Huissen na de oorlog

_gul001192101ill64

Paterskerk Huissen, rond 1950

Karst T., de dader van de aanslag op koningin Beatrix, woonde aan de Bruchtgracht in Huissen, een klein plaatsje onder de rook van Arnhem. Tegenwoordig heeft Huissen zo’n zeventienduizend inwoners, maar in de tijd dat ik er vaak kwam, in de jaren vijftig, moeten dat slechts een paar duizend zijn geweest. Je liep er in een uur omheen. Over de dijk langs de Rijn, waar je ook bij het Loo-veer kon komen. Ik heb daar nog eens aan de hand van mijn vader door de uiterwaarden naar de rivier gelopen. Huissen was in die tijd een beetje achterlijk stadje aan de rivier, maar ook een plek waar altijd wat te doen was. Als het geen lustmoord was, dan toch zeker een slepende vete die de gemoederen jarenlang bezig hield. Nagenoeg iedereen was katholiek in het dorp.

Huissen is altijd al een eigenaardig plaatsje geweest. In 1502 wilden de heerser van Gelderland de stad veroveren. Die aanval hebben de Huissenaren manmoedig weten te pareren. Later, na de tachtigjarige oorlog, werd het een katholieke enclave in het protestantse Nederland. Drie tantes van mij woonden in Huissen. Ze waren ongetrouwd gebleven en bij elkaar waren gaan wonen. Ze hadden een kast van een huis aan de Laak nummer 7, een lange laan met grote bomen aan de rand van het dorp,  die later de Huismanstraat is gaan heten. Twee jaar achtereen – in 1958 en 1959 – heb ik hier zelfs de hele zomervakantie doorgebracht, zes weken lang. Ik ken dit dorp dus als mijn broekzak. Tenminste, het dorp van toen. Er is veel veranderd tegenwoordig. Huissen is helemaal dicht gebouwd. Het landelijk karakter van de omgeving met zijn Betuwse boomgaarden heeft langzaamaan plaatsgemaakt voor een druk forensenstadje dat geheel tegen Arnhem is aangebouwd.

216041139cfglfo_fs

Loo-veer in de Rijn, bij Huissen

Huissen heeft zwaar te lijden gehad onder de oorlog. Het lag precies in de frontlinie ten tijde van de slag om Arnhem. De Duitsers hebben hier een kampement gehad en de bevolking werd maandenlang geheel geëvacueerd. Ook  mijn tantes moesten toen hun huis verlaten. Bij mij thuis staat nog altijd het penantkastje dat de oorlog in Huissen heeft overleefd en ik uiteindelijk heb geërfd. In het houten blad zit een grote barst die veroorzaakt werd doordat de Canadezen, die later het dorp bezet hielden, hier op hebben gekookt. Op de begraafplaats is een massagraf voor de omgekomen Huissenaren. De dorpskerk werd zwaar getroffen door bombardementen en het heeft jaren  geduurd voordat de kerktoren weer kon worden opgebouwd.  Overal in het dorp kon je nog sporen zien waar de granaten destijds waren ingeslagen.

De jaren vijftig werden in Huissen overschaduwd door een kerkelijk conflict dat landelijke proporties aannam. Er waren twee kerken in het dorp. De parochiekerk die werd beheerd door zogeheten ‘wereldheren’ was weinig geliefd. De meeste dorpsbewoners gingen naar de paterskerk van de Dominicanen, die zich aan de Kloosterlaan bevond. De paters konden beter preken en dus zat deze kerk elke zondag tot de nok toe vol. Dat leidde tot scheve ogen bij de wereldheren die zich ging beklagen bij de bisschop in Utrecht. Daar zat kardinaal De Jong nog in die tijd , maar hij werd bijgestaan door een hulpbisschop, de latere kardinaal Alfrink.

Deze opereerde weinig tactisch in het gerezen conflict. Er lag al jarenlang de afspraak dat de druk bezochte kloosterkerk zou worden gesloten, en zo gebeurde dus ook op bevel van hogerhand. Alfrink dreef de sluiting door tegen de wens van de bevolking van Huissen, die op Driekoningenavond 1952 de kerkdeur met bijlen en breekijzers forceerde. Nog altijd zijn in de grote houten kerkdeur van de paterskerk de sporen te zien van deze aanslag. De zaak trok veel aandacht in de landelijke pers en bezorgde Alfrink in die tijd een slechte naam. Ik kan me nog herinneren dat bij de dood van Alfrink een documentaire op tv was te zien, waarin deze zaak nog aan de orde kwam als een laatste stuiptrekking van Het Rijke Roomse Leven. Het conflict liet diepe sporen na in de dorpsgemeenschap die nog jaren nadien in twee kampen verdeeld was. Zo kwam na de oorlog een nieuwe oorlog.

41182-a0efee80de3a90fad0d796b01b2073c7

Huissen in 1945

Mijn drie tantes hadden zich openlijk gemengd in het conflict  Ze kozen onomwonden de kant van de wereldheren en waren tegen de paters dus. Ze kwamen uit Arnhem en voelden zich altijd een beetje boven de dorpelingen verheven. In hun ogen was het maar een barbaars gedoe zoals die zich hadden gedragen. ‘Wij intellectuelen, wij pikken dit niet!’ Ik hoor het tante Door nog zeggen. Ze was wijkverpleegster en wist dus alles wat er in het dorp omging. Alle achterklap kwam haar ter ore en wat ze niet wist kon tante Luus wel vertellen, want die was onderwijzeres bij de nonnen op de dorpsschool, waar de kinderen van alle dorpsbewoners vroeg of laat in de schoolbanken zaten. Zo kwam ik in die dagen heel wat te weten over Huissen en zijn eigenaardige bewoners. De Burchtgracht ligt direct achter de Kloosterlaan, zo zag ik gisteren op Google-maps. De geschiedenis herhaalt zich dus. Het is daar nog altijd niet pluis in Huissen.

7 Reacties »

  1. Henk

    4 mei 2009 op 12:13

    huissen is een stad!!!

  2. Huub Mous

    16 mei 2009 op 11:20

    Oeps, foutje!

  3. Huub Mous » De terugkeer van de witte walvis

    30 augustus 2009 op 06:33

    [...] Dat zal dus Pannerden zijn. Ik ken dat plaatsje goed, want mijn drie tantes woonden destijds in Huissen aan de Rijn en van daaruit fietsten we wel eens naar Pannerden. Wonderlijk genoeg kan ik me zelf [...]

  4. Huub Mous » De affaire Anneke Beekman

    15 december 2009 op 11:28

    [...] die eerste naoorlogse jaren opgeschrikt door twee akelige affaires. In het kleine Gelderse plaatsje Huissen kwamen de gelovigen in opstand tegen de sluiting van de kapel, die al sinds jaar en dag beheerd [...]

  5. gerd

    23 oktober 2010 op 21:34

    Mooi stukje geschiedenis, maar verander alsjeblieft het woord dorp in stad (Huissenaren knipperen altijd met de ogen als ze dit lezen of horen!) Woonde jouw tantjes soms in de Huismanstraat, in het huis dat bekend stond als het huis “van de zes blanke billen”?

  6. Huub Mous » Ook toen stond de tijd stil

    16 november 2010 op 00:03

    [...] was mijn vader nog heel vitaal. Ik herinner mij dat wij samen wel eens wandelden in de omgeving van Huissen. Mijn vader wilde de Rijn zien. Zo liepen wij dwars door de uiterwaarden en klommen zo nu en dan [...]

  7. Huub Mous » A room with a view

    27 september 2011 op 11:17

    [...] de verte de elektriciteitscentrale van Nijmegen zien liggen. Met helder weer is zelfs de toren van Huissen te zien, het plaatsje onder Arnhem, waar ik als kind vaak bij mijn tantes logeerde. Helemaal rechts [...]

Laat een reactie achter

(verplicht)

(verplicht, wordt nooit weergegeven)