2006

blauwverlaat.jpg

Het is vrijdag 1 september. Plaats van handeling: het café in Blauwverlaat. Langs de vaarweg tussen Lemmer en Delfzijl staan 84 schrijvers. Het was een hele toer om dat zover te krijgen. Het project was bedacht door Sjaak Langenberg en Vanessa van Dam. Met de organisatie zijn we een paar maanden bezig geweest. Voor mij was het de laatste keer dat ik zo’n groot project mede mocht organiseren. Nog één keer voelde ik de adrenaline door mijn lijf gieren. De ‘flow’ van dit soort gebeurtenissen zal ik straks nog het meest gaan missen. Ik hou van de superstress waarmee zoiets gepaard gaat. De angst dat het allemaal goed mis kan gaan. Als je dan alles onder controle hebt, geeft dat een enorme kick die moeilijk valt uit te leggen. Daarnaast was ik de dag ook nog eens de Tom Tom van Amarins. Maar er gebeurden ook minder leuke dingen dat jaar. In april had ik uit betrouwbare bron had ik vernomen, dat het nieuwe bestuur van het Frysk Festival mij een ‘sta in de weg’ vond. ‘Die Mous van Keunstwurk zit daar al meer dan 25 jaar en houdt alles tegen’, zo werd er beweerd. Toen ik tegenover mijn werkgever mijn verontwaardiging uitte over deze belediging, kreeg ik te horen dat iemand zoiets kan verwachten, als hij zich zoals ik gedraagt in de publiciteit. Dat was voor mij de limit. Ik schreef een open brief naar alle media en begreep donders goed dat je zoiets maar één keer kunt flikken. Voortaan zou ik braaf mijn tijd moeten uitzitten. Ik moest oppassen om niet nog meer kleerscheuren op te lopen. ‘Huub de moedige.’ schreef de opeens milde Rimmer Mulder in de Moanne. Hij veronderstelde dat ze bij Keunstwurk ook geen raad meer wisten hoe ze met die Mous moesten omgaan. Dat was fijntjes opgemerkt van de hoofdredacteur. Er is een tijd van komen en een tijd van gaan. Ik nam definitief mijn besluit om gebruik te maken van de mogelijkheid om vervroegd met pensioen te gaan. Ik voelde mij verlaten als een dovende ster aan de hemel.

Laat een reactie achter

(verplicht)

(verplicht, wordt nooit weergegeven)