De structuren van het geweld

(1) Toiletten in Parijs hebben vaak de eigenaardigheid, dat het licht pas opgaat als je de deur op slot doet. Toen ik voor dit dilemma werd geplaatst, zag ik mijn lot onder ogen en koos voor de duisternis, waarna terstond het verlossende licht opstak. Een oplossing van een probleem kun je soms alleen zien door af te zien van een oplossing. (2) Een ander voorbeeld. Een arbeider, die al een tijd lang verdacht werd van diefstal, werd elke avond als hij zijn kruiwagen de fabriek verliet nauwkeurig geïnspecteerd. De bewakers konden niets vinden. De kruiwagen was altijd leeg, totdat uiteindelijk toch het kwartje viel: de arbeider stal de kruiwagens zelf. (3) Nog een laatste voorbeeld, een man die zijn tuin van een nieuw terras wilde voorzien, zag op een bouwplaats een stapel stoeptegels. ’s Avonds laat reed hij er met de auto naar toe en laadde de tegels een voor een in zijn achterbak. Een politiewagen kwam langs en de man werd gevraagd wat hij hier aan het doen was. ‘Ik moet wat oude tegels kwijt,’ zei de man, ‘en ik dacht die kan ik hier mooi dumpen.’ Hij werd gesommeerd tegels in te laden en snel weer naar huis te gaan.
Drie voorbeelden van een misverstand. Er wordt een conclusie getrokken, die volledig gerechtvaardigd lijkt, maar toch geheel ongegrond is Ik vrees dat heel wat menselijke conflictsituaties op dergelijk misverstanden berusten. Een mens is geneigd om verkeerde conclusie te trekken, uit waarnemingen die foutief worden geïnterpreteerd. Om een voorbeeld te noemen. In een werksituatie weigert iemand om iets te doen, als hij door zijn chef daar om gevraagd wordt. Zijn chef vraagt het nog eens en krijgt wederom een bits ‘nee’ te horen. Conclusie: werkweigering en ontslag. Als de chef zich had afgevraagd, waarom zijn werknemer zich zo irrationeel en agressief gedroeg, dan had hij misschien ontdekt dat de sfeer op het werk totaal verziekt was mede door zijn zwakke manier van leiding geven. De situatie wordt dus verkeerd geïnterpreteerd. Het impliciete probleem wordt niet waargenomen, en op grond van het ‘oppervlakte-probleem’ wordt een besluit genomen, dat de situatie alleen nog maar erger maakt.
Kortom, veel problemen en conflicten hebben een oppervlaktestructuur en een dieptestructuur. De dieptestructuur wordt vaak niet waargenomen. Soms wordt die dieptestructuur wel degelijk gezien, maar is het niet opportuun om daar al te veel aandacht aan te besteden. Neem nou het internationale terrorisme van Al Qaida. Iedere deskundige op dit gebied kan je vertellen, dat je dit soort terrorisme niet met een conventioneel middel als een grondoorlog kunt bestrijden. De vijand is immers geen natiestaat maar een flexibele organisatie die zich als een onzichtbaar netwerk van cellen internationaal heeft verspreid. Toch wordt er besloten tot een jarenlange grondoorlog die vele slachtoffers eist. Het oppervlakteprobleem is immers makkelijker op te lossen dan het diepteprobleem. Bovendien hoef je zo niet na te denken, waarom terroristen eigenlijk terroristen worden. Misschien is het systeem, dat je tegen het terrorisme wilt verdedigen, wel totaal verziekt en wil je dat zelf niet weten.
Nog een laatste voorbeeld: de globalisering. Veel mensen vinden dat de beste oplossing van het probleem van de globalisering de globalisering zelf is. Dit rampzalige proces, dat een spoor van ellende in de derde en vierde wereld achterlaat heeft inmiddels zijn eigen remedie, namelijk: de vrije-markteconomie, die alle verschillen uiteindelijk zal rechttrekken. Er zijn ook mensen die het hier niet mee eens zijn, zoals Naomi Klein bijvoorbeeld. Deze mensen noemen zich ‘anti-globalisten’ en tegenwoordig worden ze ook wel ‘anders-globalisten’ genoemd. Er zijn ook mensen die zichzelf ‘idealistische globalisten’ noemen. Ze zijn eerst puissant rijk geworden door de globalisering en gaan daarna de liefdadigheid prediken, zoals Bill Gates en George Soros. ‘De winst gaat voor de gift uit’ is hun lijfspreuk, zoals bij de kapitalisten van de oude stempel de kost voor de baat uitging.
Er is nog een groep en die noemen zich ‘liberale communisten’. In feite zijn ze een nieuw soort globalisten, maar ze gaan vermomd in een pakket mooie idealen zoals duurzaam ondernemen en de voor iedereen vrij toegankelijke nieuwe internet-economie. De Franse socioloog Olivier Malnuit heeft de tien geboden van deze nieuwe ‘liberale communisten’ onlangs als volgt geformuleerd:
(1): Geef alles voor niks (gratis toegang, geen copyright); breng alleen de bijkomende diensten in rekening, wat je alleen maar rijker zal maken. (2): Verander de wereld, verkoop niet alleen dingen: een algemene revolutie, een verandering van de maatschappij, zal de dingen verbeteren. (3): Zorg en deel, en wees je bewust van je sociale verantwoordelijkheid.(4) Wees creatief: richt je op design, nieuwe technologieën en kennis. (5): Zeg alles: er zullen geen geheimen. Onderschrijf en beoefen de cultus van transparantie, de vrije informatiestroom. De hele mensheid zou moeten samenwerken en met elkaar in wisselwerking staan. (6): Neem geen van negen tot vijf baan. Houd je alleen bezig met geïmproviseerde communicaties die smart, dynamisch en flexibel zijn. (7): Ga terug naar de schoolbank en doe aan permanente educatie. (8): Handel als een enzym: werk niet alleen voor de markt,maar initieer nieuwe vormen van sociale samenwerking. (9): Sterf arm: geef je geld aan degenen die het nodig hebben, want je hebt meer dan je ooit uitgeven. (10) Sta in voor de staat: breng het partnerschap van bedrijven en de staat in bedrijf.
Ik kwam deze tien geboden tegen in het nieuwste boek Geweld van de Sloveense filosoof Slavoi Žižek. Žižek heeft het niet zo op deze liberale communisten. Volgens hem ontkennen ze een vorm van geweld die in het systeem van de globalisering zelf zit ingebakken. Je hebt drie soorten geweld: (1): Fysiek of subjectief geweld, (2): het symbolisch geweld van de taal en (3): het systematische of objectieve geweld, dat in een systeem verscholen zit en doorgaans onzichtbaar blijft voor wie het niet wil zien. Het is de kruiwagen waarmee de stelende arbeider elke keer de fabriek uitloopt. De stapel stenen die wordt met ingeladen onder het oog van de politieagent, en het knopje van het licht op de WC dat maar niet aan wil gaan. Sommige problemen kun je niet aan de buitenkant van een situatie herkennen. Die problemen zitten ingebakken in de situatie zelf en de foutieve oplossing is meestal in het belang van degene die er baat bij heeft, dat het probleem in kwestie in zijn ware gedaante blijft voortbestaan.
A. H. Stucki
12 oktober 2009 op 04:35
Wind; knaag maar aan mijn ramen van vergetelheid, uw koude zal mij niet deren, daar mijn hart reeds verstild is van pijn en wonderen.
Water; verdoe mij in uw poelen van verderf en stort mij in afgronden van reeds vergane droomkadavers, opdat uw krachtige ijdelheid uzelve zal verstenen met uw veile wulpse kwijlzee van velen.
Aarde; mocht u mij verpozen met de harde onverbiddelijkheid van uw diepten, weet dan dat uw leegten grootser zijn dan de verzindende hitte uwer woestijnen; let wel;
tevens zult ook u uzelve verstikken in uw eigener opgeroepene materie.
Vuur; verbolg u in het weten uwer vlammenzee en doe vulkanen magma kotsen uit de rode armen uwer prachtige toornigheden van waaruit gij mij tracht te verteren.
Weet echter, ook vriend ether met uw allesdoordringende verpestte lijkrottingslucht, waarde elementen en verder alle elementalen, dat dit sujet ongenaakbaar onverbiddelijk zal blijven in Zijn en Eeuwigheid, maar vooral vol van Liefde in Zijn Naam, Wiens Naam Onaantastbaar is.
Dei Gloria Intacta.
26 februari 1997
Alfred H. Stucki
oscar
23 oktober 2009 op 11:35
Er wordt niet gevochten om het terrorisme en Al Qaida te bestrijden, Al Qaida en het terrorisme zijn een pretext om een eeuwige oorlog te blijven voeren.
Huub Mous » Verlangen naar een betere wereld
11 november 2009 op 11:50
[...] zijn boek Geweld (2009) wijst de Sloveense filosoof Salvoi Žižek op het sleutelmoment, dat eigen is aan iedere [...]