhieven naar woeste exotische horizonten, ver van de onpeilbare lege zee welker golven zich onophoudelijk glimlachend bewogen, omgeven door een woud, welks met leven geladen duisternis mij in zijn diepe plooien scheen te willen oplossen, heeft mij misschien een groot verlangen aangegrepen: ver van de mensen, ver van hun inspanning het gebied weer op te zoeken van de onmetelijkheden die wiegen en overweldigen, het gebied waar al te gebonden activiteit zich zou ontspannen, steeds meer tot in het oneindige….En heel mijn gevoeligheid heeft zich toen opgericht, als bij de nadering van een God van het gemakkelijke geluk en de dronkenschap, want het was de stof die mij riep. Voor mij, op mijn beurt zoals voor alle mensenkinderen, herhaalde zij het woord dat iedere generatie verneemt. Ze drong naar mijn geest, opdat ik mij zonder voorbehoud aan haar zou overgeven en haar zou aanbidden.”</p></blockquote>
<p><object width="480" height="390" classid="clsid:d27cdb6e-ae6d-11cf-96b8-444553540000" codebase="http://download.macromedia.com/pub/shockwave/cabs/flash/swflash.cab#version=6,0,40,0"><param name="allowFullScreen" value="true" /><param name="allowscriptaccess" value="always" /><param name="src" value="http://www.youtube-nocookie.com/v/RCfCHZP6X1E?fs=1&amp;hl=nl_NL&amp;rel=0" /><param name="allowfullscreen" value="true" /><embed width="480" height="390" type="application/x-shockwave-flash" src="http://www.youtube-nocookie.com/v/RCfCHZP6X1E?fs=1&amp;hl=nl_NL&amp;rel=0" allowFullScreen="true" allowscriptaccess="always" allowfullscreen="true" /></object></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.huubmous.nl/2011/04/11/internet-en-het-punt-omega/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Levenskunst in de tijd van Big Brother</title>
		<link>http://www.huubmous.nl/2011/04/09/levenskunst-in-de-tijd-van-big-brother/</link>
		<comments>http://www.huubmous.nl/2011/04/09/levenskunst-in-de-tijd-van-big-brother/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 08 Apr 2011 22:01:58 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Huub Mous</dc:creator>
				<category><![CDATA[filosofie]]></category>
		<category><![CDATA[internet]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.huubmous.nl/?p=44408</guid>
		<description><![CDATA[‘We onderkennen tenslotte dat onze verlangens en ons genot, waaraan voldaan kan worden  door de hedendaagse kunstproductie, de geheimste en betrouwbaarste instrumenten van de  hedendaagse ideologie zijn: de gehechtheid aan de esthetische behoefte en het esthetische genot waarborgen de continuering van onze archaïsche wijze van perceptie en ons cognitieve gedrag, net als in alle andere [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p style="text-align: center;"><a href="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2011/04/Slide17.jpg"><img class="alignnone size-full wp-image-44434" title="Slide1" src="http://www.huubmous.nl/wordpress/wp-content/uploads/2011/04/Slide17-e1302292430893.jpg" alt="" width="492" height="334" /></a></p>
<blockquote><p>‘We onderkennen tenslotte dat onze verlangens en ons genot, waaraan voldaan kan worden  door de hedendaagse kunstproductie, de geheimste en betrouwbaarste instrumenten van de  hedendaagse ideologie zijn: de gehechtheid aan de esthetische behoefte en het esthetische genot waarborgen de continuering van onze archaïsche wijze van perceptie en ons cognitieve gedrag, net als in alle andere gevallen waarbij er van een superstructuur sprake is (de wet, de  moraal, het geloof, het gezin en de opvattingen over seksualiteit).’</p></blockquote>
<p>De gehechtheid aan de esthetische behoefte is een superstructuur. Deze rake typering van de Amerikaanse kunstcriticus Benjamin H.O. Buchloh is ontleend aan zijn bijdrage aan de bundel <em>I&#8217;Exposition Imaginaire </em>(1989), een verzameling teksten van tentoonstellingsmakers, kunstenaars en kunstcritici, die destijds het verzoek kregen een denkbeeldige tentoonstelling te concipiëren. We leven in middels 22 jaar later. In een tijd dat de moraal geen theologische fundering meer heeft, grijpt de filosofie terug naar de klassieke levenskunst. Hoe te leven in tijden van internet? Dat is de vraag die tegenwoordig centraal staat in de filosofie. Het antwoord lijkt menigeen te zoeken in de esthetisering van het leven. Het goede wordt gefundeerd in het schone, maar is het schone ook altijd goed? Als we Buchloh mogen geloven heeft onze esthetische behoefte een ideologische dimensie die in de behoefte zelf onzichtbaar blijft. De schoonheid van het echte leven geeft zich maar al te makkelijk over aan de maatschappij van controle en argwaan. In de beeldcultuur van internet heerst <em>Big Brother</em> in een onzichtbare gedaante.</p>
<p>Het boek <em>I&#8217;Exposition Imaginaire</em> verscheen de hoogtijdagen van het postmodernisme, in het jaar dat de Berlijnse muur viel. De gedachte achter dit project is nog altijd actueel. Vanuit verschillende invalshoeken werd een fenomeen aan de orde  gesteld, dat zich in de kunst van de jaren tachtig steeds duidelijker had gemanifesteerd: &#8216;de  kunst van het tentoonstellen&#8217;. De indringende bijdrage van Buchloh is bij nader inzien wellicht  de enige die werkelijk hout snijdt. Hedendaagse kunst lijkt er in toenemende mate op uit om  de werkelijkheid tot mythe te maken, in plaats van een bijdrage te leveren om de werkelijkheid  te begrijpen. Kunst heeft alleen waarde als het zijn wortels heeft in de ideologie &#8211; dat wil  zeggen: een systeem van representaties die op enigerlei wijze relatie hebben met de werkelijkheid &#8211; maar hoe moet het dan met kunst die zich compleet uitlevert aan een &#8216;vraatzuchtige  tentoonstellingsindustrie&#8217;? Die vraag kun je tegenwoordig als volgt vertalen: Het moet het met de kunst in een maatschappij die zich kritiekloos overlevert aan een tsunami van beelden die ons dagelijks overspoelt op internet? Of beter nog, hoe moet je leven in tijden van internet? Heeft de kunst misschien nog een antwoord op die vraag?</p>
<p>‘Digitale beeldenstorm dreigt internet snel te verstikken’ zo stond drie jaar geleden te lezen in de Volkskrant. Als er niets gebeurde zou rond 2010 het internet krakend tot stilstand komen, zo werd destijds voorspeld. Die catastrofe zou zich voltrekken omdat er omdat er sprake zou zijn van een snel toenemend capaciteitsgebrek. Die catastrofe heeft niet plaatsgevonden, net als de millenniumbug van 2000 loos alarm bleek te zijn. Toch storten internetgebruikers over de hele wereld nog altijd elke minuut acht uur aan beelden uit over <em>YouTube</em>. De video’s zijn nu nog ingedikt maar al snel zullen de gebruikers van <em>YouTube</em> ook al hun geknutsel on line zetten, geschikt voor lcd- en plasma tv. Het dichtslibben van internet wordt al tien jaar voorspeld en er zullen zeer grote investeringen nodig zijn om een rampscenario te kunnen voorkomen. De kans is groot dat er binnenkort tolpoorten komen op internet. Er zijn dikke pijpleidingen nodig om in de gigantische mondiale behoefte aan beelden te kunnen blijven voorzien. De hedendaagse mens heeft een onverzadigbare honger naar beelden. De toenemende beeldverslaving is misschien wel het grootste gevaar dat de westerse mens bedreigt.</p>
<p>We beleven een tijd van het ‘verval van het woord’ zoals George Steiner dat al in 1964 heeft genoemd. Ontlezing en beeldverslaving gaan hand in hand. De gedachte dat het boek een verdwijnend fenomeen zou zijn, is overigens niet van vandaag. Binnen het modernisme van de twintigste eeuwse avant-garde was vaak een zekere afkeer tegen de geletterde cultuur van het boek te bespeuren. Zo werd het boek in de twintigste eeuw stilaan het symbool van het Gutenbergtijdperk dat op zijn eind ging lopen. In de zestiger jaren dacht de mediaprofeet Marshall McLuhan dit tijdperk voor het eerst definitief af te kunnen sluiten. De uitvinding van de boekdrukkunst werd door hem beschouwd als een bron van vele kwalen, die in het nabije ‘elektronische werelddorp’ weldra tot het verleden zouden behoren. Uniformiteit, desintegratie van de zintuigen, de ontkoppeling van gevoelen verstand, de breuk tussen instinct en intelligentie en de handeling zonder geïnvolveerdheid, dat alles zou in meerdere of in mindere mate de schuld zijn van het boek.</p>
<p>In plaats daarvan ondergaan we nu de mondiale tsunami van het beeld. Maar ook dat roept zijn reacties op. Een nieuw verlangen steekt de kop op naar zuivering. De opkomst van de islam is tal van opzichten te vergelijken met de opkomst van het protestantisme in de zestiende eeuw. De boekdrukkunst heeft de wereld uiteindelijk seculier gemaakt. Het woord ontheiligd en het beeld werd steeds meer van een esthetische lading voorzien. ‘Beeldreligie’ zo heette de spraakmakende uitzending van het programma ‘Zo is het toevallig ook nog eens een keer’, waardoor in 1964 in religieus Nederland een schokgolf ontstond die grotere vormen aannam dan de islamitische verbijstering die de film ‘Fitna’ van Geert Wilders in 2008 teweeg bracht.</p>
<p>Op de <em>Biblebelt</em> van Nederland zijn de gevolgen van de zestiende eeuwse Beeldenstorm nog altijd te ervaren. Maar de Beeldenstorm keert terug. Er is een verlangen te bespeuren naar zuivering, naar onthouding, naar een strenge reductie van het beeld. Wanneer komt de partij opgericht van het duurzame beeld? Wanneer verschijnt het eerste manifest tegen de hedendaagse beeldindigestie. Het zou een typisch Nederlandse beweging kunnen zijn, waarin onze diep calvinistische wortels een onverwacht verbond aangaan met de huidige beeldenstorm van de islam.</p>
<p>Wat maakt een beeld eigenlijk tot een beeld? Die vraag houdt tegenwoordig menig kunstcriticus bezig in een wereld die overspoeld wordt met beelden.’ Vilém Flusser beweert dat beelden geen vensters meert zijn zoals voorheen, maar vlakken die alles in ‘connectiviteiten’ omzetten. Beelden zouden in deze tijd van digitalisering een magische werking. Het beeldvlak wordt een versleutelde vorm van informatie. Tegelijk zijn er zijn zoveel beelden die zich aandienen dat het beeld zelf lijkt te verdwijnen. In de hedendaagse &#8216;plaatjesmaatschappij&#8217; wordt het beeld steeds meer van zijn authentieke waarde ontdaan. Beelden zijn op allerlei manieren te manipuleren. Ze worden voortdurend ‘gestript’ van hun oorsprong en in een nieuwe setting tot leven gebracht. Modefotografen hanteren de codes van de documentaire fotograaf. In clips van TMF worden stilistische beeldmiddelen gehanteerd die door kunstenaars zijn ontwikkeld. Zelfs het fotografisch beeld op zich is niet meer te vertrouwen, omdat het digitaal bewerkt en gemanipuleerd kan worden. Foto’s zijn geen ijkpunt meer voor de waarheid.</p>
<p>De beroemde woorden van Nietzsche ‘Niets is waar, alles is geoorloofd’ lijken in de voortwoekerende maalstroom van de hedendaagse beeldcultuur een onverwachte bestemming te vinden. Iedereen is uiterst gevoelig voor beelden aan het worden, maar omgekeerd wordt iedereen er ook steeds meer door afgestompt. Een vreemde paradox. We beleven de tijd van de ‘beeldende geletterdheid’, maar ook van de totale ‘beeld-indigestie’. De gelaagdheden, coderingen, trucages, associaties en connotaties, die met een beeld verbonden kunnen zijn, worden onbewust ervaren, maar tegelijk ook bewust becommentarieerd. In dat pandemonium is het de taak van de kunstenaar beelden te produceren die weerstand bieden aan deze maalstroom. Dat wil zeggen: beelden die wrijving geven, blijven haken of onderhuids irriteren en intrigeren.</p>
<p>Maar is de kunstenaar wel op die taak berekend? Kunstenaars zijn van oudsher producenten van beelden, dat wil niet zeggen dat ze ook de eerst aangewezenen zijn om commentaar of kritiek te leveren op de beeldenstroom die in de massamedia tot ons komt. Dat laatste is immers meer een talige bezigheid en niet zozeer een beeldende activiteit. De kunstcriticus zou dat evengoed kunnen doen. Voor kritiek op de beeldcultuur is een zekere &#8216;beeldende intelligentie&#8217; vereist. Zijn kunstenaars daar wel intelligent genoeg voor? Zijn kunstenaars überhaupt wel intelligent? Zitten ze niet nog altijd gevangen in de romantische esthetica van de gevoelsexpressie, dat wil zeggen: de onbewuste of halfbewuste uitdrukking van beelden vanuit een gevoelsmatig innerlijk. Voor kritiek op de beeldcultuur is eerder een pragmatische, cerebrale en ook ‘zappende’ attitude nodig. Beelden moeten gemixt worden, gesampeld, gerecycled, verknoopt en opnieuw geënt in nieuwe contexten. Zijn kunstenaars daar niet te dom voor?</p>
<p>Nieuwe ideeën over het mixen van beelden, die de laatste jaren overal opduiken, zijn deels gebaseerd op het gedachtegoed van de Franse filosoof Gilles Deleuze (1925-1995). Deleuze is de filosoof van het mengen, besmetten, verknopen en koppelen. Zijn ideeën zijn zeer omstreden. Ze worden verguisd als cryptisch en duister of bewonderd als profetisch en visionair. De volgende eeuw zal deleuziaans zijn, zei Foucault. Hoe het ook zij, Deleuze verzette tegen elke vorm van totaliserend denken. Tegenover het westerse redeneren in termen van hiërarchie, identiteit en oorsprong plaatste hij de filosofie van de nomade, het verschil en het centrumloze netwerk. Veel hedendaagse gedachten over de vruchtbare ‘besmetting van culturen’, het mixen van traditie en experiment, van het allochtone en autochtone zijn van oorsprong deleuziaans. De smeltpot van beeldcultuur en nieuwe media is een ‘rizomatisch universum’ dat een nieuw soort intelligentie vereist.</p>
<p>Het beeldend denken dat nieuwe media teweegbrengen speelt zich af op een preverbaal of zuiver beeld-symbolisch niveau, een register in het brein dat de taal vooraf of te buiten gaat. Pogingen om een beeldend kunstwerk in taal te vatten gaan vaak aan de essentie van het beeld voorbij. De taal kan een equivalent van het beeld oproepen, maar nooit een letterlijke vertaling leveren. De dominantie van met beeld in de hedendaagse cultuur manifesteerde zich voor het eerst in de Pop Art. De schilderijen van Rauschenberg, met hun collages van foto-fragmenten die met zeefdruk op het doek waren aangebracht, lieten de gefragmenteerde informatie-structuur van het hedendaagse &#8216;beeldscherm&#8217; voor het eerst zien als kunstwerk.</p>
<p>Het doek van de schilder was voortaan geen doek meer maar letterlijk een scherm, waarop <em>bits</em> informatie zich aandienen zoals op een computerscherm. De criticus Leo Steinberg scheef in 1972 over deze nieuwe beelden: <em>&#8216;Rauschenberg’s Picture plain is for the consciousness immersed in the brain of the city.</em>&#8216; We beleven de tijd van het beeld, maar wonderlijk genoeg is dit ook een tijd waarin het fenomeen &#8216;<em>beeldend </em>kunstenaar&#8217; in de traditionele zin van het woord op het punt staat te verdwijnen. Frank Reijnders kondigde het verdwijnen  van de schilderkunst als aan in zijn boek <em>Della Pittura</em> (2001):</p>
<blockquote><p>Wie thans de kunst sinds de jaren ’60 analyseert zou het eigenlijk niet langer moeten hebben over de progressie van de avant-garde en de regressie van de schilderkunst, maar over de verdwijning van de avant-garde in het licht van de steeds verder uitdijende mediacultuur.</p></blockquote>
<p>De beeldend kunstenaar in traditionele zin zal weldra definitief tot het verleden behoren. De beeldende kunst zal zich niet alleen gaan richten op een kritisch commentaar op de &#8216;plaatjesmaatschappij&#8217;, maar die tot reflectie aanzetten. Beelden die met kritische informatie taal zijn doordrenkt. Geletterde beelden. Intelligente beelden. Beelden die willen ontsnappen aan het medium waarmee ze steeds meer gaan samenvallen. De essentie van de moderne kunst was een zelfkritiek van het medium ‘kunst’. De kunst als medium moest gezuiverd worden van alles wat niet eigen was aan het medium zelf, waarbij de mimetische functie van het beeld als eerste werd weggezuiverd. Het ging om vlak, proportie, balans, harmonie en compositie en formele constructie. In die zin beleven we in de kunst niet het einde van de moderniteit, maar staan we aan de vooravond van de doorstart daarvan. Het postmodernisme met zijn woekering van beeld-citaten was slechts een kortstondig intermezzo.</p>
<p>De kunst wordt mediakritiek en mediakritiek wordt kunst. De esthetische dimensie van de kunst van weleer daarentegen verplaatst zich naar &#8216;het echte leven&#8217;. Dat wil zeggen: het leven dat als &#8216;echt&#8217; moet worden ervaren, maar dat allang niet &#8216;echt&#8217; meer is. In de controle-maatschappij van <em>Big Brother</em> is de schijn &#8216;echt&#8217; geworden. De schoonheid van &#8216;het echte leven&#8217; is de nieuwe esthetica. Kunst wordt levenskunst, dat wil zeggen: <em>lifestile. </em>De cultivering van het esthetische dimensie in het bestaan is een substituut geworden voor een gebrek aan teleologie, een diep ervaring van gebrek aan zin, doel en bestemming. We weten niet meer waar we naar toe gaan en waar we vandaan komen. Daarom moet het het leven zelf een kunstwerk worden, een esthetische ervaring, <em>l&#8217;art pour l&#8217;art. </em>We worden geacht te leven omwille van de schoonheid van het leven zelf, ongeacht de ideologische superstructuur die nog altijd &#8211; en misschien zelfs meer dan ooit tevoren &#8211; in ons verlangen naar schoonheid verborgen ligt.</p>
<p><object width="480" height="390" classid="clsid:d27cdb6e-ae6d-11cf-96b8-444553540000" codebase="http://download.macromedia.com/pub/shockwave/cabs/flash/swflash.cab#version=6,0,40,0"><param name="allowFullScreen" value="true" /><param name="allowscriptaccess" value="always" /><param name="src" value="http://www.youtube-nocookie.com/v/GIus7lm_ZK0?fs=1&amp;hl=en_US&amp;rel=0" /><param name="allowfullscreen" value="true" /><embed width="480" height="390" type="application/x-shockwave-flash" src="http://www.youtube-nocookie.com/v/GIus7lm_ZK0?fs=1&amp;hl=en_US&amp;rel=0" allowFullScreen="true" allowscriptaccess="always" allowfullscreen="true" /></object></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.huubmous.nl/2011/04/09/levenskunst-in-de-tijd-van-big-brother/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>2</slash:comments>
		</item>
	</channel>
</rss>

